De haven van Beiroet ligt in puin nadat daar woensdagmiddag een partij ammoniumnitraat tot ontploffing kwam. Beeld AP

Libanon

Was de explosie in Beiroet dan toch geen ongeluk?

Kom bij de bewoners van Beiroet niet aan met het verhaal dat er toevallig een loods met ammoniumnitraat is ontploft. Velen vermoeden een verband tussen de verwoestende explosie en de komende uitspraak in het tribunaal over de moord op president Hariri in 2005 waarvan leden van de sjiitische Hezbollah worden verdacht. ‘Dit was een bijna strategische explosie.’

Het balkon van het huis waar hij opgroeide biedt uitzicht over de catastrofe. Marc Gibran, een 36-jarige sporttrainer, wijst naar beneden. De auto’s – elke auto in de straat is ingedeukt. De ramen – geen enkel huis heeft nog ramen. De stapels glas en puin op straat. De restaurants die mogelijk nooit meer open zullen gaan. De kerk waar woensdag de eerste slachtoffers zijn begraven.

Marcs arm zit in het verband en ook zijn linkerknie. Sporten kan hij vergeten. Zoals duizenden andere Libanezen is hij gewond geraakt bij de explosie die deze week het halve stadscentrum van Beiroet in een inferno veranderde. ‘Vietnam’, zegt zijn moeder met een wijds gebaar over de straat. ‘Syrië. Idlib.’

Wat is er gebeurd? Kom bij Marc niet aan met het officiële verhaal dat de Libanese autoriteiten verspreiden: dat een loods vol ammoniumnitraat die al jaren in de haven van Beiroet lag door een onbekende oorzaak is ontploft. ‘Daarvoor is dit te groot. Na alles wat er in dit land is gebeurd, geloof ik niet in toeval.’

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie

De dag na de explosie, terwijl in Beiroet ambulances en lijkwagens achter elkaar aan rijden door straten vol grijs puin, twijfelen inwoners openlijk over het scenario van een toevallige ontploffing van gevaarlijke chemicaliën, die al jaren in de haven opgeslagen lagen.

De explosie vond namelijk plaats in de week dat het Libanontribunaal uitspraak zou doen over de aanslag op president Saad Hariri in 2005. De verdachten van de aanslag zijn leden van de sjiitische Hezbollah-militie. Inmiddels is de uitspraak uitgesteld. Dat wekt argwaan bij sommige inwoners in dit failliete land, waar de machthebbers zo corrupt zijn dat de Verenigde Naties en het Internationale Monetaire Fonds ingrijpende hervormingen eisen.

In de straat van Marc Gibran heeft geen enkel huis of gebouw nog ramen. Beeld AFP

‘De explosie was een manier om het vonnis uit te stellen,’ zegt Nabil Saymouaa, een 33-jarige architect die zoals zoveel Libanezen al maanden nauwelijks werk heeft. Hij staat in zijn appartement in een traditioneel complex uit 1956, waar de schokgolf geen meubelstuk heel heeft gelaten. De latjes van de lamellen steken door de muur heen. ‘Waarschijnlijk was dit Hezbollah. Ze doen het op zo’n manier dat je niet zeker weet of zij het zijn.’

Christelijk stadsdeel

De explosie in Beiroet raakte vooral de oostelijke helft van het centrum: het christelijke stadsdeel Ashrafieh, waar hippe cafés en kerken elkaar afwisselen. Beiroet dankt haar reputatie als uitgaansstad aan de hippe kroegen in deze buurt, waar de alcohol tot ’s nachts vloeit en bezoekers een vrijheid genieten die in de rest van de Arabische wereld ondenkbaar is.

Nu is van die vrijhaven weinig over. De uitgaansstraten van Ashrafieh liggen in puin.

‘Dit was een bijna strategische explosie’, zegt Adrian Pariz. Zoals honderdduizenden andere Libanezen kan hij niet meer thuis slapen, want de ramen liggen eruit, de deuren zijn weggeblazen en er is geen elektriciteit. ‘Een christelijke woonwijk is geraakt, waar veel mensen naar café’s gaan. Dit is het begin van iets groters dat zal gaan escaleren.’

