null Beeld

Voltooid leven: wat als ouderen levensmoe zijn?

Er woedt een hevige discussie over de vraag of er, naast de euthanasiewet, een nieuwe wet moet komen voor gezonde mensen die vinden dat het onderhand wel mooi is geweest. Els van Wijngaarden, onderzoeker aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht, zocht, vond en interviewde 25 ouderen die graag dood willen.

'Ons enige antwoord op ouderdom kan toch niet zijn: er voortijdig uitstappen?'

Els van wijngaarden «Een groeiende groep mensen zegt: ‘Als ík ooit zover ben, dan wil ik op een waardige manier dood kunnen’ – wat ‘waardig’ dan ook moge betekenen. In dat opzicht is hier een groot draagvlak voor zo’n ‘voltooid leven’-wet. Die ‘als, dan’-groep komt voortdurend in de media, maar de groep mensen om wie het écht gaat – de mensen die in dat stadium zitten – is een stuk kleiner en hoor je veel minder.»

HUMO Voor u hoeft die nieuwe wet er niet te komen?

Van Wijngaarden «Eigenlijk niet. Persoonlijk denk ik dat zo’n stervenswens nagenoeg niet bestaat, mensen die volledig autonoom en gezond beslissen: ‘Voor mij is het klaar.’ Met mijn boek wilde ik me niet mengen in de discussie over wetten of regelgeving. Ik wilde vooral begrijpen wat mensen met een voltooid leven ervaren, wat hun motieven zijn.»

HUMO De term ‘voltooid’ vindt u sowieso slecht gekozen: ‘Het klinkt te monter.’

Van Wijngaarden «Van de mensen die ik sprak waren er die dat uit zichzelf corrigeerden: ‘Nou ja, voltooid... dat klinkt zo mooi.’ En dat is ook zo: voltooid klinkt alsof het mooi afgerond is.

»Neem nu Steven: hij had als bioloog de hele wereld rondgereisd en dus een intrigerend leven geleid. Tegelijk had hij ook een heftige jeugd gekend, waarvan hij nooit helemaal was losgekomen. Altijd had hij het gevoel gehad dat hij ergens naar op zoek was geweest, dat hij een leegte probeerde te vullen. Dat was hem nooit helemaal gelukt, dus keek hij toch met spijt terug op zijn leven. Voltooid vond hij het allesbehalve.

»Anderen hadden het wél best mooi gehad. Gerard zei bijvoorbeeld: ‘Het is goed geweest en nu wil ik op het hoogtepunt stoppen.’ ‘Oké,’ dacht ik, ‘maar welk hoogtepunt bedoelt hij?’ Hij had het alleen maar over het verlies van zijn vrouw zes maanden eerder gehad, over het ondraaglijke verdriet dat daarmee gepaard ging. ‘Voltooid’ en ‘hoogtepunt’ lijken woorden die gebruikt worden om iets hoog te houden, maar de ervaring van een voltooid leven gaat er niet over dat een leven mooi is geweest, het gaat erover dat het leven nú schuurt en wringt.»

HUMO Het gaat niet om een positieve, maar een negatieve keuze.

Van Wijngaarden «Alle mensen die ik sprak, lijden aan het leven dat ze nu hebben. Da’s wat anders dan: ‘Goh, ik heb een prachtig leven gehad en nu zou ik wel willen inslapen.’ ‘Voltooid leven’ klinkt natuurlijk bekoorlijk, maar het dekt de lading niet.»

undefined

'We zijn gehecht aan het leven. Dat zag ik bij verschillende ouderen: ze plannen hun zelfeuthanasie, maar óók hun heupoperatie'


Heilig besluit

De verhalen van de 25 ouderen in het boek zijn soms erg heftig. Zeker als de 70-plussers het over hun ‘zelfeuthanasie’ hebben – Gerard is de enige wiens aanvraag voor euthanasie is goedgekeurd door een dokter; de rest moet het zelf doen. Steven heeft ergens gif gekocht en is van plan dat in een bakje sinaasappelvla te mengen. Bernhard heeft een stofzuigerslang die precies op de uitlaatpijp van zijn auto past. Dat niet iedereen even goed weet hoe één en ander aan te pakken, leert het verhaal van Aleith: met een lach en een traan vertelt ze hoe ze zich pillen wist aan te schaffen om er een eind aan te maken, maar toen bleken het niet de juiste te zijn.

