Wat kinderen écht nodig hebben: neurobiologe Nicole Strüber over het eerste levensjaar

Men zegt weleens dat het eerste levensjaar het allerbelangrijkste is in de ontwikkeling van een kind. En nu heeft wetenschappelijk onderzoek ook aangetoond dat de band die we in die periode met onze ouders of verzorgers opbouwen, in grote mate bepaalt of we later tegen het leven bestand zullen zijn.

'Warme ouders tijdens het eerste levensjaar zijn de beste preventie tegen een burn-out'

- Het is dus de schuld van onze ouders als we op een dag te maken krijgen met depressie of burn-out, de beschavingsziekten van deze tijd?

Nicole Strüber «Lieve help, zo zou ik het niet stellen. Twee dingen maken kinderen tot wat ze zijn: de genen die ze geërfd hebben en de ervaringen die ze op heel prille leeftijd met hun ouders hebben opgedaan. Aan de genen die ze doorgeven, kunnen ouders niets doen. Maar in hun handelingen zijn zij ook maar het resultaat van hún genen en ervaringen. Het komt zelden voor dat ouders hun kinderen opzettelijk schaden. Dus: schuld? Nee.»

- Laten we het dan verantwoordelijkheid noemen. Recent neurobiologisch onderzoek toont aan dat het gedrag van ouders veel invloed heeft op de hersenontwikkeling van hun kind, meer bepaald op het vermogen om later met stress om te gaan.

Strüber «In de psychologie ging men er al van uit dat er een verband bestaat tussen hechting en stressbestendigheid. Maar de neurobiologie heeft het bewijs geleverd, aan de hand van de structuur van de hersenen: voeg er binding aan toe en er ontstaat oxytocine, wat de hoeveelheid stresshormoon in het bloed doet afnemen.»

- Als een eenvoudig keukenrecept.

Strüber «Het brein is heel complex, maar we begrijpen er al veel van. Zo kunnen we op dit moment bewijzen dat stress – geen spanningen van triviale aard, maar zware zorgen, verdriet, angst of depressie – bij de moeder invloed heeft op de hersenen van een foetus of zuigeling, met name op de cellen die gevoelig zijn voor bepaalde hormonen, zoals het stresshormoon cortisol en het sociaal hormoon oxytocine. Als zo’n klein mensje op dat vlak schade ondervindt, zal het als volwassene meestal ook minder goed zijn eigen stresssysteem kunnen beheersen.»

- Voor onze latere stressbestendigheid is het dus van belang op welke manier we onze ouders ervaren?

Strüber «Van onschatbaar belang. Warme ouders tijdens het eerste levensjaar zijn de beste preventie tegen burn-out. Neem bijvoorbeeld een kind dat al in de moederbuik aan hoge dosissen cortisol is blootgesteld. Het zal ter wereld komen met veel temperament en dus nood hebben aan ‘eerste contactpersonen’ die veel geduld hebben.»

- Zijn die tekortkomingen tijdens de zwangerschap dan achteraf te herstellen?

Strüber «Zeker! Zulke kinderen zijn vaak gevoeliger voor prikkels uit de omgeving dan andere, maar dat geldt zowel in positieve als in negatieve zin. Als een kind dat overgevoelig is voor indrukken gerustgesteld wordt, leert het zijn emoties te controleren. In dat geval kan het zich zelfs tot een buitengewoon zachtaardig, sociaal en creatief iemand ontwikkelen. Maar als het geconfronteerd wordt met minder fijngevoelige ouders, die overspannen, afwijzend of onverschillig reageren, dan gebeurt het omgekeerde. Zo’n kind krijgt het op lange termijn vaak moeilijk om zijn reacties te sturen: het gaat snel overdreven reageren en is vaker agressief dan andere kinderen.»

- Welke rol spelen de genen en welke de ervaringen?

Strüber «Ze spelen allebei een rol. Van alle receptoren zijn er ook vormen die al in het DNA van het kind opgeslagen zitten. Neem nu dopamine: daarvan bestaat de aparte 7R-variant, waarmee ongeveer 20 procent van alle mensen geboren wordt. Voor die kinderen is het nog belangrijker dat de moeder een rustige zwangerschap doormaakt en na de geboorte fijngevoelig en geduldig is.»

- En wat hebben kinderen nodig die met ‘normaal’ uitgeruste hersenen ter wereld komen?

Strüber «Aanvankelijk zijn de hersenen een wirwar van enkele miljarden zenuwcellen die met elkaar in verbinding staan. Om van die chaos een functioneel netwerk te maken, moeten bepaalde verbindingen worden gestabiliseerd, door ze steeds weer te activeren. En daar dient ervaring voor. De moeder speelt op dat vlak een belangrijke rol – ik spreek van de moeder omdat zij als ‘eerste contactpersoon’ gewoon het best onderzocht is. Ze kan de borst geven, een haast onuitputtelijke bron van oxytocine! Maar eigenlijk kun je net zo goed een ander belangrijk iemand nemen. Het enige wat telt is dat hij of zij echt aanwezig is.

