‘De aanslagen hebben ons land 3 miljard euro gekost. Minder dan 1 procent daarvan is naar de slachtoffers gegaan’Beeld Humo

aanslagen brusseldepressies, scheidingen, jobverlies

‘Waarom laat België ons in de steek?’ Het vergeten leed van de slachtoffers van 22 maart

Het gaat niet goed met de slachtoffers van de Brusselse aanslagen van 22 maart 2016. We denken misschien dat ze stilaan uit het dal kruipen, maar met velen van hen gaat het net slechter en slechter. Dat blijkt uit een enquête van slachtoffervereniging V-Europe in samenwerking met de UGent bij bijna een kwart van de slachtoffers. Bijna driekwart van hen kampt vandaag met posttraumatische stress en/of worstelt met angststoornissen. Ook de impact van de aanslag op hun jobs en relaties is zwaarder dan verwacht. Humo kon de resultaten inkijken en ging praten met overlevenden en nabestaanden.

De voormalige Hongaarse diplomate Elizabeth Krahulecz (45) was één van de honderden mensen voor wie het leven die dinsdagochtend 22 maart voorgoed veranderde. Ze zou op zakenreis vertrekken voor haar internationale werkgever in Brussel, en stond in de vertrekhal van Zaventem te twijfelen of ze een koffie zou nemen bij Starbucks, toen plots de bom ontplofte.

ELIZABETH KRAHULECZ «Ik herinner me de overweldigende knal, de schroeiende hitte, de lucht die zich verplaatste en me tegen de grond wierp. Ik voelde een scherpe pijn in mijn bekken en panikeerde. Ik probeerde op te staan, maar dat lukte niet. De pijn was ondraaglijk en ik voelde dat ik aan het bloeden was. Rond mij heerste chaos. De lucht was veranderd in een enorme stofwolk, en overal vielen stukken van het plafond naar beneden. Mensen renden schreeuwend weg voor de volgende bom zou ontploffen. Ik herinner me de geur van metaal en bloed, die overging in een muffe geur van het stof dat alles bedekte en in mijn neusgaten kroop, zodat ik moeilijk kon ademhalen. Ik lag op de grond en zag rolkoffers voorbijkomen. Rennende voeten van de mensen die ze voortduwden, en wier gezichten ik niet kon zien. Ik zag alleen de gezichten van de doden die rond mij lagen. Ik was ervan overtuigd dat ik ook zou sterven en dacht aan mijn dochtertje van 7. Ik schreeuwde om hulp, maar niemand kwam me helpen.

»Soms bekijk ik de beelden van de bewakingscamera's, als onderdeel van mijn therapie. Je ziet al die mensen naar buiten lopen, rennen voor hun leven, terwijl de doden en zwaargewonden in de vertrekhal achterblijven. Daar heb ik het elke keer moeilijk mee, want op de video hoor ik tussen al het geroep mijn stem. Ik hoor mezelf schreeuwen: 'Help me! Someone help me!'»

Elizabeth Krahulecz: 'Ik heb al dertig onderzoeken ondergaan om een schadevergoeding te kunnen krijgen. Telkens moet ik me volledig uitkleden en is er een dokter die me laat huilen.'

Krahulecz was zwaargewond: de bom had haar bekken doorkliefd en haar dijbeen verbrijzeld. Na acht maanden in een rolstoel leerde ze opnieuw lopen. Daarna moest ze opnieuw leren leven.

KRAHULECZ «De dokters zeiden dat ik enorm veel geluk had toen het projectiel me raakte: één centimeter hoger of lager, en ik had het niet overleefd. Maar na de aanslagen veranderde alles, en voelde ik me helemaal geen geluksvogel.»

Vierenhalf jaar na de aanslagen is de dynamische carrièrevrouw depressief en lijdt ze aan het posttraumatisch stresssyndroom (PTSS), een stoornis die ook bij oorlogsveteranen voorkomt. Flashbacks, paniekaanvallen, nachtmerries en allesverterende stress maken het haar moeilijk om een 'normaal' leven te leiden. Gaan werken gaat nog, maar met moeite. De hoge vlucht die haar carrière nam bij het internationale bedrijf in Brussel, werd gebroken. De topjob die ze ambieerde, zal ze nooit bereiken. Het kost zo al te veel energie om de dagen door te komen en zich staande te houden voor haar intussen 11-jarige dochtertje Olivia, die ze in haar eentje opvoedt. Het gevecht met de verzekeringsmaatschappijen om een redelijke schadevergoeding te krijgen, put haar uit. Na vierenhalf jaar is ze nog steeds niet vergoed en houden afbetalingen voor therapieën en medische behandelingen haar in een wurggreep.