Van Wijngaarden «In Nederland kun je makkelijk boeken kopen die je precies zeggen wat je moet doen, maar uiteindelijk moet je het wel zelf uitvoeren. Het is illegaal een dodelijk middel te verkopen of iemand zo’n middel toe te dienen, maar als je gif uit China bestelt en het wordt onderschept, ga je niet naar de gevangenis. Het is een beetje een mistig gedogen.»

HUMO Wat voor indruk maakten de 25 op u?

Van Wijngaarden «Hun verhalen waren heel verschillend, maar stuk voor stuk konden ze geen contact meer maken met de wereld, voelden ze zich er steeds minder in thuis, hadden ze het gevoel dat anderen niet meer op hen zaten te wachten. Ook de verbinding met zichzelf raakten ze kwijt: hun lijf ging meer en meer een eigen leven leiden.

»Aleith verwoordde het heel mooi: ‘Het is alsof ik achter een scherm leef.’ Ze kon voor haar gevoel geen diepgaand contact meer maken, ook al wilde ze dat op het eind nog graag. Dat hadden wel meer mensen: op het laatst wilden ze toch nog de goedkeuring van de kinderen, van een arts of van een vriend. Aleith had voor haar kinderen zelfs nog een zomerhuis gekocht en helemaal verbouwd: ‘Leuk, dan kunnen ze daarin wonen als ik dood ben.’ Maar die kinderen vonden dat helemaal niet leuk. Ze vonden het veel te vroeg. Aleith had zelf niet bedacht dat het voor hen weleens erg zou kunnen zijn, zozeer was ze al losgeraakt van het leven. Intussen heeft ze de daad bij het woord gevoegd: eerst heeft ze geprobeerd te versterven – ze was gestopt met eten en drinken – maar dat is niet zo goed gelukt. Uiteindelijk heeft ze het met medicijnen gedaan.

»Ook Steven zocht nog naar die laatste goedkeuring: hij wilde zijn zelfeuthanasie graag voltrekken bij een vriend. Hij vond zo’n zelfgekozen einde sowieso een heilig besluit – zo noemde hij het – maar in het bijzijn van een ander was het volgens hem écht heilig. Als een soort seculier sacrament. Da’s intrigerend, vind ik: in het nieuwe wetsvoorstel wordt het zelfgekozen levenseinde nadrukkelijk gepresenteerd als iets van zelfbepaling en autonomie, maar als je naar de verhalen luistert, dan hoor je dat mensen toch nog voortdurend contact zoeken met anderen, van wie ze hulp of goedkeuring zouden willen.

»Eén van de dochters van Aleith heeft me achteraf gebeld. Ze benadrukte dat ze de keuze van hun moeder natuurlijk respecteerden. Maar ze vond het toch ook moeilijk. ‘Ik ben in principe voor zelfbepaling,’ zei ze, ‘maar mijn moeder was nog zo jong en ze was ook oma. Kennelijk betekenden we toch niet genoeg voor haar.’ In Nederland denken we heel vrij over dit thema: als iemand het zelf wil, wie ben ik dan om er iets van te zeggen? Tot het in je eigen omgeving gebeurt. Het is een taboe om dan te zeggen: ‘Shit, ik ben hier nog niet aan toe.’ Mogen we het eigenlijk nog moeilijk vinden? Zo’n zelfgekozen dood gebeurt nooit in een vacuüm: er is altijd familie, kinderen, een netwerk. Dat aspect wordt nog veel te weinig belicht.»

undefined

'Ik denk dat ze niet bestaan, mensen die volledig autonoom en gezond beslissen: 'Voor mij is het klaar'

HUMO In uw boek spreekt u ook met het koppel Peter en Suzan, die zich samen van het leven beroofden.

Van Wijngaarden «Met hun zoon had ik achteraf nog contact. Hij had het gevoel dat zijn ouders de kinderen gegijzeld hadden: de datum waarop ze het zouden doen, was tot twee keer toe uitgesteld. De afspraak was dat de kinderen ’s ochtends zouden opbellen. Nam er iemand op, dan was het niet gebeurd. Voor de kinderen was dat natuurlijk een ramp – de avond ervoor zaten ze in razende spanning. De derde keer nam er niemand op en wisten ze hoe laat het was.

