'Vier haantjes, waaronder één hen' Dwarskijker over 'The Voice van Vlaanderen' en 'Humo's Rock Rally 1978-2016' en 'Glammertime'

Debuteren na je 40ste, als je gesetteld bent of met wederzijdse toestemming gekortwiekt, doe je volgens mij niet ongestraft.


'The Voice van Vlaanderen' en 'Humo’s Rock Rally 1978-2016'

VTM & Canvas – 8 april

Laat ik even mezelf citeren, om erger te voorkomen: ‘Pas na gedane arbeid, dokter, word ik arbeidsvreugde gewaar.’ Vandaar ook dat ik op maandagochtend al naar het weekend begin uit te zien, een proletarisch verlangen dat de kwintessens van de jubelende popsong ‘Friday on My Mind’ van The Easybeats is. Stevie Wright, de leadzanger van dit Australische kwintet, overleed vorig jaar, twee dagen na Kerstmis, aan de gevolgen van zijn demonen. Hij was 68. Er komt maar geen eind aan dat eeuwige gesterf.

De jongste tijd luidt ‘The Voice van Vlaanderen’ in mijn privésfeer, een bunker, elke vrijdagavond het weekend in. Louter voor mijn plezier naar dit programma kijken, zonder ondertussen over míjn wereld en dé wereld te tobben, lukt me steeds beter. Over ‘The Voice’ is alles al tot vervelens toe gezegd en geschreven, en nu dít nog: aangezien ik trager van begrip ben dan ik ooit publiekelijk zou toegeven, daagde het me pas onlangs dat de deelnemers aan dit zangconcours vooral pionnen zijn in het gezelschapsspel van de coaches. En die coaches zijn dan weer professionele aandachttrekkers die hun competitiegeest in arglistige hoffelijkheid wikkelen. We zien vier als dusdanig herkenbare haantjes, de hen meegerekend, die in dit programma al bij al een onderhoudende samenloop van persoonlijkheden vormen. Voor alle duidelijkheid: de hen is de tweede van links. De vier haantjes, waaronder één hen, zijn de eigenlijke deelnemers aan dit concours.

Nu de zogeheten battles aan de gang zijn, weet ik weer dat ik in ‘The Voice…’ vooral plezier beleef aan de roterende oorfauteuils en dus aan de blind auditions. ‘Blind auditions’ is tegenwoordig blijkbaar een onvertaalbaar begrip. ’t Kan altijd nog erger, maar wie geen graten ziet in battelen, battelde, gebatteld, moet voor mijn part zonder vorm van proces getuchtigd worden met een rietje van rotan. Uiteraard met de billen bloot en voor het kille glazen oog van de camera. In het geval van An Lemmens kan dat het kijkcijfer alleen maar ten goede komen, vermoed ik. Ook in dezen ben ik geen specialist.

Goedgelovige zielen nemen aan dat het in ‘The Voice…’ om niets anders dan de kwaliteit van de zangstem draait, maar dat de gemiddelde coach de verpakking van een zangstem voor lief zou nemen, lijkt me zodanig in strijd met de aard van het beestje dat het me weinig menselijk toeschijnt. De zogeheten battles zijn dan ook een mooie gelegenheid om onwelgevallige zangers of zangeressen tactisch en zo terloops mogelijk je team uit te werken. Het verbaasde me dan ook dat Bart Peeters tot twee keer toe met vochtige ogen en met enigszins verstikte stem afscheid nam van een teamlid. Nu ja, er de uiterlijke kenmerken van ontroering uitpersen op de televisie wekt altijd sympathie bij het ruime publiek, en Bart Peeters kent onderhand wel alle knepen – of zijn het listen? – van de showbizz. Ieder zijn vak. Ik wou dat ik zo’n vak had.

Laat ik alvorens van dit onderwerp weg te hollen nog even stilstaan bij kandidaten van boven de 40 die een nette baan met mooie vooruitzichten hebben, maar ook tijdens hun werkuren van een zangcarrière en de bijbehorende ovaties op braderijen zitten te dromen. In de kamer die in ‘The Voice…’ ingeruimd is voor familieleden en vrienden van de kandidaat, hebben diens vrouw en kinderen naast An Lemmens postgevat, die nu eens voor onvoorwaardelijke fan, dan weer voor troosteres der bedrukten moet spelen. Ik probeer het strenge rietje van daarnet even uit mijn gedachten te bannen, wat vreemd genoeg niet makkelijk blijkt te zijn. Terwijl de kandidaat zich op straffe van zuurstoftekort uit de naad aan het zingen is en de coaches, alvorens zich om te draaien, één voor één, en tegen elkaar op, onnodig hard op de drukknop dreunen, zie je dat de echtgenote van de zanger zich steeds meer moet inspannen om enthousiast te lijken. ’t Is veeleer alsof ze onbehagen moet verbijten nu haar man met succes te kampen heeft. In gedachten ziet ze hem al zingend uit het gezinsleven opwieken, en reken maar dat ze dat niet wil. Dit tafereel, dat narigheid voorspelt, heb ik in deze editie van ‘The Voice…’ al een paar keer geregistreerd. Debuteren na je 40ste, als je gesetteld bent of met wederzijdse toestemming gekortwiekt, doe je volgens mij niet ongestraft, al was het maar omdat het dan te laat is voor een debuut in alle vrijheid.

