Waarom steeds meer mensen het nieuws mijden: 'De krant en het journaal zijn zo deprimerend dat je spontaan een vork in je oog zou steken'

Hongersnood, gifgasaanvallen, metroaanslagen, de laatste tirade van Erdogan, het recentste oestrogeendipje van Joy Anna Thielemans: sommige mensen hoeven het allemaal niet meer te weten. Ze zappen de journaals weg, zeggen hun krantenabonnementen op en gaan bewuster met sociale media om.

'Meer dan vriendschap, liefde, boeken en muziek heb je heus niet nodig'

In zijn boek ‘Kop uit ’t zand’ schetst Jan Terlouw op treffende wijze de wrevel tussen een vader en zijn zoon over hun beider nieuwsconsumptie. Pa leest drie kranten en twee tijdschriften. Zoon Bart volgt niets.

‘Bart was van mening dat de mensheid verdronk in een vloedgolf van overbodige informatie en vooral van meningen. Hij vond dat een krant nauwelijks een bijdrage leverde aan zijn kennis of begrip. De belangrijkste nieuwsfeiten – een aardbeving, een uitgebroken oorlog – hoorde hij via de radio die hij nogal eens had aanstaan als hij per auto onderweg was. Aan alle analyses en beschouwingen die kranten toevoegden had hij geen behoefte. Hij sloeg dan wel geen krant open, hij beweerde toch dat er nooit een beschouwing in stond over hoe achterhaald de analyse van een maand geleden was, hoe nutteloos de voorspelling van vorig jaar, hoe onrechtvaardig de recensie van wat in feite een meesterwerk was. Als Bart al eens naar talkshows keek, was dat gewoonlijk maar gedurende een minuut of vijf. Hij was van mening dat de oppervlakkigheid van dit soort programma’s ze vluchtiger maakte dan ether. Dat eeuwige onwaarachtige lachen terwijl er niets te lachen viel ergerde hem mateloos, en de eigendunk van de meeste deelnemers aan dit soort programma’s was volgens hem een teken dat het mensdom aan het degenereren was.’

De passage haakt in op een trend waarvan experts sterk vermoeden dat hij groeiend is: het straal negeren van de actualiteit. ‘Mensen generen zich niet meer om te zeggen dat ze het nieuws niet volgen,’ zegt Irene Costera Meijer, hoogleraar journalistiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Op definitieve cijfers is het nog wachten tot komende zomer, maar ook Meijer heeft de indruk dat het fenomeen groeit. Samen met een collega van Oxford University doet ze onderzoek naar nieuwsmijders en hun motieven in 26 landen. ‘Twee weken geleden hebben we nog straatinterviews gedaan en dat liep verrassend vlot. Naast de klassieke categorie van laaggeschoolden die niks hebben met het nieuws, zie je het fenomeen ook opduiken bij hoger opgeleiden. Voor hen is het haast een statement, om kritiek te uiten op de media en de gang van zaken in de wereld.’

Ze onderscheidt een aantal groepen nieuwsmijders: bangeriken die zichzelf willen beschermen, mensen die geen tijd hebben, newagers die er hun stemming niet door willen laten beïnvloeden en mensen met politieke redenen. Die laatsten willen door hun klikgedrag niet meer bijdragen aan het verdienmodel achter bepaalde – meestal sensationele – berichten. De échte, totale nieuwsmijders zijn zeldzaam, omdat er haast geen ontkomen meer aan is. ‘Vroeger moest je een krant vastpakken of de tv aanzetten. Tegenwoordig komt het nieuws van alle kanten binnen. Daardoor wordt vermijden een zeer bewuste daad.’


‘Overweldigende negativiteit’

Bram Van Oost (33) is founding partner van Cloudoki, een Gents bedrijf in applicatie-ontwerp en -ontwikkeling. Vanwege een hectisch professioneel leven en het deprimerende karakter van het nieuws, besloot hij enkele jaren geleden zijn nieuwsconsumptie drastisch te verlagen.