»Peter en Suzan hielden ook elkaar gegijzeld: Peter wilde het zo snel mogelijk, omdat hij als de dood was dat hij verder zou aftakelen. Vooral die angst voor wat er zou komen, maakte het leven voor hem ondraaglijk. Die angst is wel reëel, maar je weet natuurlijk nooit of waar hij voor vreesde ook werkelijk gebeurd zou zijn. Zijn vrouw had fysiek veel meer gebreken, maar kon het op één of andere manier beter aan. Zij wilde de dood graag nog wat uitstellen. Heel aangrijpend: ik kon me best voorstellen dat die vrouw niet alleen verder kon – ze was voor alles afhankelijk van haar man. Bovendien hadden ze jaren eerder een pact gesloten dat ze er samen zouden uitstappen. Die gedachte is best mooi, tot de vraag komt: ‘Wanneer is het moment aangebroken?’ Dan is het helemaal niet mooi meer. Naderhand dacht ik: ‘Met zo’n afspraak moeten mensen toch oppassen.’ Het klinkt mooi en het wordt in de Nederlandse media soms ook romantisch voorgesteld – ‘Samen dansend het leven uit,’ koppen de kranten dan – maar het achterliggende verhaal is toch veel complexer. Je kunt wel zeggen: ‘Ze wilden het zelf.’ Maar dat vind ik te makkelijk: écht vrij lijkt die keuze mij niet.»

HUMO Terwijl ze er wel heel rationeel over spraken met u.

Van Wijngaarden «Ja. Enerzijds lijkt het alsof ze een balans opmaken, waaruit ze dan de best mogelijke oplossing afleiden; anderzijds zie je hoe erg mensen ermee worstelen. Ondanks hun rationele bedenkingen slaat de paniek toe. Natuurlijk zijn we niet alleen maar calculerende wezens, we zijn ook gehecht aan het leven. Dat zag ik bij verschillende mensen: ze plannen hun zelfeuthanasie, maar óók hun heupoperatie. Ze halen een dodelijk middel in huis, maar nemen óók nog hun bloedverdunners. Elly mailde me, nadat ze mijn boek had gelezen: ‘Het klopt wat je schrijft. Ik wil mijn vrijheid, maar het is altijd vrijheid in onvrijheid.’ Het is zo dubbel.»

HUMO Hoe voelt Elly zich onvrij in haar vrijheid?

Van Wijngaarden «Ze had ook met haar man afgesproken dat ze het samen zouden doen, maar hij was ziek geworden en gestorven. Alsof hij al op de trein was gesprongen en zij nog op het perron stond, zo zei ze het. Ze had intussen gezien hoe een buurvrouw door een bijdehante dochter met goeie bedoelingen in een verpleeghuis was gemanoeuvreerd. Dat wilde zij absoluut voorkomen. Ze wilde er gewoon uitstappen als het niet meer leuk was. Ze had best wel wat klachten: vooral ’s nachts, dan kronkelde ze soms over de grond van de pijn. Maar daar vertelde ze niemand iets over, zelfs niet haar kinderen, uit angst om de controle te verliezen. Op een bepaalde manier zou je kunnen zeggen dat ze daar zelf voor koos, maar een écht vrije keuze is dat toch niet. En die ambivalentie herkenden wel meer ouderen in het boek.»


GLAZEN STOLP

Uit Van Wijngaardens onderzoek komen vijf thema’s naar voren, die in veel of alle voltooid leven-verhalen terugkomen. Zo ervaren de levensmoeë ouderen vaak een verlies van eigenheid. Een voorbeeld: mevrouw De Beaufort is altijd een heel modebewuste dame geweest – haar mantelpakjes kocht ze vroeger in De Bijenkorf – maar nu ze 99 is en niet meer uit de voeten kan, moet ze zich behelpen met de pakjes die ze in de modeshow beneden in haar verzorgingstehuis kan kopen. ‘Dat is niet mijn smaak,’ zegt ze. ‘Het is een beetje voor oudere mensen.’ Ze schaamt zich voor haar schijnbaar keurige pakje. Het doet haar besluiten: ‘Dit ben ik niet meer.’ Ze wil liever dood.

Van Wijngaarden «Het zit soms in kleine dingen. Peter, bijvoorbeeld, hield heel erg van koken en lekker eten. ’s Avonds maakte hij graag een kaasplankje klaar voor zijn vrouw, met een lekker wijntje erbij. Tot hij zijn smaak verloor. De dokter nam hem niet serieus – het is een probleem waarmee te leven valt – maar voor Peter was het een ramp: hij kon zich niet meer uitdrukken door lekkere dingen te maken. Hij was een deel van zijn identiteit kwijt: het leven verloor letterlijk zijn geur en smaak. Een verlies kan klein lijken, maar de betekenis achter het verlies is soms levensgroot.»

Een ander terugkerend thema is – niet verwonderlijk – eenzaamheid.