Daar stormt vriend Gilles uit zijn verwoeste portiek. Gilles wil niet met zijn achternaam in deze krant, want hij blijkt zelf te werken voor een invloedrijk Libanees medium. Nu hij een buitenlandse verslaggever ziet, wil hij zijn verhaal kwijt. ‘Sorry dat ik onderbreek. Wat vind jij zelf van de westerse berichtgeving? Want het gaat alleen maar over verwoeste huizen, over slachtoffers. Logisch hoor. Maar de enige vraag die ertoe doet, is: waarom?’

Gilles gunt zich nauwelijks een adempauze en gaat door. ‘De regering is verrot en werkt met Hezbollah, daarom. Die chemicaliën werden beheerd door Hezbollah.’

‘Dit is speculeren’, sust Adrian.

Alles diep verdeeld

In Libanon is bijna alles diep verdeeld. Zo ook de christelijke gemeenschap. Zelfs nu, na mogelijk de grootste dreun die Beiroet ooit trof, hebben de kerken – van maronitisch tot Grieks-Orthodox en Armeens – geen overleg over de aanpak van de schade. ‘Daar was geen tijd voor’, zegt priester Eliah Mouhannis van de maronitische kerk in de wijk Mar Mikhael. Hij is druk met het begraven van de slachtoffers van zijn parochie.

Woensdag begroef hij de eerste twee in een dienst van een halfuurtje. Donderdag weer twee. Vrijdag nog een. ‘En tegen die tijd zullen er waarschijnlijk meer gewonden zijn overleden.’ Hij houdt de nabestaanden voor dat zij niet naar het puin moeten kijken, maar hun blik gericht moeten houden op Jezus.

‘Wij verwachtten dat er iets zou gaan gebeuren in de aanloop naar de uitspraak van het tribunaal’, zegt Mouhannis. Meer wil hij er niet over zeggen. ‘Na alles wat er in Libanon is gebeurd, vertrouwen wij niemand meer.’

Een man ligt gewond op de motorkap van een auto na de enorme explosie in het havengebied. Beeld AFP

De Libanese autoriteiten zijn de dag na de ramp nauwelijks te bekennen op straat. Alleen het leger probeert de ergst getroffen straten af te sluiten. Het puinruimen wordt gecoördineerd door groepjes jonge vrijwilligers. ‘Vanmorgen hebben we elkaar gebeld en besloten dat we iets moesten gaan doen’, zegt Serge Bakhos, die gewapend met een mondkapje en handschoenen het appartement van een oudere alleenstaande dame bewoonbaar probeert te maken. Bloederige vingerafdrukken staan in het portiek, zoals in veel meer flats in Beiroet. De traptreden vertonen donkerrode vlekken.

‘Erger dan de oorlog’

De bewoonster, Enaam Shakkar, staat op slippers in haar keuken, een ravage van glasscherven en eten uit de omgevallen ijskast. Enaam is ervan overtuigd: deze explosie was erger dan de Libanese burgeroorlog, die 15 jaar duurde en in 1990 ophield. ‘Want in een oorlog kun je je nog verschuilen.’

Ze heeft gehoord dat de explosie toevallig is ontstaan in een loods vol ammoniumnitraat in de haven. Het levensgevaarlijke explosieve materiaal was daar opgeslagen nadat een vrachtschip onderweg van Georgië naar Mozambique zeven jaar geleden voor de kust van Libanon in de problemen kwam. Een onwaarschijnlijk verhaal, vindt zij. En juist daarom kan het zomaar waar zijn. ‘In dit land is alles mogelijk.’

Op zijn balkon boven een zwaar getroffen straat wijst Marc met zijn ingezwachtelde arm naar de cafés en luxe restaurants die hier mogelijk nooit meer open zullen gaan. Hij gelooft niet in toeval, al weet hij ook niet wat de explosie wel verklaart. Maar dit weet hij zeker: ‘Mensen hebben nu niets meer om in hun vrije tijd naartoe te gaan.’

(VK)

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234