KRAHULECZ «Ik heb nog veel pijn. Spanningshoofdpijnen, en pijn aan de oren. Soms lijkt het alsof er naalden in mijn slapen worden gestoken. De last aan mijn heup is er altijd. Als ik me 's nachts draai in mijn slaap, word ik vaak wakker van de pijn die door mijn bekken schiet.

»De paniekaanvallen zijn het ergst. Op 11 september heb ik er één van tien uur gehad. Tien uren dat je niet kunt stoppen met huilen, dat je niet kunt ademen, dat je zo bang en hopeloos bent dat je een einde wilt maken aan je leven. Ik ben doodmoe. Ik schrik elke nacht wakker uit nachtmerries. Ik kan niet goed meer tegen stress. Mijn zelfvertrouwen is weg. Het is alsof ik weerloos in de wereld sta.»

LOZE BELOFTES

Elizabeth is niet alleen, blijkt uit de enquête die peilde naar de psychosociale impact die de slachtoffers van 22 maart 2016 ervaren, vierenhalf jaar na datum. V-Europe deed in samenwerking met de UGent en het Israëlische traumacentrum NATAL een uitgebreide bevraging bij 120 slachtoffers. Uit de eerste resultaten blijkt dat 69 procent van de respondenten vandaag boven de drempel scoort voor een indicatie van PTSS. Nog iets hoger is het aantal slachtoffers dat depressieve klachten rapporteert: 76,6 procent. Meer dan 72 procent lijdt aan angststoornissen.

'We wisten dat het niet goed ging met de slachtoffers, maar dit was toch even slikken,' zegt Philippe Vansteenkiste, voorzitter van V-Europe. 'Dit toont op een wetenschappelijke manier aan hoe zwaar de impact op het leven van de slachtoffers nog altijd is.'

HUMO Hoeveel slachtoffers van 22 maart zijn er?

PHILIPPE VANSTEENKISTE «De cijfers daarover verschillen erg. Bij de Commissie voor Financiële Hulp aan Slachtoffers van Opzettelijke Gewelddaden zijn 1.400 dossiers geopend, maar daar zit ook een grote groep onrechtstreekse slachtoffers bij. Met V-Europe richten we ons in de eerste plaats op de mensen die tijdens de aanslag ter plekke waren en fysieke of morele schade hebben geleden, en de nabestaanden tot in de tweede graad van de 32 overledenen. Dat zijn er volgens onze schatting een kleine vijfhonderd. De enquête is verstuurd naar 197 mensen van die kerngroep, en er zijn 120 antwoorden gekomen - zowat een kwart van het totale aantal. De resultaten moeten nog verfijnd worden, maar we zien nu al zeer duidelijke trends. Met veel slachtoffers gaat het vandaag slechter dan een paar jaar geleden.»

Dat komt omdat veel slachtoffers in het begin te weinig psychologische hulp hebben gekregen, waardoor depressie en posttraumatische stress zich konden nestelen, zegt klinisch neuropsycholoog Laurens Van Calster, verbonden aan de Universiteit van Luik en de UCL. Hij maakt deel uit van de onderzoeksgroep van V-Europe en analyseerde de resultaten.

HUMO Het meest opvallende resultaat is het hoge aantal slachtoffers met PTSS. Twee jaar geleden werd hun aantal op 40 procent geschat, maar vandaag blijkt het om bijna 70 procent te gaan.

LAURENS VAN CALSTER «Het moeilijke aan het posttraumatische stresssyndroom is dat het zich soms pas jaren na de feiten manifesteert. Het kan een hele tijd sluimeren, tot het slachtoffer door een trigger plots teruggeworpen wordt naar die gebeurtenis en het lichaam daar heftig op reageert. Vaak is dat een angstaanval waarbij intense herinneringen spontaan naar boven komen en men het contact met de realiteit kan verliezen. Die triggers zijn voor elk slachtoffer anders. Er is een vrouw die niet meer tegen het geluid van hoge hakken kan, omdat het haar herinnert aan wat ze hoorde toen de mensen in Zaventem wegvluchtten van de bom. Iemand anders kreeg een crisis op een tuinfeestje toen hij plots de hitte van de barbecue voelde.

