null Beeld

'Voor je het weet, laat je de apocalyps in België starten.' Niccolò Ammaniti over 'Anna', zijn nieuwe roman

Met ‘Ik haal je op, ik neem je mee’ had Niccolò Ammaniti zelf zijn wereldwijde bestseller te pakken. In zijn nieuwe roman ‘Anna’ richt de Italiaanse golden boy zijn pijlen op België – op Luik, meer bepaald.

'Op mijn fascistische middelbare school heb ik geleerd mensen te observeren en personages van hen te maken'

Luik is de plek waar in ‘Anna’ voor het eerst het virus opduikt dat alle volwassenen uitroeit. Er valt niet aan te ontsnappen: alleen kinderen blijven achter om rond te dolen in een postapocalyptisch landschap. Het hoofdpersonage Anna moet tegen die achtergrond op zoek naar haar verdwenen broertje.

HUMO Wat hebt u eigenlijk tegen ons land?

Niccolò Ammaniti (lacht) «Dat weet ik eigenlijk niet. Ik ken België niet zo goed, in Italië krijgen we niet zo veel nieuws mee over jullie land. Niet goed, besef ik, want voor je het weet, laat je de apocalyps in België starten. Maar het had evengoed Spanje kunnen zijn, hoor. Ik stond voor de wereldkaart en koos gewoon een plek uit die ik niet echt kende: Luik. Nu ik eraan denk: ik ben geboren in de Viale Liegi in Rome.»

HUMO Het idee voor ‘Anna’ is dus niet in Luik ontstaan?

null Beeld

Ammaniti «Nee, wel op een Grieks eiland, waar ik met vakantie was. Op het strand zag ik een groep kinderen wandelen. Ze waren aan het praten alsof het volwassenen waren, zonder grote mensen in de buurt. Na een tijdje gingen ze terug naar hun ouders, en toen begon ik me af te vragen: wat als hun ouders er niet meer waren? Wat als er geen enkele volwassene was, als ze helemaal alleen waren? Wat zouden ze dan doen? Ziedaar het uitgangspunt voor ‘Anna’.

»Zo is het verhaal beginnen te groeien, vijftien jaar lang. Er kwamen steeds meer vragen in me op: wat als er ook geen water en elektriciteit zou zijn, en die kinderen voor zichzelf moeten zorgen? Alle apparaten in ons dagelijkse leven werken op elektriciteit, dus opeens vallen er heel veel vanzelfsprekendheden weg. Met dat soort vragen begon ik de lijnen van het verhaal uit te zetten.

»Weet je, telkens wanneer ik me verveel, verzin ik zulke uitgangspunten. Aan de kassa in de supermarkt of in de wachtkamer van de tandarts ga ik niet Facebook of Twitter checken op mijn smartphone; dan denk ik na over mogelijke intriges.»

HUMO De prelude van ‘Anna’ doet denken aan de openingsscène van de film ‘28 Days Later’, waarin een man uit het ziekenhuis komt en een verlaten Londen aantreft. Een virus heeft iedereen uitgeroeid.

Ammaniti «Ja, fantastische film! Die scène is zeer sterk: een man die moederziel alleen door het anders zo drukke Londen dwaalt, waar plots alleen nog groepjes levende doden ronddolen. Nu, in ‘Anna’ is het natuurlijk een beetje anders: het jongetje uit de proloog is niet helemaal alleen, er liggen overal mensen te sterven rondom hem.

»Als je een personage helemaal alleen laat rondlopen in een verlaten landschap, kom je al snel uit bij een choreografie met zombies. Het stramien van een zombiefilm is eenvoudig: vind andere overlevers, verschans je ergens en knal zombies neer, einde. Dat is me te gemakkelijk. Mijn doel was proberen te begrijpen hoe je je voelt als je als kind helemaal alleen bent. Hoe kun je leven in een wereld waarvan je weet dat je die moet verlaten voor je volwassen bent? Mijn verhaal is dus veel complexer.»

HUMO De scène waarin Anna in een winkelcentrum terechtkomt, echoot dan weer George Romero’s zombieklassieker ‘Dawn of the Dead’.

Ammaniti «Ja, Romero laat zijn zombies terugkeren naar een shoppingmall omdat ze zich vaagweg herinneren dat ze daar vroeger hun koopdrang konden bevredigen. Maar die scène in ‘Anna’ speelt zich om een andere reden in het winkelcentrum af: de kinderen móéten daar wel naartoe, want het is de enige plek waar ze voedsel en spullen uit het verleden kunnen vinden. Ze kunnen niet jagen, ze zouden niet weten hoe dat moet.

