null Beeld Humo
Beeld Humo

Tussen Hemel & HelChristophe Vekeman

‘Van Cara Pils kun je uren en uren drinken zonder echt dronken te worden. Heerlijk!’

Om even uit te blazen van het noeste gezwoeg op z’n nieuwste wereldroman steekt Christophe Vekeman, de Hillbilly Shakespeare van de Lage Landen, een kloeke sigaar in brand, waarna hij, op de tonen van George Jones’ ‘(When the Phone Don’t Ring) It’ll Be Me’, twee frisse blikjes Cara Pils uit de koelkast licht en beleefd tegen de rand van z’n Stetson tikt: ‘Santé.’

CHRISTOPHE VEKEMAN «De hemel op aarde stel ik me voor als een milde, hangmatachtige vorm van verveling. Peace in the valley: dat idee. Geen pijn, zorgen of ambities, en dus ook geen frustraties die per definitie met ambities gepaard gaan. Je zit goed als je het gevoel hebt dat elke verandering er één te veel is. Dat gevoel heb ik de laatste jaren gelukkig vrij vaak, want ik heb het afgeleerd om mezelf met de ‘nooit genoeg’-frustratie op te zadelen. Mocht ik op dit eigenste moment telefoon krijgen vanuit Stockholm – ‘Beste Christophe Vekeman, u wint tot eenieders verbazing de Nobelprijs voor Literatuur’ – dan zou mijn eerste reactie zijn: ‘Goh, gaat dat niet wat veel drukte met zich meebrengen?’ Ze kunnen hem, met andere woorden, in hun reet steken.»

HUMO Beschrijf je hel op aarde eens?

VEKEMAN «In tegenstelling tot het cliché vriest het in mijn hel. Er weerklinkt onophoudelijk luide, geestdodende, Daft Punk-achtige teringherrie en het stikt er van de mensen die voortdurend vragen waar mijn paard is, of me op triomfantelijke toon meedelen dat ze nog nooit een boek van mij hebben gelezen, dan wel – nog erger – dat ze er niet doorheen komen vanwege de lange zinnen. Vervolgens beland ik in een theatervoorstelling die even schabouwelijk blijkt te zijn als ik op voorhand had gevreesd. Ik zit op de derde rij, pal in het midden, en de hoofdrolspeler is een vriend, dus ik kan niet weg.»

HUMO Gebeurt het vaak dat mensen je naar je paard vragen?

VEKEMAN «Vrijwel dagelijks. Ik repliceer dan ofwel met een droog ‘Mijn paard is dood’, kwestie van het gesprek een licht tragische wending te geven, ofwel met een gevat ‘Mijn paard staat naast jouw tractor’. ‘Hey, Cowboy Henk!’ wordt me ook weleens toegeroepen wanneer ik mijn hoed op heb: dat vind ik pas echt een stupiditeit eersteklas, want Cowboy Henk ziet er helemaal niet uit als een cowboy. Sterker: ik lijk veel meer op Cowboy Henk wanneer ik mijn hoed áfzet.»

HUMO Waar erger je je nog meer aan?

VEKEMAN «Aan aanhoudend slecht weer. Zeer deprimerend, temeer omdat je er niemand voor met de vinger kunt wijzen. Al is de ergernis in mijn geval soms zodanig groot dat ik dat toch doe, en hardop loop te foeteren: ‘Als dit kutweer nu nog twee dagen blijft aanhouden, weet ik wel op wie ik de volgende keer stem!’

»Verder erger ik me ook aan mensen – in Gent heb je er helaas nogal veel – die kwaad naar me loeren omdat zij zich op een fietszadel bevinden en ik achter het stuur van een wagen zit. Vroeger vond je zure mensen vooral aan de rechterkant van het politieke spectrum; ik heb het gevoel dat de zurigheid zich de laatste jaren heeft uitgebreid tot de ‘progressieve’ groep. Het idealisme van die mensen heeft iets vijandigs, iets asociaals gekregen, wat natuurlijk contraproductief werkt: met een opgestoken wijsvingertje oogst je een opgeheven middelvinger. Maar daar trekken ze zich niets van aan: het is hun niet te doen om een betere wereld, ze willen zich enkel beter wanen dan de rest van de mensheid.»

HUMO Op welke momenten ergert je omgeving zich aan jou?

VEKEMAN «Mijn vrouw en ik zijn lid van de Cowboycommissie, een zootje ongeregeld dat zich als cowboys en cowgirls pleegt uit te dossen. We hebben ook allemaal een cowboynaam: ik heet Buck en mijn vrouw Mikki Lawless, en er zit ook een Brother John bij. Veel meer dan op caféterrassen kabaal maken en zo nu en dan een verdwaalde indiaan doodschieten doen we eigenlijk niet, maar ’t is net met dat kabaal dat we ongetwijfeld weleens iemand op de zenuwen werken. Ik zou mezelf óók doodergeren aan een stel joelende Vlaamse cowboys wanneer ik op een terrasje rustig de krant zat te lezen.»

HUMO Wat drink je op dat terras het liefst?

VEKEMAN «Cara Pils. Alleen heb ik tot nog toe enkel in een zoete droom mogen beleven dat een café dat godenbrouwsel op de tap had.