»Bij PTSS zie je ook daadwerkelijk iets in de hersenen veranderen. Sommige delen van de hersenen worden te actief, terwijl andere juist te weinig actief zijn. Dat evenwicht kun je herstellen met de juiste therapie, maar als je niet ingrijpt, worden de symptomen alleen maar erger.»

VANSTEENKISTE «Helaas is de kennis over PTSS in België beperkt. Vaak weten slachtoffers zelf niet wat er met hen aan de hand is en moeten ze lang zoeken naar een psycholoog met de juiste expertise. In Frankrijk staat men daarin veel verder. Na elke terreuraanslag stond er een psychologisch team klaar om de slachtoffers op te vangen en intensief te begeleiden.»

VAN CALSTER «Had men dat in België ook gedaan, dan waren velen er vandaag wellicht niet zo slecht aan toe. Als men nu nog altijd niets doet met de huidige klachten van PTSS en depressie, acht ik het niet uitgesloten dat de cijfers over twee jaar nog hoger zullen liggen.»

Precies daarom moet de politiek in actie komen, vindt CDH-kamerlid Georges Dallemagne, mede-initiatiefnemer van de enquête. Hij was destijds één van de actiefste leden van de parlementaire onderzoekscommissie naar de aanslagen van 22 maart 2016. Vandaag stelt hij vast dat er veel te weinig met de aanbevelingen van de commissie is gebeurd.

GEORGES DALLEMAGNE «De meeste politici vinden dat ze hun werk gedaan hebben en dat alles nu geregeld is. Dat is niet zo. Veel beloftes zijn niet ingelost, zowel op het vlak van terreurbestrijding als qua zorg voor de terreurslachtoffers. Er is in België nog altijd een terreurdreiging, bevestigen mijn contacten bij de Staatsveiligheid mij. En de slachtoffers hebben nog steeds grote problemen die maar niet opgelost raken. Ze zitten in een moeras: psychologisch, financieel, administratief.

»Daarom moet er een opvolgingscommissie komen in het parlement, die kijkt hoe ver we staan met de aanbevelingen van destijds. Hoe gaan we voorkomen dat jongeren radicaliseren? Hoe gaan we veroordeelde terroristen die het einde van hun straf naderen, opvolgen als ze vrijkomen? En heel concreet: hoe kunnen we de slachtoffers beter helpen? Nu er een nieuwe regering is, zou het goed zijn om een minister of staatssecretaris aan te stellen die bevoegd is voor al die aspecten.»

RATTEN IN DE VAL

Luchtvaarthostess Danielle Iwens (57) was aan het werk aan de incheckbalie in de vertrekhal toen de bommen ontploften. Ze bevond zich net tussen de twee explosies in en voelde haar lichaam daveren. Ze vluchtte met een groepje reizigers naar boven, dwars door de rook - rakelings passerend langs het karretje met de derde bom, die niet ontplofte. 'Ik durfde niet naar buiten te lopen, omdat ik dacht dat ze ons daar met kalasjnikovs zouden staan opwachten, zoals in de Bataclan in Parijs.' Ze ontsnapten naar het dak, waarlangs ze via een noodtrap het tarmac hoopten te bereiken. Maar op het dak stonden ze doodsangsten uit toen bleek dat, onderaan de trap, de toegangsdeur tot het tarmac met een dik hangslot vergrendeld was en ze als ratten in de val zaten. De stofwolk uit de vertrekhal kwam via de liftschacht naar boven. Op hun telefoons zag het gevluchte groepje dat er ook in het Brusselse metrostation van Maalbeek een aanslag was gepleegd. Ze bukten zich, bang dat de terroristen overal zaten en hen onder vuur zouden nemen. Toen Danielle en haar lotgenoten eindelijk bevrijd werden, verkeerde de hostess in een diepe shock. Drie dagen later vernam ze dat haar collega en vriendin Fabienne Vansteenkiste de aanslag niet had overleefd.

Tekst gaat door onder de video

Iwens houdt er vandaag een gehoorverlies van 65 procent aan over, en een zware vorm van PTSS. Angstaanvallen beheersen haar leven.