»Tijdens de voorbereidingen voor ‘Anna’ stootte ik op een heel interessant boek: ‘The World After Us’, waarin journalist Alan Weisman beschrijft wat er met de wereld zou gebeuren als er morgen om wat voor reden ook geen mensen meer op de planeet zouden zijn. Wat gebeurt er na twee dagen, vier dagen, honderd jaar? Hij beschrijft hoe de natuur de wereld snel overwoekert – denk maar aan Tsjernobyl, na de kernramp werd het gebied verboden terrein, nu is het het meest fantastische natuurpark van Europa. Ongelofelijk. Dat boek was één van de belangrijkste inspiratiebronnen voor ‘Anna’.

»Zelf vind ik het een geruststellende gedachte dat er over duizend jaar geen mensen meer zullen zijn, maar alleen dieren, rivieren en groen. Als je dan van een andere planeet op aarde aankomt, zouden alleen een paar details naar de mensheid verwijzen. Dat klinkt als een droom.»

HUMO Iets om naar uit te kijken?

Ammaniti «Niet voor mij, want zelf zal ik ongetwijfeld zeer binnenkort sterven (lacht). Maar in het algemeen is het een mooi toekomstperspectief, ja.»


Fascistenschool

Ammaniti «Nu ‘Anna’ af is, zit ik met twee mogelijke nieuwe boeken in mijn hoofd. Eén ervan noem ik mijn klassieker omdat het idee al zo’n tien jaar door mijn hoofd spookt, maar ik heb ook een gloednieuw plan, het is pas een paar weken oud en net daardoor opwindend. Ik zit dus midden in een hevige strijd, oud versus nieuw. Allebei zeuren ze: ‘Schrijf mij! Schrijf mij!’

»Op dit moment ben ik het meest enthousiast over het nieuwe idee: een verhaal dat zich afspeelt in het Rome van de jaren 80, in de wijk waar ik ben opgegroeid, Parioli, een zeer rijke bourgeoisbuurt. Als kind zag ik mensen gewoon op straat vechten, jonge fascisten tegen jonge communisten. Tegen die achtergrond wil ik een moordverhaal schrijven.»

HUMO Vond je die straatgevechten normaal als kind?

Ammaniti «Niemand keek ervan op. Bovendien hadden wij er niets mee te maken, dus ons lieten ze met rust.

»Rome was toen erg verdeeld, ook de scholen. Middelbare scholen leidden jongeren op om links of rechts te worden, rood of zwart. Als je naar de ene school ging, werd je een heel andere persoon dan wanneer je naar een andere school ging. Niet makkelijk voor de ouders: de schoolkeuze was allesbepalend. Bovendien lagen de fascistische en de communistische scholen niet zo ver van elkaar. Wanneer de studenten wat ouder werden, raakten ze vanzelf in gevechten verwikkeld. Een heel interessante periode in onze geschiedenis en een prima achtergrond voor een verhaal.»

undefined

'Een goede oefening voor een schrijver: even stoppen met het brein te zijn dat alles verzint, en beseffen dat er ook mensen in de échte wereld bestaan die iets interessants weten.'

HUMO Naar wat voor school ging jij?

Ammaniti «Een fascistische. Maar toen ik heel jong was, ging ik naar een experimentele school, waar ze de methode van Montessori volgden. Vlak daarvoor was ik welgeteld één dag naar een klassieke school gegaan, maar ik was linkshandig en een leraar had geprobeerd me rechts te doen schrijven. Mijn vader is psychiater en toen ik hem dat vertelde, werd hij razend. Hij stuurde me meteen naar die methodeschool. Daar ging ik acht jaar naartoe, maar mijn middelbaar deed ik in een klassieke school. Een fascistische dus. Toen ik daar arriveerde, waren de nineties al aangebroken en waren mensen niet meer zo fanatiek als in de jaren 70. Wel waren alle leerlingen van heel rijke komaf.»

HUMO Waarom stuurden je ouders je naar een fascistische school?

Ammaniti «De redenering van mijn vader was: als je naar een school vol idioten gaat en je bent zelf een idioot, dan verander je niet, maar als je géén idioot bent, kun je ertegenin gaan en hoef je niet te vrezen dat je zelf een idioot wordt. Een gevaarlijke keuze, eigenlijk.»

HUMO Er gemakshalve van uitgaand dat jij geen idioot bent: hoe was het tussen de idioten?

Ammaniti «Alle meisjes waren beeldschoon, allemaal hadden ze lang blond haar en een Vespa. En niet één van hen keek naar mij om, natuurlijk. Ik was anders, niet rijk genoeg ook. Gelukkig vond ik daar wel drie of vier gelijkgestemden. Wij hadden een andere manier van leven: we hielden van cannabis en van Bob Marley. Maar na vijf jaar bij die vrienden vond ik het ook wel interessant om met andere leerlingen rond te hangen, die qua afkomst niet ver van mij af stonden, maar er toch een heel andere ideologie op na hielden. Daar heb ik geleerd mensen te observeren en personages van hen te maken, denk ik. Uit die periode haalde ik mijn inspiratie voor de decadente personages uit ‘Laat het feest beginnen!’.»