Van Wijngaarden «Eenzaamheid is alsof je gevangenzit onder een glazen stolp: je wil wel communiceren, maar het lukt niet. Dat los je niet op met een uitje of een leuke interventie. Willemijn vertelde bijvoorbeeld dat iemand haar had opgegeven voor een georganiseerd reisje. Sommige ouderen hebben daar misschien veel aan, maar zij had er de schurft aan. Ze had er niet om gevraagd, vond ze, en dan moest ze ook nog eens blij en dankbaar zijn. Mensen hebben heel snel de neiging te denken: ‘We doen iets leuks en dan hoef jij niet meer te klagen.’ Dat uitje is dan wel aardig, maar daarna zitten die mensen toch weer alleen.

»Best veel mensen hadden nog nooit over hun gevoelens van eenzaamheid kunnen praten – zelfs niet met andere ouderen. Hetty, die heel veel last had van oorsuizen, benadrukte dat het de eerste keer was dat ze er met iemand over had gesproken. Later heeft ze nog contact met me opgenomen: ze schreef dat ze het er wel vaker met iemand over wilde hebben. Vervolgens is er een geriater bij haar over de vloer gekomen, die haar gelijk antidepressiva voorschreef. Hij bedoelde het waarschijnlijk goed, maar Hetty voelde zich vooral erg onbegrepen.

»Sommige ouderen leken zelf voor hun eenzaamheid te kiezen. Ze gingen steeds minder vaak naar de kinderen. Ze hadden de moed opgegeven dat het contact ooit nog zou terugkomen, maar tegelijk verlangden ze er toch nog naar. Hetzelfde zag ik bij een ander thema: het gevoel maatschappelijk uitgerangeerd te zijn. Ondanks dat gevoel was er bij de meesten toch nog een verlangen iets van zichzelf te laten zien. Willemijn had zich nog opgegeven als vrijwilliger om Nederlandse les te geven aan Poolse vrouwen. Zo zou ze toch nog iets voor iemand kunnen betekenen. Maar ze vonden haar niet geschikt: te oud.»

HUMO Een bijwerking van uw onderzoek was dat u, door uw gesprekken, het leven voor sommigen weer even ‘onvoltooid’ maakte.

Van Wijngaarden «Dat was bijzonder, ja. Af en toe had ik het moeilijk om weg te gaan. Sommigen boden me zelfs aan te helpen bij mijn onderzoek. Het illustreert hoe erg ouderen nog op zoek zijn naar een bijdrage die ze kunnen leveren.»


Terlouw

Bekijk het pakkend betoog van Jan Terlouw »

HUMO Zou het kunnen dat mensen die voor een zelfgekozen levenseinde gaan, misschien bij voorbaat al niet de grootste optimisten waren? Machteld vertelt dat ze als kind al niet zo veel zin had in het leven.

Van Wijngaarden «Bij een aantal was dat zo – het ouder worden versterkt die klachten – maar er zaten ook heel energieke mensen bij, die bepaald niet als somber te boek stonden. Toen ik bij Lineke binnenkwam, dacht ik: ‘Oei, wil deze vrouw dood?’ Ze zag er nog zo jong en vitaal uit. Ze had het zelfs nog druk met buurtwerk. Maar haar partner was dood, ze had een enorme angst voor wat er nog zou komen, en leed onder een gevoel er niet meer toe te doen. Juist omdat ze een erg actief leven had geleid, stak dat bij haar extra hard.

»Heb je de speech van Jan Terlouw in ‘De wereld draait door’ gezien? Hij is ook een fervent pleitbezorger van het nieuwe wetsvoorstel rond voltooid leven. Veel mensen vonden zijn speech prachtig, maar sommigen merkten terecht op: ‘Dat iemand van 85 zo’n podium op televisie krijgt, gebeurt haast nooit meer.’ Alleen een heel gerenommeerd iemand krijgt nog die kans, andere ouderen kunnen het vergeten. We zitten niet te wachten op mensen die niet meer van deze tijd zijn. Die ouderen hebben dus een punt als ze zeggen dat er geen plek meer is voor hen. Als samenleving moeten we misschien iets aan onze perceptie doen. Eenzaamheid kun je niet zo makkelijk oplossen, maar aan de manier waarop we naar ouderen kijken, kunnen we wél iets veranderen. Op dit moment voelen sommigen zich zo misplaatst dat ze nog liever dood willen. Dat is toch schrijnend!»

HUMO Aan dat gevoel misplaatst te zijn, draagt de euthanasiewet misschien zelfs bij.