DANIELLE IWENS «Ze overvallen je op momenten dat je het niet verwacht. Ik kwam eens van een etentje met vrienden waar we ons goed geamuseerd hadden - dat kan ik gelukkig nog. Plots kwam er mist opzetten. Ik heb me aan de kant moeten zetten, panikerend, omdat ik me opnieuw in de luchthaven waande, rennend door de stofwolk van de explosies.

»Vroeger boekte ik zomaar een ticket naar Boston om mijn vriendin te gaan bezoeken. Dat durf ik niet meer. Als ik ergens ben, let ik alleen op de nooduitgangen, de brandveiligheid of hoeveel volk er binnen is. Het spontane is weg. Er kwam een innerlijke onrust voor in de plaats, een knagende angst. Je weet dat het elke dag, straks of morgen met je gedaan kan zijn.

»Ik merk dat mensen vinden dat we weleens mogen stoppen met zeuren. 'Het is meer dan vier jaar geleden. Get on with your life.' Dat is frustrerend, want ik vraag het me zelf ook af. Hoelang ga ik me nog zo slecht voelen? Zal ik ooit nog mijn oude zelve zijn?»

Danielle Iwens: 'Als ik ergens ben, let ik alleen op de nooduit­gang­en en de brandveiligheid. Er is een knagende angst, omdat ik nu weet dat het elk moment gedaan kan zijn.'

KLIKKENDE CAMERA'S

Ook de Zweedse Katarina Viktorsson (36), die als jong au pairmeisje naar Brussel kwam, is vandaag niet meer de pittige, opgewekte advocatenassistente en moeder die ze was. Zij verloor in Zaventem haar moeder, Berit Viktorsson, die in België was voor een kort familiebezoek. De Zweedse van 63 was de laatste dode van de aanslagen die werd geïdentificeerd. De vrouw liep net naast zelfmoordterrorist Ibrahim El Bakraoui toen die zich liet ontploffen in de vertrekhal, en was onherkenbaar toegetakeld.

'We hebben vier dagen gezocht. De onzekerheid was hels. Dat heeft me gebroken,' zegt Katarina. Het geluid van klikkende camera's bezorgt haar nog altijd paniekaanvallen. Het gooit haar terug naar de zoektocht naar haar moeder, toen journalisten haar tot op de parking achtervolgden.

Na de aanslagen raakte Katarina er nooit meer bovenop. Ze was angstig en gestresseerd, had donkere gedachten, was doodmoe, had minder geduld met de kinderen. Ze probeerde een paar keer om weer te gaan werken op het advocatenbureau, maar kon zich niet concentreren en kraakte onder de stress. Uiteindelijk werd er PTSS bij haar vastgesteld.

Katarina Viktorsson: 'Het heeft me twee jaar gekost om een psycholoog te vinden die me kon vertellen wat er met mij aan de hand was. Als slachtoffer moet je het allemaal zelf uitzoeken.'

KATARINA VIKTORSSON «Het heeft me twee jaar gekost om een psycholoog te vinden die me kon vertellen wat er met mij aan de hand was. Als slachtoffer moet je het allemaal zelf uitzoeken, de overheid geeft je niet eens een adressenlijst. Omdat het zo lang geduurd heeft, denk ik dat ik er vandaag erger aan toe ben. Ook mijn kinderen hebben zwaar geleden, en nog altijd. Ze waren dol op hun oma. Ik heb pas na maanden beseft dat de kleinste zichzelf de schuld gaf van haar dood.»

HUMO Kun je ook posttraumatische stress ontwikkelen als je niet zelf op de plek van het onheil was?

VIKTORSSON «Mijn psycholoog zegt me dat het soms nog erger kan zijn bij nabestaanden die het zelf niet hebben meegemaakt. Omdat zij alleen hun verbeelding hebben. Als je de aanslag zelf hebt meegemaakt, ken je de waarheid, hoe verschrikkelijk die ook is. Ik had alleen maar vragen. Hoe zijn de laatste minuten, seconden van mijn moeder verlopen? Wist ze dat ze ging sterven? Had ze pijn? Heeft ze doodsangsten uitgestaan? Allerlei scenario's malen door je hoofd, het ene al verschrikkelijker dan het andere.