Bram Van Oost «Ik ben uiteraard niet tegen nieuws, wel tegen de overweldigende negativiteit ervan. De gemiddelde krant en het gemiddelde journaal zijn zo deprimerend dat je spontaan een vork in je oog zou steken. Als ik moet wachten in een koffiebar pak ik weleens een krant vast, maar ik sla ze even snel weer dicht: 90 procent is slecht nieuws, of dingen die me geen fluit interesseren. De Belgische politiek, bijvoorbeeld. Dat zijn heel veel laagjes bullshit op elkaar. Het gaat zelden over het beleid en de gevolgen daarvan voor de bevolking. Het is een slecht theaterstuk van bonobo’s in dure pakken die wat tegen elkaar staan brullen over wie gelijk heeft over één of andere futiliteit. De ene heeft een tweet gestuurd, waarop drie anderen reageren, en daar gaan de media dan drie dagen op door. De berichten over de graaicultuur in de intercommunales heb ik wel meegekregen. Als kleine zelfstandige word je daar hysterisch van. De beleidsdaden en uitspraken van Trump volg ik ook, omdat dat iedereen aanbelangt. Voor zulke types kan de mensheid niet genóég gewaarschuwd worden.

»Mijn verminderde nieuwsconsumptie heeft ook te maken met tijdsgebrek. Ik heb een bedrijf: dat is intensief genoeg. Ik heb niet de behoefte om daarnaast continu om de oren te worden geslagen met alles wat fout gaat in de wereld.

»Het nieuws zou gevarieerder en positiever moeten zijn. Dat zou de hele maatschappij ten goede komen. Met vrienden heb ik op café ooit plannen gemaakt om een nieuwsaggregator te starten die enkel positieve berichten publiceert. Er passeren zoveel coole dingen die het nieuws niet halen. Onlangs werd de eerste herbruikbare raket gelanceerd. Zoiets lees je op de websites van Wired en I Fucking Love Science. Dat gaat over vooruitgang, nieuwe uitvindingen, onze toekomst. Maar in de reguliere media komt het nauwelijks aan bod.

»Mijn afkeer van het nieuws is geleidelijk gegroeid, er was niet één bepaald keerpunt. Vroeger was ik geabonneerd op de nieuwsupdates van enkele kranten. Ik heb ze allemaal stopgezet. Al die e-mails met breaking news zijn niks meer dan shotjes negativiteit die je concentratie doorbreken. De oplossing voor Oosterweel? Ik vind dat geen applaus, maar een afstraffing waard. De politici die daarover moesten beslissen, hebben 25 jaar lang hun werk niet gedaan. En trouwens: maakt die oplossing de mensheid beter? Is dat echt relevant? Ik vind dat achtertuinnieuws.

»Een tv heb ik nog, maar zonder abonnement. Ik kijk wel op internet, waar ik kan selecteren wat ik wil zien. De nieuwsfeed via Facebook reikt me vaak interessante informatie aan. Ik heb een goede groep vrienden die relevant nieuws delen: over de honger in Oost-Afrika of een aanslag in Syrië, met de opmerking erbij waarom de onlinekranten dáár geen clickbait-artikel over maken.

»Mensen die uitblinken in zurigheid, ontvolg ik. Ik participeer niet in discussies die enkel draaien om gif spuien en het eigen ego plezieren. Als het niet kan leiden tot een consensus, haak ik af. Ik heb ook geen boodschap aan al die praat- en debatprogramma’s, en aan het leger columnisten en meningspuiers in de geschreven media. Tenzij het over mijn interesse- of vakgebied gaat. Als Peter Hinssen (technologie-ondernemer en auteur, red.) een column schrijft, wil ik die wel lezen. Zulke mensen volg ik op Twitter.

»Soms krijg ik het verwijt dat ik mijn kop in het zand steek, vooral op politiek vlak. Mensen vinden terecht dat het de sociale en vaderlandse plicht is van elke burger om een weloverwogen stem uit te brengen bij de verkiezingen. Daarom doe ik stemtesten en vertrouw ik op het advies van enkele mensen in mijn kring die zich wel informeren.

»Er is nu minder ruis in mijn leven, minder geblaas en gezucht. Er zijn minder ‘allee, hoe is dat nu mogelijk?’-momentjes. Ik heb meer tijd om zaken te lezen of te bekijken die me écht interesseren. Meer tijd en minder neerslachtigheid, dat is niet slecht, hè?»

'Door me vrolijk en vriendelijk te gedragen wil ik een voorbeeld zijn voor anderen, los van huidskleur, ras of cultuur'


‘Minder bang dan vroeger’

Elfi De Bruyn (32), een creative stylist en auteur uit Antwerpen, noemt haar nieuwsdieet een vorm van zelfbescherming.