»Bij peuters is de hersenschors nog niet volledig ontwikkeld. Ze reageren vooral vanuit de diepe hersenstructuren, zoals de amygdala, die verantwoordelijk is voor ons overlevingsinstinct. Als een baby honger heeft, kan hij zichzelf niet troosten met de gedachte dat hij over een uur te eten krijgt. Van een onweer wordt hij vreselijk bang omdat hij het niet als ‘maar’ een onweer kan zien. Hij heeft zijn moeder nodig, iemand die zijn gevoelens registreert en een plaats geeft, iemand die troost geeft en verklaart wat er gebeurt. Pas met de jaren rijpt de hersenschors en kunnen waarnemingen gerelativeerd worden. Veel geduld en steun van de eerste contactpersoon versterkt de verbinding tussen de amygdala en de hersenschors, en zo wordt het voor een kind steeds gemakkelijker om rustig op een eerste angstimpuls te reageren.»


Zwarte pedagogiek

- In het verleden werden ouders met verschillende pedagogische ideeën gebombardeerd. Achteraf bleken die vaak nergens op te slaan. De zogenaamde ‘zwarte pedagogiek’, die overeind is gebleven tot in de jaren 70, is daar wellicht het ergste voorbeeld van. Miljoenen moeders hebben zich daarop gericht.

Strüber «Vreselijk. In de jaren 30 heeft een zekere Johanna Haarer, een Duitse kinderarts, een invloedrijk boek over die opvoedingsmethode geschreven. Ouders moesten de wil van hun kroost breken, omdat die kinderen er alleen maar op uit waren om te manipuleren. Laten huilen, luidde de boodschap, anders kweek je kleine tirannen. Compleet fout. Op een bepaald moment gaven die kinderen het gewoon op. Ze leerden alleen nog gehoorzaam te functioneren, niets van behoeften of gevoelens te laten blijken en geen vertrouwen te hebben in een ander. Ik ken hier geen studies over, maar ik kan me voorstellen dat je de gevolgen hiervan bij nagenoeg een hele generatie zou kunnen aflezen in de chemie en de verbindingen van de hersenen.»

'De perfecte kinderjaren bestaan niet. Ik ben zelf zes jaar thuisgebleven voor mijn kinderen. En toch was de situatie niet optimaal.'

- Na de autoritaire beweging kwam Jean Liedloff, een etnologe die een bestseller schreef waarin ze ouders aanraadde hun kinderen op hun lichaam te dragen, de borst te geven wanneer ze daarom vroegen en voorts niet al te veel aandacht aan hen te besteden.

Strüber «Dat kinderen gedragen worden en de borst krijgen is goed. Lichaamscontact geeft rust en stimuleert de productie van oxytocine. Maar kinderen hebben een moeder of een vader nodig die hun emoties spiegelt en af en toe ingrijpt in de gebeurtenissen. Ik sta er altijd weer van te kijken hoe al die moeders in de speeltuin of aan de schoolpoort voortdurend met hun gsm bezig zijn. Misschien zijn ze wel aardig, maar ze lijken erg onverschillig en hebben niet de minste interesse in wat er om hen heen gebeurt. Er bestaat wetenschappelijk onderzoek naar ‘still faces’: wel, bij een peuter veroorzaakt het onbewogen gezicht van z’n moeder bijzonder veel stress.»

- De let them be-visie kreeg op haar beurt een tegenbeweging. Je moest plots alles uit een kind halen wat eruit te halen viel. Het toppunt daarvan: ‘tiger mum’ Amy Chua, die in een boek beschreef hoe ze haar dochter maximaal deed presteren. Uit onderzoek was gebleken dat hersenen van kleine kinderen ongelofelijke capaciteiten hebben. En dus deden ouders er alles aan om ze zoveel mogelijk vol te proppen.

Strüber «Hoe jonger kinderen zijn, hoe gemakkelijker ze dingen opnemen: er zijn talloze hersenverbindingen mogelijk. Maar toch: je kunt kinderen in de kleuterklas beter geen Chinees leren, andere basiskennis is veel belangrijker. Het is alsof je kaviaar zou geven aan iemand die uitgehongerd is. Kinderen moeten eerst en vooral de wereld om hen heen leren begrijpen en hun eigen lichaam en gevoelens ontdekken: evenwichtsoefeningen doen, in bomen klimmen, leren onderhandelen, omgaan met frustraties en compromissen sluiten. En ze hebben ruimte nodig om dat allemaal te verwerken, om na te spelen wat ze beleefd hebben.»