»Ik heb pas veel later bij het federale parket de video gezien van de bewakingscamera's in de vertrekhal. Ik heb de laatste ogenblikken van mijn moeder gezien. Op de beelden zie je dat ze voor een computer staat en haar boardingkaart aan het printen is. Dan begint de camera te trillen, op de achtergrond zie je een mensenmassa die in haar richting komt gehold. Dat was de eerste bom. Mijn moeder kruipt onder een slagboom door en begint ook te rennen. Ze heeft dus nog de tijd gehad om bang te zijn. Dan volgt de tweede ontploffing. Mijn moeder staat op dat ogenblik bijna naast de zelfmoordterrorist, op minder dan twee meter. Daardoor weet ik dat ze onmiddellijk dood was. Ze heeft niet geleden.

»Ik krijg het erg moeilijk als ik in die vertrekhal moet passeren. Ik weet nu exact op welke plek ze gestorven is. De vloertegels blinken er harder, omdat ze na de aanslag vernieuwd zijn.»

HUMO Hoe is het om met PTSS te leven?

VIKTORSSON «Het is alsof mijn lichaam voortdurend in staat van alarm is, omdat er altijd en overal gevaar is. Bij een plots geluid schrik ik zo hard dat ik mijn reacties niet kan controleren. Dan komen de paniekaanvallen. In het begin was ik zo gespannen dat werkelijk álle spieren in mijn lichaam pijn deden, omdat ze verkrampt waren, alsof ik elke dag een marathon liep. Het was in het begin zo erg dat ik zelfs niet meer kon plassen, en een paar keer naar de spoeddienst moest om mijn blaas te laten ledigen.

»De nachtmerries putten me uit. Soms zie ik mijn moeder terug en maken we schreeuwende ruzie over banaliteiten. Ik denk dat ik ergens ook boos op haar ben, omdat ze me achtergelaten heeft. Als ik me een tijdje beter voel, komen de dromen waarin mijn kinderen zwaargewond raken, of doodgaan. Alsof mijn onderbewuste niet wil dat ik beter word.

»Het vreet al je energie, en je hebt niks meer over om met de kinderen bezig te zijn, te werken, het huishouden te doen, gewoon een leven te leiden.»

Onderzoeker Laurens Van Calster: 'Bepaalde triggers kunnen angstaanvallen veroorzaken. Er is een man die een crisis kreeg op een feestje toen hij plots de hitte van de barbecue voelde.'

GEBROKEN RELATIES

In 2018 gingen Katarina en haar partner uit elkaar.

HUMO Had de breuk met je partner met de aanslagen te maken?

VIKTORSSON (knikt) «In het begin heeft het verdriet onze band versterkt, we hadden ook twee kinderen om voor te zorgen. Maar uiteindelijk heeft het ons uit elkaar gedreven. Hij is geweldig voor me geweest, maar op den duur werd het te zwaar voor hem. Hij begreep niet waarom ik maar niet beter werd.

»Het is niet makkelijk om te leven met iemand die een depressie en posttraumatische stress heeft. Je kunt soms heel onverwacht reageren, heel boos of triest, terwijl de ander niet begrijpt waarom je zo doet. Ik bén ook niet meer de vrouw die hij vroeger kende. De aanslagen hebben mij fundamenteel veranderd. Die dynamische, opgewekte Katarina bestaat niet meer. De kinderen voelen het ook. Ze zijn nu 8 en 9, en ze raken er stilaan aan gewend. Ze weten dat ik snel moe ben en in de namiddag even moet gaan liggen. Anders houd ik het fysiek niet vol.»

De nasleep van de terreuraanslagen heeft in alle relaties spanningen veroorzaakt, zegt onderzoeker Laurens Van Calster. En vaak ook tot scheidingen geleid. Uit de enquête blijkt dat 20,6 procent van de slachtoffers een relatiebreuk doormaakte die te wijten is aan de gevolgen van de aanslagen.

VAN CALSTER «Dan gaat het alleen over koppels bij wie het effectief tot een breuk is gekomen. Er zijn ook relaties die zwaar onder druk hebben gestaan en nét niet zijn geknapt. Het is niet te onderschatten hoe zo'n aanslag een leven verandert.»

Ook de relatie van Elizabeth ging door zwaar weer.

KRAHULECZ «Ik heb Thomas ontmoet toen ik 38 was. We hadden plannen om samen een leven uit te bouwen en we wilden nog een kind, een broertje of zusje voor Olivia. Dat kon nog, ik was net 40 geworden. Maar na de aanslag kreeg ik van de dokters te horen dat ik geen kind meer kan dragen. In één klap waren alle kansen op een nieuw gezinnetje weggevaagd. Alles is anders gelopen. Thomas steunt me enorm, maar er zijn nog altijd spanningen. Nu heb ik een hond, geen tweede kind.»