Elfi De Bruyn «Het keerpunt was mijn depressie, waarvoor ik twee jaar geleden in therapie ging. Ik had op dat moment geen energie meer om die stroom aan crap te verdragen. Om weer een connectie te kunnen maken met mezelf, was het nodig om mijn connectie met de buitenwereld uit te zetten. Ik ben een emotionele spons. Mijn omgeving, en dus ook het nieuws, kan me enorm triggeren. Als kind was ik snel bang: ik dacht voortdurend dat de wereld zou vergaan.

»Het nieuws mijden is een overlevingsmechanisme. Met naïviteit of een gebrek aan empathie heeft het niks te maken. Ik probeer mijn eigen wereld in te kleuren, en een wolk van positivisme om me heen te creëren, om zo de negativiteit buiten de deur te houden. Dat laat me toe om vooruit te gaan in deze maatschappij, met al haar verboden, vooroordelen en haat. Ik wil een voorbeeld zijn door me vrolijk en vriendelijk te gedragen tegen anderen, los van huidskleur, ras of cultuur. Ik heb ook al meegewerkt aan projecten voor dierenasielen. Nieuws over dierenwelzijn boeit me nog altijd. Het filmpje van de mishandelde varkens in het slachthuis van Tielt heb ik gedeeld op sociale media, om mensen bewust te maken. Ik heb het wel maar ten dele kunnen bekijken, omdat het zo hard binnenkwam.

»Naar tv-journaals kijk ik niet en ik lees geen kranten. Op sociale media filter ik heel streng wat ik wil zien. Negatieve zaken negeer ik zoveel mogelijk. Daardoor ben ik rustiger geworden en leef ik dichter bij mezelf. Vroeger zat ik aldoor online, tegenwoordig neem ik soms bewust afstand door mijn telefoon uit te zetten, in de natuur te gaan wandelen en échte gesprekken aan te knopen met mensen. Ik ben minder bang geworden.

»Op de dag van de aanslagen in Brussel liet mijn toenmalige vriend me ’s morgens weten dat hij net geland was op Zaventem. Hij zou de trein nemen, maar sms’te dat er iets was gebeurd en dat hij moest weglopen. Op dat moment voelde ik nog een zeker vertrouwen. Tot Twitter ontplofte en de nieuwsuitzendingen op tv begonnen. Ik werd meegezogen in het verhaal. Gelukkig kwam mijn vriend veilig thuis. De dagen erna sloot ik me af van alle drama. Het enige bericht dat ik heb gedeeld, was dat van een slachtoffer dat in het ziekenhuis bezoek kreeg van zijn redder. Dat vond ik een hoopvol verhaal. Verder wou ik niet meewerken aan de verspreiding van de angst, want dat is het doel van die terroristen. Ik was ook niet bang om het openbaar vervoer te gebruiken of naar een concert te gaan. Mensen die alles op de voet bleven volgen, waren daar veel vatbaarder voor.

»Als ik de naam van een bepaalde minister niet ken, vragen mensen weleens van welke planeet ik kom. Vooral mijn ouders begrijpen niet hoe ik zulke dingen niet kan weten. Maar ik vind dat niet belangrijk genoeg om in mijn hoofd te steken. We moeten al zoveel onthouden, er komen al zoveel impulsen op ons af. Filteren is cruciaal. Als er echt belangrijke zaken gebeuren, komt het nieuws wel tot bij mij. Al de rest moeten de politici zelf maar uitzoeken.»


‘Gruwel bij een biertje’

Annemarie Kota (42) is laborante en maakt kruidenbereidingen in de abdij van Postel. Ze is heel actief in het sociale circuit van geefwinkels, deeltuinen en repaircafés.

Annemarie Kota «Ik was 15 jaar en at, zoals elke middag, mijn boterhammen op voor het tv-journaal, samen met mijn moeder. Een item over het Roemenië van dictator Ceausescu maakte me misselijk. Ik zag mensen op straat liggen, met de ingewanden eruit, en besefte dat het geen fictie was. Op dat moment besliste ik dat ik geen tv-nieuws meer wou zien. Het klopte gewoon niet: wij kijken naar al die ellende zoals naar een film, terwijl we rustig een biertje drinken of een ijsje eten. Maar die dingen gebeuren écht. Ik kon er niet meer tegen.