Jonge kannibalen

HUMO Tot slot graag een factcheck. Toen je klein was, verkleedde je je voor carnaval als de dood. Correct?

Ammaniti «True story (lacht). Alhoewel: als een dode, niet als dé dood.»

HUMO Waarom?

Ammaniti «Ik weet het niet, ik vond het fantastisch. Ik kwam donker, creepy over – nog steeds een beetje. Ik ben zo geboren. Mijn allereerste kindertekening was van een kerkhof.

»De kinderen op school begrepen er niets van: ik lag op de grond als een dode, maar je kon niet eens zien dat ik verkleed was (lacht). Ik droeg gewoon een das en een jasje, verder niets speciaals. Niet moeilijk, hè, het kostuum van een dode: je kunt om het even wat dragen, want iedereen gaat dood. Pas maar op als je straks de straat oversteekt.»

HUMO Bedankt voor de tip. Dubbelcheck, deel twee: je hebt zes maanden rondgereisd in India?

Ammaniti «Klopt. Soms denk ik erover om er een huis te huren en daar een boek te schrijven. Ooit, misschien. Toen ik nog een jongetje was, besloot ik dat India één van mijn favoriete plekken was, dus ging ik erheen. Het was even goed als ik had gedroomd.

»Twee jaar geleden heb ik een documentaire gemaakt, ‘The Good Life’, over drie Italiaanse hippies die hun moederland in de seventies inruilden voor India. Ze kwamen er aan en wilden nooit meer terug. Ik interviewde hen over wat ze zich nog over Italië herinnerden. Een heel fijne ervaring omdat ik niet zelf centraal stond. Ik luisterde gewoon en probeerde de beste manier te vinden om hún verhaal te vertellen. Een goede oefening voor een schrijver: even stoppen met het brein te zijn dat alles moet verzinnen, en beseffen dat je niet alleen bent, dat je geen god bent die zijn eigen wereld en personages creëert, maar dat er ook mensen bestaan in de échte wereld en dat zij interessante dingen te zeggen hebben.»

HUMO Laatste anekdote die we willen aftoetsen: ooit moest je in Rome een lezing geven samen met Sandro Veronesi en Alessandro Baricco. Omdat je niet durfde te gaan, ben je met je Vespa opzettelijk tegen een muur geknald.

Ammaniti «Haha, dat is waar! Ik was pas begonnen met schrijven. Ik en een paar andere auteurs van horrorverhalen werden giovani cannibali genoemd, jonge kannibalen. Op een bepaald moment vroeg het literatuurdepartement van de universiteit in Rome me om te komen spreken op een avond met de belangrijkste Italiaanse schrijvers van het moment. Ik hapte toe, want het zou pas zes maanden later plaatsvinden, ver genoeg in de toekomst om me geen zorgen te maken. Daarna verloor ik het compleet uit het oog. Maar toen ik drie dagen voor de bewuste avond een paginagrote aankondiging in de krant zag, begon ik lichtjes te panikeren. Ik wilde to-táál niet gaan, maar afbellen met een griepje zou niet pakken. Ik moest iets ernstigs voorhebben. Toen ik me realiseerde dat de universiteit niet ver van het ziekenhuis ligt, beraamde ik mijn plan: ik zou ernaartoe rijden en met mijn Vespa tegen de muur van de universiteit knallen, dan konden ze me meteen het ziekenhuis in dragen. Een gebroken vinger leek me ideaal: dat is écht, en in het gips laten steken zou net lang genoeg duren om die lezing te missen. Dus ik crashte die avond tegen de muur. Mijn brommer was total loss, maar ik had niets! Moest ik toch naar die lezing. Nu, uiteindelijk ging het prima, hoor.

»Je mag niet vergeten dat ik toen heel jong was. Bovendien ging het niet alleen om die lezing. Ik heb jarenlang biologie gestudeerd aan de universiteit, maar ik heb mijn studie nooit afgemaakt. Toen ik nog maar twee examens moest afleggen, kon ik het plots niet meer opbrengen en ben ik gestopt. Voor mij was het een nachtmerrie om weer naar die plek te moeten, die confrontatie durfde ik niet aan.»

HUMO Heb je spijt dat je zo kort voor de finish toch geen diploma hebt behaald?

Ammaniti «Nee, nu niet meer. Ik ben gelukkig als schrijver.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234