IWENS «Ik heb gelukkig een lieve man die zacht en begripvol is. Maar het is ook moeilijk geweest. Je kunt niet meer van het seksuele genieten, omdat je te gespannen bent. Dat is een gemis, want je weet hoe het vroeger geweest is. Ik zonderde mij af omdat ik mijn gezin niet wilde belasten. Maar ons gezin is er uiteindelijk sterker uitgekomen. Onze band is heel hecht. Zonder mijn man en mijn kinderen zat ik hier nu niet meer.»

HUMO De enquête stelde ook een invloed vast op de kinderen en hun schoolresultaten. 11,5 procent van de schoolgaande jongeren moest een jaar overdoen, en bijna 6 procent haakte af op school.

KRAHULECZ «Mijn dochtertje Olivia was 7 en leek het eerste jaar niet zoveel last te ondervinden. Maar toen ze 8 was, werd ze plots erg teruggetrokken en gingen haar schoolresultaten fel achteruit. Ze heeft het een tijd heel moeilijk gehad, maar nu gaat het gelukkig beter. Alleen herinnert ze zich niet meer hoe ik was vóór de aanslagen. Ze vraagt het steeds aan mijn vriend Thomas: 'Hoe was mama vroeger dan?'»

IWENS «Mijn zoon was 15 toen het gebeurde. Ook hij heeft geworsteld. Zijn schoolwerk leed eronder, maar hij moest niet blijven zitten. Elk jaar op 22 maart om 8 uur 22 trekt hij zich even terug. Dat is het moment dat ze hem toen uit de klas hebben gehaald.»

GELDNOOD

Ook de impact op het werk is aanzienlijk. 21,8 procent verloor zijn of haar job als gevolg van de aanslagen, en nog eens 16,6 procent nam zelf ontslag. Veel slachtoffers veranderden ook van job, omdat de werkplek of de weg naar het werk te confronterend was.

HUMO Danielle, jij bent wel op de luchthaven blijven werken.

IWENS «Toen ik de eerste keer terugging na drie maanden, ben ik de tweede dag al gecrasht. Alles herinnerde mij aan de aanslag. Pas in het najaar van 2016 lukte het mij om opnieuw te werken. Ik doe mijn job doodgraag, maar het kostte me enorm veel energie, en af en toe kreeg ik flashbacks of een angstaanval. Als ik plots de para's zag staan, als er te veel volk aan de check-in stond, als ik een reiziger zag die zijn handen op een vreemde manier op zijn bagagekarretje legde - want zo hadden de zelfmoordterroristen hun bom laten ontploffen. Ik ben een paar keer onwel geworden en naar de spoed gevoerd. In 2019 heb ik een zware terugval gehad en ben ik acht maanden thuisgebleven omdat de paniekaanvallen elkaar te snel opvolgden. Op dit ogenblik ben ik technisch werkloos door de coronacrisis, en ik voel dat ik daardoor minder stress heb.»

HUMO Praten jullie er onder collega's nog over?

IWENS «Nee. Het is een beetje een taboe geworden, omdat slachtoffers ongelijk behandeld zijn. Sommigen hebben zeer snel een gulle schadevergoeding gekregen, anderen hebben nog altijd niets gekregen. Ik praat er alleen nog over met collega's van wie ik weet dat ze het ook moeilijk hebben.»

HUMO Elizabeth, jij ging na tien maanden opnieuw aan de slag.

KRAHULECZ «Veel te vroeg. Ik was er nog niet klaar voor, maar ik werd gek van het nietsdoen. Ik ben niet meer de georganiseerde Elizabeth van vroeger. Het lukt me niet meer om alles tegelijk te regelen. Ik kan moeilijk tegen stress en ben gevoelig voor kritiek. Af en toe moet ik er een tijdje tussenuit, om op adem te komen, en om aan mijn therapie te werken. Eén keer ben ik drie maanden moeten stoppen omdat ik zoveel paniekaanvallen kreeg. Maar ik heb het geld nodig, want door de handicap aan mijn been moest ik verhuizen naar een appartement op de gelijkvloerse verdieping. Ik volg ook verschillende therapieën om mijn angsten en depressie te verzachten, en die dure psychologische hulp moet ik zelf betalen.»