»Dertien jaar geleden heb ik ook mijn tv naar de kelder gebracht. Ik had op een avond allerlei leuke plannen gemaakt, maar er was niks van terechtgekomen omdat ik zo verknocht was aan al die domme series op tv. Ik dacht: ‘Waar ben ik mee bezig? Het leven vliegt voorbij en ik zit hier naar dat bakje te turen. Weg ermee!’ Er kwam veel tijd voor anderen in de plaats. We hebben de laatste vijftien jaar veel vrienden over de vloer gehad en veel gezelschapsspelletjes gespeeld. Het leven wordt leuker als je keuzes durft te maken.

»Als de onderwerpen me interesseren, koop ik nog weleens een krant. En ik lees ook berichten op nieuwswebsites. Dan kan je tenminste zelf beslissen wat je op je af laat komen. En wanneer.

»Ik heb een voorkeur voor nieuws van bij ons. Zaken waar je iets aan kunt doen. Dagen Zonder Vlees, Tournée Minérale, acties tegen zwerfvuil… Op sociale media deel ik alleen positieve dingen: een lokale vereniging die wat leuks doet, een walvis die gered wordt… Ik schrik van de haat in onze maatschappij. Herinner je je de zigeunerfamilie die onlangs een huis in Gent bezette? Dan hoor je mensen zeggen dat ze die krakers graag persoonlijk zouden gaan afknallen om ze te laten leegbloeden voor de camera’s. Zo waren we honderd jaar geleden toch niet?

»Het fenomeen Trump intrigeert me. Hoe is het mogelijk dat mensen vallen voor iemand die zulke waanzinnige dingen zegt? Ook Theo Francken verkondigt de grootste stommiteiten, zoals zijn uitspraken over Artsen Zonder Grenzen. Ik ben die ngo actief beginnen te steunen, net omdát ze mensen uit het water vissen. Vorig jaar ben ik met een auto vol kleren en voedsel naar Duinkerke gereden om de vluchtelingen te helpen en met hen te praten. Dat zijn ménsen, net als wij. Maar blijkbaar vindt een deel van het publiek menselijkheid minder belangrijk dan politici die spektakel verkopen.

»Beelden van rampen of aanslagen probeer ik te vermijden. Dat is te ingrijpend. Als er iets ergs gebeurt, belt of sms’t mijn man me. Dat is een zachtere manier.

»De laatste keer dat ik het nieuws nog eens echt op de voet heb gevolgd, was met de kernramp in Fukushima. Ik haalde er speciaal de tv voor uit de kelder. Twee dagen zat ik aan het scherm gekluisterd, wekenlang bleef ik ermee bezig. Dat nieuws werkte zo op mijn gemoed. Ik dacht na over oplossingen: hoe kunnen we die kerncentrales hier weg krijgen? Want zo’n ramp kan net zo goed bij ons gebeuren. Mensen steken de schuld altijd op de regering en de politici, maar die politici, dat zijn wij. Wij verkiezen hen. We zijn niet zo machteloos als we denken. Wij maken deel uit van het systeem. De echte macht ligt bij jou en bij mij. Met elke handeling kunnen we het systeem afwijzen of versterken. We drinken hier nu thee van een bekend merk, een multinational. Misschien hadden we beter voor een biodrankje gekozen van een lokaal merk. Met alles wat we doen, bepalen we mee wat er gebeurt in de wereld. Maar we hebben zelfs geen tijd meer om daarbij stil te staan.

»Ik heb twee tienerdochters. Die vonden het erg dat we geen tv hebben. Sinds ze allebei een iPhone hebben gekregen, zijn die klachten voorbij. Ze kijken naar Netflix en Net Gemist. Eén zomer hebben we zonder internet geleefd. We waren net verhuisd naar een vakantiehuisje in de bossen van Postel en we wilden de vakantiesfeer behouden. Maar toen het schooljaar begon, bleek het internet onmisbaar. Jammer, maar zónder kan je niet meer mee in onze maatschappij.»

'Het gat in de ozonlaag, de zure regen, het SARS-virus: thema's die destijds de media beheersten, maar waar vandaag niemand nog over spreekt'




‘Strandhut zonder internet’

Tom Peeters (30) begon zijn carrière als journalist bij het ter ziele gegane P-magazine en woont intussen bij zijn vriendin Anete in Estland. Maar eigenlijk is het juister om te zeggen dat ze samen de wereld rondtrekken en leven van de liefde en hun beider pennen. Een journalist die het nieuws mijdt?