»In Amerika heb ik ooit Coors Light en Lone Star Light ontdekt: pilsbier met een wat lager alcoholpercentage dan gemiddeld. Cara Pils is wat mij betreft het Belgische equivalent: ’t heeft een alcoholpercentage van 4,4 in plaats van het gebruikelijke 5,2, waardoor je er uren en uren van kunt drinken zonder echt dronken te worden. Heerlijk!»

HUMO Van drinken krijgt een mens scheurende honger. Wat schaft de pot?

VEKEMAN «Maakt niet uit, zolang het maar ordinair, ongezond en tot berouw stemmend is. Frieten met mayonaise, dubbele hamburgers met extra kaas, veel te vette afhaalpizza’s, you name it. Ik kan er ook niet aan doen: in culinaire hoogstandjes ben ik nu eenmaal niet zo geïnteresseerd. Het enige waarin ik mezelf een zekere verfijning zou durven toedichten, zijn Cubaanse sigaren. Niks zaliger dan tijdens het aperitiefuurtje een Churchill van Romeo y Julieta of een Partagas D4 uit mijn humidor te nemen en plechtig op te steken. Een Cara erbij, en let’s call it a day.»

HUMO Welk boek ligt op dit moment op je nachtkastje?

VEKEMAN «‘Behind Closed Doors: Talking with the Legends of Country Music’, een bundel interviews van Alanna Nash met de groten der country & western, zoals Dolly Parton en Merle Haggard.

»Een paar maanden geleden werd ik op de Gentse Vrijdagmarkt aangesproken door een oudere man, een ex-kolonel van het Belgisch leger. Hij wilde afstand doen van zijn boeken over countrymuziek, vertelde hij me, en ze schenken aan iemand van wie hij veronderstelde dat die er blij mee zou zijn. Zeer terecht zag hij in mij de uitverkorene: vandaar dus dat boek. In de inleiding ben ik al te weten gekomen dat de grote outlaw-artiest David Allan Coe een spin zou hebben laten tatoeëren op zijn private delen. En dat, toen de weduwe van Hank Williams werd begraven, de naast haar open kist staande dominee eer betuigde met een eigen versie van Hanks ‘Hey Good Lookin’ (Watcha Got Cookin’)’. Zulke weetjes maken mijn dag goed.»

HUMO Wat bezorgt je geestelijk genot?

VEKEMAN «Schaken. Als ik kan opscheppen, laat ik de kans niet liggen: in mijn tienerjaren was ik een vrij begenadigd clubspeler, en heb ik zelfs eens het jeugdkampioenschap van Oost-Vlaanderen gewonnen. Daarna verwaterde mijn interesse wat, ik weet niet goed waarom. Maar inmiddels heb ik de smaak weer te pakken, mede dankzij de voortreffelijke serie ‘The Queen’s Gambit’. Op dit moment schaak ik vooral online, op chess.com, een site die op basis van je quotering wereldwijd een geschikte tegenstander uitkiest. Ik win vrij vaak, al vind ik het soms jammer dat schaken een sport is en geen kunst: het wedstrijdelement doet mijns inziens afbreuk aan de intellectuele en esthetische schoonheid die het me verschaft.»

HUMO Wat verschaft je het hoogste lichamelijke genot?

VEKEMAN «Lichamelijk genot heeft iets beschamends, vind ik: ’t is niet iets waarop een fatsoenlijk mens zich behoort te laten voorstaan. Het is dus met het nodige schaamrood op de wangen dat ik moet toegeven dat ik aan de lichamelijke liefde verslingerd ben. Ik maak daarbij wel de kanttekening dat ik het heiligschennend vind om seks tot lichamelijk genot te reduceren. Al kan ik ook weer niet om het motto van de grote Jan Cremer heen, in deel twee van ‘Ik, Jan Cremer’: ‘De liefde is een tijdverdrijf / Men neemt daarvoor het onderlijf’.»

HUMO Kom maar op dan met die favoriete onenightstand.

VEKEMAN «Vier jaar geleden woonde ik in de N9 in Eeklo een optreden bij van de americanaster Fred Eaglesmith. ’t Was een regelrechte tegenvaller, maar dat lag zeker niet aan Freds echtgenote Tif Ginn, een vals blonde, aanzienlijk jongere cowgirl uit Texas die hem op het podium bijstond door rechtstaand te drummen – op zich al behoorlijk geil. Ze drumde en zong uitstekend, maar haar muzikale capaciteiten werden na verloop van tijd bijzaak: ik had alleen nog oog voor háár. Ik zou dus voor Tif Ginn gaan, ook om Fred Eaglesmith terug te pakken. Want toen ik na het optreden nog eventjes met Tif Ginn stond te praten – connecties – duurde het nog geen vijftien seconden of die onverzorgde, agressieve, intellectueel minderbegaafde, op het enggeestige af bekrompen, met een beneden gemiddeld uiterlijk behepte, zelden goed bij stem zijnde boerenlul kwam met z’n rotkop pontificaal tussen ons in staan, met zo’n air van: één woord te veel, en het kot is hier te klein. Mijn wraak zou bijzonder zoet zijn, door met Tif de koffer in te duiken.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234