HUMO Daarmee zijn we bij het heikele punt van de schadevergoedingen en het gevecht met de verzekeringen beland.

KRAHULECZ «Dat maakt het allemaal zo zwaar. Ik heb na anderhalf jaar noodhulp gekregen, maar die dekt maar een fractie van mijn kosten. Intussen ben ik al vierenhalf jaar in een procedure verwikkeld om een correcte schadevergoeding te krijgen. Die verzekeringsmaatschappijen zijn erin gespecialiseerd om alles zo lang mogelijk te laten duren. Hun dokters moeten bepalen hoeveel schade je geleden hebt, moreel en fysiek, en proberen dat percentage zo laag mogelijk te houden. Ze behandelen je respectloos en achterdochtig, alsof je liegt of overdrijft.

»Ik heb intussen meer dan dertig medische onderzoeken gehad. Elke keer moet ik van in het begin vertellen wat er op de luchthaven is gebeurd. Elke keer moet ik me voor hen uitkleden en voor hen uit stappen, elke keer duwen ze tegen de wonde. Heel pijnlijk en vernederend allemaal. Ook de toon van hun vragen: 'Als je je niet goed voelt, waarom ben je dan naar Hongarije gereisd?' - 'Omdat mijn familie daar woont.' - 'Waarom ben je weer gaan werken als je depressief bent?' - 'Omdat ik het geld nodig heb!'

»Ze stellen je een bepaalde regeling voor, met slechte voorwaarden. Als je zegt dat je dat niet redelijk vindt, kijken ze je in de ogen en zeggen koudweg: 'Als je dit niet aanvaardt, duurt het nog twee jaar langer. Met alle medische onderzoeken van dien. En dokter G. zal er altijd bij zijn.' Dat is de dokter die me elke keer aan het huilen brengt.»

Ook Katarina en Danielle hebben nog geen schadevergoeding gekregen.

VIKTORSSON «Het is een uitputtingsslag. Dat doen ze met opzet, in de hoop dat je opgeeft. Intussen leef ik van een ziekteuitkering. Ik weet dikwijls niet hoe ik het einde van de maand moet halen. Soms voel ik woede over zoveel onrechtvaardigheid. Maar ik probeer om niet bitter te worden, want die woede vreet je helemaal op. Ik heb twee kinderen en ik moet verder, voor hen.»

IWENS «Ik zou graag aan mijn verwerking beginnen, maar ik vrees dat die pas echt kan beginnen als de dossiers van de verzekeringen eindelijk afgerond zijn. Mij is het niet om het geld te doen. Ik wil gewoon mijn leven terug.»

KRAHULECZ «Ik kan maar niet begrijpen waarom de Belgische overheid ons compleet in de steek laat. Zij duwen ons in de handen van privéverzekeringsmaatschappijen en hebben geen enkele controle over wat die met ons doen. De regels zijn ondoorzichtig en zo ingewikkeld dat zelfs onze advocaten ze soms niet begrijpen. Maar het zijn machtige instellingen met veel invloed in de politieke wereld.»

Die toestand met de verzekeringsmaatschappijen is onaanvaardbaar, zegt CDH-kamerlid Dallemagne.

DALLEMAGNE «Met de parlementaire commissie hebben we aanbevolen dat de staat zou optreden als een neutrale tussenpersoon tussen de slachtoffers en de verzekeringsmaatschappijen. Dat systeem bestaat ook in Frankrijk. In België heeft de regering dat geweigerd, God weet waarom. Daardoor staan de slachtoffers alleen tegen grote verzekeringsmaatschappijen, voor wie natuurlijk veel financiële belangen op het spel staan.

»De aanslagen hebben de Belgische staat in totaal zo'n 3 miljard euro gekost, grof geschat. Vorig jaar meldde de verzekeringskoepel Assuralia dat er in totaal al 27,1 miljoen euro aan schadevergoedingen was uitbetaald in 1.337 dossiers. Minder dan 1 procent van de totale kost van de aanslagen is naar de slachtoffers gegaan. Dat had misschien wat meer mogen zijn, en sneller, zonder dat ze er maanden of jaren voor moeten vechten.»

Slachtoffers en nabestaanden kunnen terecht bij V-Europe, de door de overheid erkende slachtoffervereniging: v-europe.org

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234