De zangers en zangeressen die op ‘The Voice…’ afkomen, zijn alleszins van een andere natuur dan de bands die aan Humo’s Rock Rally proberen deel te nemen. ‘The Voice…’ is meer een onweerstaanbaar televisieprogramma dan dat het ooit een springplank zou zijn voor het soort muzikanten waar ik het liefst mijn snelvlietende tijd mee zoek maak. Humo’s befaamde Rock Rally is, zowel voor de laureaat als voor de rest van de finalisten, heel vaak de onmiskenbare dageraad van een scheppend en avontuurlijk bestaan in de muziek. Dit jaar greep de 20ste editie plaats – er zijn dus veertig jaar verstreken sinds Humo’s eerste Rock Rally in 1978, toevallig een jaar met een eindeloze zomer en een aanslepende hittegolf waarin ik bandeloos jong was. Ik trok dat jaar de wijde wereld in en ergens tussen Denderleeuw en Gent, in een stilgevallen boemeltrein, dacht ik dat de korenvelden vlam hadden gevat. Het was de hitte maar, en slaapgebrek. Die zomer keek ik geen televisie.

‘Humo’s Rock Rally 1978-2016’, een special van Tomas De Soete, Steffen Verpoorten en Bertrand Lafontaine opende met een panoramisch beeld van een landbouwgebied. Daarna zagen we een anonymus in enkele extreme close-ups een bas inpluggen. Die handeling voltrok zich vermoedelijk in een met piepschuim en eiertrays geïsoleerd schuurtje ergens in de overbemeste binnenlanden van Vlaanderen, zo’n bolwerk waarin een bandje een toekomst aan het verzinnen is die, als alles volgens plan verloopt, met Humo’s Rock Rally een aanvang zou moeten nemen.

In deze special werden enkele alumni van Humo’s Rock Rally sprekend opgevoerd. Allemaal zetten ze het op een glunderen toen ze zich hardop één van de mooiste lentedagen uit hun jeugd herinnerden: die keer toen ze op het podium van de AB in Brussel bleken te staan en bij monde van Guy Mortier vernamen dat ze Humo’s Rock Rally hadden gewonnen. De hemel scheurde open en het begon bier te regenen. Joost Zweegers had de uitvergrote cheque nog, een ritueel object uit de liturgie van Humo’s Rock Rally. Bovendien bezat hij ook het banier dat op de achtergrond hing toen Novastar schitterde tijdens de finale in 1996, alweer 20 jaar geleden. Guy Mortier, die ik langs deze weg groet, had er ook nog iets aardigs op geschreven, dat Joost Zweegers nog meer deed glunderen. Mauro Pawlowski, die, zonder een somberman te zijn, oog heeft voor de schaduwkant, herinnerde zich een welbepaalde vrouw die in drift ontstak toen Evil Superstars de finale wonnen. Zij goot schuimbekkend een beker bier over hem uit, waarna ze gebaren maakte die volgens Mauro op een geduchte vervloeking wezen. Er waren nietsontziende beelden van die vrouw bewaard gebleven, en ja, satan was naar haar vertrokken fieselemie te oordelen duidelijk in her ass. Wie anders voelde zich daartoe geroepen? Mauro, die een vroege elpee van Willy Sommers bezit, heeft ook weet van de randgevallen in de rock, en van obscure bandjes in het algemeen. Hij herinnerde zich RR-finalisten als Gabriella & The Professionals en tevens Mensen Blaffen, een uitmiddelpuntig ensemble uit Aalst waar de grote Britse radioman John Peel een open oor voor had. John Peel stierf in 2004 in Peru aan een hartaanval. Hij was 65 en jonger dan mijn vader toen die in zijn 65ste levensjaar stierf.

Iemand vroeg zich af wat er van Charlie 45 was geworden, laureaat in 1992, en van de getalenteerde einzelgänger Jef Mercelis. De makers van ‘Humo’s Rock Rally 1978-2016’ hadden zich dat ook kunnen afvragen, maar een special, waar ik overigens welwillend naar heb gekeken, is zo te zien nog lang geen veelomvattende documentaire over het invloedrijke fenomeen Humo’s Rock Rally. De 20ste editie was anders wel een mooie gelegenheid voor zo’n groots opzet geweest. Daarvoor is het overigens nog steeds niet te laat.