Tom Peeters «Zo categoriek ben ik niet, maar ik ben nooit gelukkiger geweest dan tijdens het jaar dat ik in Indonesië woonde en amper wist wat zich in de wereld afspeelde. Ik woonde in een huis zonder internetaansluiting, tv of radio. Een smartphone had ik niet. En hoewel ik een mondje Indonesisch sprak, begreep ik de kranten niet. Heerlijk! Het was een detox van het jachtige bestaan waartoe je als journalist haast verplicht bent. Daarginds heb ik begrepen dat ik een haat-liefdeverhouding heb met de journalistieke bubbel. De jaren voordien had ik al de nood gevoeld om te ontsnappen door lange reizen te maken, waarover ik gelukkig mocht schrijven.

»Niet zozeer het nieuws an sich ergert me, maar de nutteloze en eindeloze discussies die eruit voortvloeien. Het publieke debat spitst zich te vaak toe op onnozele symbooldiscussies en futiliteiten. Na een maandenlange reis rond de Zwarte Zee bleek dat ik de hele hetze over het gebruik van het woord allochtoon had gemist. Daar was men in België een week over bezig geweest. Wat een gerommel in de marge. De Zwarte Pieten-discussie: hou toch op. Er zijn heus wel belangrijker zaken waarmee we ervoor kunnen zorgen dat allochtonen zich in België meer thuis voelen.

»Het constante einde-van-de-wereldsfeertje is ook vreselijk. Er zijn altijd oorlogen, conflicten en rampen geweest. Dertig jaar geleden pleegden nationalistische vrijheidsstrijders en communisten ook aanslagen. Ik betwijfel of daar toen ook zo overvloedig over werd bericht als over de moslimterreur. De media dragen bij tot een angstklimaat.

»Ik heb eens een reeks gemaakt over onheilspellende fenomenen en apocalyptische doemscenario’s die de media jarenlang hebben beheerst: het gat in de ozonlaag, de zure regen, het SARS-virus… De rode draad was dat de berichtgeving destijds fel overdreven en zelfs ronduit sensationeel was. Intussen hebben de wetenschap en de politiek doeltreffende oplossingen gevonden. Vandaag spreekt niemand nog over die thema’s.

»Sinds ik twee jaar geleden terugkeerde uit Indonesië (waar hij zijn Estse vriendin leerde kennen, red.), ga ik selectiever met het nieuws om. Ik lees geen drie kranten per dag meer om met alles mee te zijn. Ik check Belgische en internationale nieuwswebsites, maar klik alleen nog op onderwerpen die me boeien: lange achtergrondstukken over het milieu, de klimaatopwarming, vluchtelingen… Voor de rest beperk ik me tot het scannen van de titels.

»Als je alleen onze media volgt, lijkt het alsof er maar in één land aan politiek wordt gedaan: de VS. Er gebeurt zoveel in de wereld dat nooit aan bod komt. Enkele maanden geleden was er – terecht – veel aandacht voor de Sioux-indianen van Standing Rock, die zich verzetten tegen de geplande oliepijplijn onder hun reservaat. Maar ook elders kruipen inheemse activisten op de barricades om hun land, rivieren en bossen te verdedigen tegen pijpleidingen, dammen, plantages en houtkap. Dat gebeurt in het Amazonegebied, de Himalaya, de Mekongdelta, in Myanmar en de Filipijnen, Maleisië, Indonesië en India. Helaas zien ze daar nooit een camera, waardoor het resultaat van hun strijd vaak minder gunstig is dan in Standing Rock.

»In Indonesië heeft een gouverneur onlangs de Koran beledigd. Die man moet voor de rechter verschijnen wegens blasfemie. Honderdduizenden woedende moslims zijn tegen hem op straat gekomen. We hebben het hier over het grootste moslimland ter wereld dat altijd bekendstond als seculier en pluralistisch. Ik vind dat nieuws, maar de Belgische media waren er nauwelijks in geïnteresseerd.

»Mijn ultieme droom is om ooit terug te keren naar Indonesië, om er in een hut aan het strand te gaan wonen, zónder internet of tv, en te kunnen leven van de boeken die ik schrijf. Een leven ver weg van nieuws, luxe, materialisme en andere ruis. Meer dan liefde, vriendschap, boeken en muziek heb je heus niet nodig.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234