Van Wijngaarden «Misschien wel. Als je maar vaak genoeg hoort dat ouderdom ondraaglijk en onwaardig is en dat een zelfgekozen dood een waardige oplossing biedt, bestaat de kans dat je dat gaat geloven. Zo werkt ons brein. In Nederland worden met enige regelmaat mooi gemaakte documentaires uitgezonden die dit bekrachtigen: waardig sterven met behulp van euthanasie wordt bijna gezellig, met een laatste glas wijn erbij. Zo’n beeldvorming heeft gevolgen. We moeten daar voorzichtig mee zijn. Oud worden heeft akelige kanten, maar dan nog hang veel af van hoe je het zélf ervaart. Belangrijk is dat we de ouderdom als waardig blijven zien. Dat maakt het mogelijk ook draaglijker.

»Onlangs hadden we hier een discussie over een verpleeghuis waar je maar drie keer per dag naar de wc mocht. Incontinentie is erg – dan ben je afhankelijk – maar dat soort regels maken het alleen maar erger. Ik hoop dat mensen die door mijn boek gaan denken: ‘Het staat ons allemaal te wachten. Zo willen we toch niet ouder worden!’ Ons enige antwoord op ouderdom kan toch niet zijn: ‘Er voortijdig uitstappen is een oplossing’?»

HUMO Hoeveel van uw interviewees zijn nog in leven?

Van Wijngaarden «Twaalf leven nog, vier kan ik niet bereiken, twee zijn een natuurlijke dood gestorven en zeven zijn er zelf uitgestapt. Met die twaalf plan ik een follow-up. Hun verhaal is natuurlijk interessant: zij kunnen ons iets leren over hoe eenduidig of fluïde zo’n stervenswens is.

»Neem Steven: hij was er rotsvast van overtuigd dat hij voor dat bakje sinaasappelvla zou kiezen. Het was één van de meest emotionele gesprekken uit mijn onderzoek: hij moest heel veel huilen. Steven vreesde vooral de afhankelijkheid. Hij was recent incontinent geworden en vertelde schreiend hoe hij tijdens het vogelspotten wilde plassen en tegelijk in zijn broek poepte. Daardoor had hij het gevoel dat hij niet meer naar buiten kon. Maar hoe ondraaglijk hij dat toen ook vond, kennelijk heeft hij zich er nadien toch mee kunnen verzoenen. Opeens, lang na de datum van zijn geplande zelfeuthanasie, kreeg ik een vrolijke mail van hem. Hij was naar een ‘fantastische plek’ verhuisd, waar hij veel vogels kon spotten. ‘Count me in for your follow-up,’ schreef hij nog. Hij klonk dus relatief gelukkig. Of in elk geval: hij lijdt zeker niet meer ondraaglijk.»

HUMO Zo’n verhaal maakt het er natuurlijk alleen maar ingewikkelder op.

Van Wijngaarden «Ja, maar dat is ook de realiteit. Ik hoef gelukkig geen beleid te maken (lacht). Het is een héél delicaat onderwerp.

»Ik heb er niet zo’n oordeel over of mensen er wel of niet mogen uitstappen. Soms kan het echt wel barmhartig zijn iemand te helpen sterven, maar wees alsjeblieft zorgvuldig bij het afwegen: is het inderdaad wel de enige en beste uitweg? Hebben we voldoende verantwoordelijkheid genomen voor de omstandigheden waarin iemand die keuze maakt? Ik ben niet tegen zelfbepaling – ik wil ook graag de regie over mijn eigen leven voeren – maar laat het alsjeblieft niet akelig en schraal worden. En besef dat het niet zo simpel is om zelf te bepalen wat een voltooid leven is. Er zitten altijd verschillende stemmen in jezelf. Dat is inherent aan mens-zijn, aan het nemen van lastige beslissingen. Ik sta absoluut geen zingevingsdictatuur voor: ‘Als je maar met iemand praat, dan krijg je vanzelf weer zin in het leven.’ Helemaal niet. Maar ik denk wel dat het heel moeilijk is om erachter te komen wat iemand écht wil. Daar is Steven een goed voorbeeld van.»

HUMO Vier jaar lang schreef u over dit onderwerp. Daar wordt een mens vast niet vrolijk van.

Van Wijngaarden «Ik ben af en toe ook wel op café gegaan, hoor (lacht). Sterven hoort bij het leven en het is best een mooi onderwerp. Ik ben er niet somber van geworden. Mijn man voelde zich weleens ongemakkelijk: hij ging vaak boeken voor me ophalen die ik besteld had bij de boekhandel, en dan was het ‘Suicide dit’ en ‘Euthanasia dat’. Op den duur zei hij aan de verkoopster: ‘Wij willen niet dood, hoor.’ (lacht)»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234