'Alain Vande Putte, zanger van The Peter Pan Band, heeft de tekst van nagenoeg alle hits van K3 geschreven, waardoor hij uiteraard tot bittere armoede is vervallen'

We zagen hoe Joost Zweegers en Stijn Meuris kennelijk voor hun genoegen naar een preselectie van Humo’s Rock Rally in Genk togen. Daar gedoogden ze lacherig The Poneymen, een bandje waarvan de muzikanten met een paardenkop uit de carnavalswinkel waren toegerust. Of ze er van nature óók één hadden kon ik niet uitmaken. De gemaskerde zangeres – geen paardenkop – vroeg met een Frans accent aan het publiek: ‘Woeat doete de pony?’ Ik dacht: ‘Mijn blauwe suède schoenen onderpissen’ – de zoveelste pijnlijke jeugdherinnering – maar het goede antwoord luidde: ‘hííí-húúú-hííí-hááá !’ Zo hinniken pony’s ter hoogte van Namur. Ook de buitenissigheden van Humo’s Rock Rally moeten herinnerd worden, en zelfs gekoesterd. Net als de verrassende wendingen: Bart Van den Bossche die zich ooit Rico liet noemen, zanger van Ze Noiz, laureaat in 1988, werd later de auteur Bart Koubaa. Alain Vande Putte, zanger van de buitengewoon efemere Peter Pan Band, laureaat in 1986, heeft de tekst van nagenoeg alle hits van K3 geschreven, waardoor hij uiteraard tot bittere armoede is vervallen. En dan is er ook nog een buitengewoon gesoigneerde gentleman, tevens dwangmatige pyjamadrager – Das Pop won in 1998 – die het zelfs tot coach in ‘The Voice van Vlaanderen’ heeft geschopt.

Er moest maar eens werk worden gemaakt van die grote documentaire. En indien niet: dan maar niet.

'Het komt me voor dat de firma Woestijnvis zich in het geval van 'Glammertime' net iets meer naar VIER schikt dan VIER naar Woestijnvis'


Glammertime

VIER – 11 april

Nu de concurrentie programma’s als ‘Medialaan 1’, ‘Voor de show’, ‘De dagshow’ en ‘De Rode Loper’ al een hele tijd voor bekeken houdt, komt VIER aanzetten met ‘Glammertime’, een wekelijks showbizzmagazine vol jeuïge rubriekjes en sfeervol uit hun reet schijnende bekendheden die geen idee hebben waarom ze precies bekend zijn, maar zich daar vooralsnog geen zorgen over maken. Het komt me voor dat de firma Woestijnvis zich in het geval van ‘Glammertime’ net iets meer naar VIER schikt dan VIER naar Woestijnvis. Dat kun je ook merken aan de nieuwe en opvallend platte toon van ‘De pappenheimers’. Wellicht zit er in deze nare tijd niets anders op.

Kijkersonderzoek zal wel hebben uitgewezen dat ‘Glammertime’ een in hoofdzaak vrouwelijke aangelegenheid moest zijn. Karen Damen, Elodie Ouedraogo, Marijke Respeel en Annelore De Donder doen alsof ze het in dit programma voor het zeggen hebben. We mochten erbij zijn toen Annelore haar debuut maakte als interviewster: het was haar vergund enkele minuten in de internationale uitstraling van Matthias Schoenaerts plaats te nemen, die, of hij daar nu zin in had of niet, contractueel ‘A Bigger Splash’ moest promoten. Ter attentie van het iets te ruime publiek stelde Annelore hardop vast dat er nogal wat seksscènes in die film zaten. ‘Moet je nooit moeite doen om je in te houden?’ wilde ze als filmliefhebster weten. Matthias Schoenaerts, die aldoor aardig en hoffelijk bleef – daar is hij óók acteur voor – zei bedaard dat hij tijdens de uitoefening van zijn kunstambacht nooit een erectie kreeg, waarna Annelore zich tot barstens toe geïnformeerd voelde, en dan ook dacht dat haar debuut erop zat. ‘Heb je nóg een vraag?’ wilde Matthias Schoenaerts weten, terwijl je hem internationaal ‘Is that all there is?’ kon zien denken. En verrek, Annelore had nog een vraag: ‘Mag ik een selfie?’ En ja hoor, ze mocht. Later in dit programma ontfutselde ze Davy Gilles op het Schlagerfestival een scherpe uitspraak aangaande de slipjes die keurige dames naar De Romeo’s mikten, als hielden ze dat zingende drietal voor gedienstig personeel van een wassalon annex stomerij. Davy, zoals alle Romeo’s een gevoelig estheet, vond die slipjes onverbloemd vies. Wederom tot knappens toe geïnformeerd en geheel geschikt voor ‘Glammertime’ loste de vrolijke Annelore weldra in een polonaise op, die nergens heen ging, en gelukkig niet verder kwam dan het Schlagerfestival.

De goedlachse Elodie Ouedraogo had zich voorgenomen de Waist Trainer van het tijdsverschijnsel Kim Kardashian aan een test te onderwerpen: een soort korset dat volgens de gebruiksaanwijzing tot lichamelijk heil zou moeten strekken. Daartoe hield ze haar man, de vooraanstaande humorist Jeroom, van zijn werk af. Deze Snelders moest haar in dat ding helpen hijsen, waardoor hij nietsvermoedend een nieuw licht wierp op het begrip ‘hand-en-spandiensten’. Elodie Ouedraogo had het op een bepaald moment over ‘die stoeme Kim Kardashian’. Van de weeromstuit dacht ik in spreektaal: ‘Hoho, misschien toch eventjes inbinden, mevrouw Snelders-Ouedraogo, want die stomme Kim Kardashian is met inbegrip van haar kont, die ondertussen Amerikaans erfgoed is, vast één van de weinige raisons d’être van ‘Glammertime’. Waarna ik weer zweeg in gedachten. Teneinde uitsluitsel te geven over de effectiviteit van de Waist Trainer, voerde Elodie Ouedraogo ons mee naar een instituut waar ze zakelijk aan gelieerd is: een Belgian Sports Clinic, om het eens in een populair dialect te zeggen. Daar stelde ze na overleg met haar personal trainer vast dat de Waist Trainer van Kim Kardashian, zoals verwacht, een korset zonder meer was.

Het is bekend dat de schalkse Karen Damen graag een koddig Antwerps typetje neerzet, zo’n meid van wie andere koddige Antwerpse typetjes zeggen dat ze voorwaar niet op d’r mondje is gevallen. ‘Van journalisten wordt weleens gezegd dat ze altijd dezelfde vragen stellen,’ zei ze. Daar zat iets in. Toen ik nog als vragensteller voor modale BV’s plaatsnam, kwam ‘Wat doe ik hier?’ steevast in me op. Meestal herhaalde ik die vraag ook nog een keer of drie, steeds vertwijfelder. In de rubriek van Karen Damen mogen interviewees zélf vragen verzinnen. De hoge omes van persbedrijven zien hun personeelskosten gevoelig dalen. Op één van zijn vragen antwoordde Gilles De Coster, de eerste gast van mevrouw Damen: ‘Mijn bouletten zijn de lekkerste ter wereld.’ ’t Was alsof ik bij abuis achter de coulissen van ‘Karen & De Coster’ was terechtgekomen, waardoor ik voor de zoveelste keer de vraag ‘Wat doe ik hier?’ oprispte. Ik herinnerde me ineens dat Gilles De Coster één van de beste en meest vasthoudende interviewers van ‘De ochtend’ op Radio 1 was.

De rubriek van de kittige Marijke Respeel speelt op primaire nieuwsgierigheid in en bedient het soort mensen dat zich van hun buren afvraagt: ‘Waar dóén ze het toch van?’ Marijke Respeel laat zich rondleiden in de woning van een Bekende Vlaming. Dit keer was ze ten huize van Pat Krimson en zijn geliefde Loredana, die volgens boze tongen in maderasaus alleen maar op zijn piano uit is. Marijke ging bij een fornuis staan en vroeg: ‘Waar zijn we hier aanbeland?’ ‘In de keuken,’ klonk het, en daar was warempel geen woord van gelogen. Marijke mocht een poosje later op Krimsons gazon rondkarren op een zitmaaier. Uitkijkend over het ruime erf van Pat Krimson, wilde ze tot slot weten hoe hij zo rijk was geworden. Toen zag ik hem toch even vrezen dat hij iemand van de bijzondere belastingsinspectie over de vloer had.

In de eerste aflevering van ‘Glammertime’ vernamen we ook dat de chihuahua van Tanja Dexters zoek is: die Syrische vluchtelingen mogen dan wel veel te klagen hebben, maar Tanja heeft ook wel haar sores. De stem des volks klonk uit een hevig opiniërend publieksforum op. Bij het zien van een foto waarop Justin Bieber zijn nieuwe kapsel prijsgaf, sprak een kenner: ‘Als student kapper vind ik zoiets schandalig.’ Goed dat het eindelijk eens met zoveel woorden wordt gezegd.

De algemene teneur van ‘Glammertime’ is overbekend en komt neer op besmuikt gegniffel waar ik me overigens óók aan bezondig als ik over dit programma schrijf. Er dof naar kijken terwijl je van een griepje aan het herstellen bent, lijkt me niet onaangenaam, maar gezond en wel vond ik de eerste aflevering van ‘Glammertime’ niet beter of slechter dan wat ik me van pakweg ‘De rode loper’ herinner. Morgen weer vroeg dag.

Rudy Vandendaele

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234