- Maar als ouders hun kinderen ruimte bieden, krijgen die later op school concurrentie van drietalige kinderen die weten wat aandelenkoersen zijn.

Strüber «Fout. Wie later in een complexe, extreem overprikkelde wereld wil functioneren, moet met hoge verwachtingen kunnen omgaan. Je moet je in moeilijke omstandigheden kunnen beheersen. Een meeting aan een conferentietafel in Moskou, een tocht met de metro in Shanghai: je moet op je stresssysteem kunnen rekenen. Er zijn trouwens sterke aanwijzingen voor dat wie in staat is veel oxytocine aan te maken, gemakkelijker leert, dat zo iemand creatiever is, en weet hoe hij zichzelf na een belastende taak moet belonen met iets sociaals, zoals een avondje uit met een vriend of een vriendin. Zulke mensen weten uit ervaring hoeveel deugd dat doet. We weten dat de hersenen al vroeg leren veel oxytocine aan te maken bij sociale interactie en vervolgens stress af te bouwen. Wie zoiets niet kan, grijpt misschien eerder naar een paar glazen bier, wat in de omgang met stress niet de beste oplossing is.»


Supermoeder

- Momenteel wordt algemeen aangenomen dat het goed is om peuters naar een kinderdagverblijf te sturen. Zo worden ze sociale wezens. En het is bovendien goed voor de intelligentie.

Strüber «Ik geloof daar niets van. Neem nu dat van die intelligentie. Uit een studie is gebleken dat sociaal achtergestelde kinderen 7 IQ-punten slimmer zijn als ze naar een kinderdagverblijf of school gaan waar hun taalvaardigheid extra stimulansen krijgt. Maar uit dezelfde studie bleek dat het geen bijkomend effect heeft voor kinderen onder de 3 jaar. Ik begrijp dat moeders willen gaan werken, maar het ergert me als kinderen daar de dupe van zijn. Kinderen onder de 3 jaar hebben geen kinderdagverblijf nodig om intelligentie en sociale vaardigheden te ontwikkelen. Ze hebben zorg nodig, een emotioneel veilige omgeving, iemand die empathisch is en naar hun noden luistert. Als dat in een kinderdagverblijf gegarandeerd wordt, heb ik er geen probleem mee. Maar op dit moment is dat weinig waarschijnlijk. Bij de allerkleinsten is een verhouding van één verzorger op twee tot drie kinderen aan te bevelen. Maar dat heb je bijna nergens.»

'Kinderen onder de 3 jaar hebben geen kinderdagverblijf nodig om intelligentie en sociale vaardigheden te ontwikkelen'

- Wie zoiets beweert, wordt algauw weggezet als iemand die vindt dat de vrouw terug aan de haard moet.

Strüber «Ik hoor niet in die conservatieve hoek thuis. Ik weet hoeveel ik van mijn werk hou en ik ben ervan overtuigd dat vrouwen er nadeel van kunnen ondervinden als ze te lang thuisblijven voor de kinderen. Maar dat probleem mag niet worden opgelost in het nadeel van de kinderen. Ik ben ook geen supermoeder. Wat ik zeg over kinderdagverblijven, zeg ik als wetenschapper. Het gaat trouwens niet alleen over de moeders, maar evenzeer om de vaders. Daar bestaan heel mooie nieuwe studies over.»

- Zijn mannen hormonaal goed uitgerust om kleine kinderen te verzorgen?

Strüber «Testosteron, het mannelijke hormoon, stimuleert niet noodzakelijk zorgzaam en empathisch gedrag, maar we weten op dit moment dat de hersenen het testosteronniveau van mannen doen afnemen wanneer ze een vaste relatie hebben. En dat daalt nog meer als ze een baby verzorgen. Maar wees niet bang: de afname is tijdelijk en de hersenen kunnen ook makkelijk de switch naar andere situaties maken. Als er op kantoor of bij het voetbal veel testosteron nodig is, keert die meteen terug.»

- En mannen die beweren dat ze gek worden van een huilende baby?

Strüber «Als iemand zoiets zegt moet je dat zeker ernstig nemen. Uit een experiment met een vader en een hartverscheurend huilende babypop bleek dat de testosteronspiegel bij sommige mannen daalde als ze erin slaagden de pop te kalmeren. Als dat niet lukte, schoot hij de hoogte in. Neurobiologen concluderen daaruit dat de hersenen het aanhoudende geschreeuw zo interpreteren: ‘Als ik mijn kind niet kan kalmeren, zal er zo meteen iets verschrikkelijks gebeuren…’ En ze gaan in extreme stressmodus. In bepaalde gevallen is de man dan beperkt in zijn mogelijkheden tot empathische en zorgzame omgang met het kind. En in extreme gevallen, wanneer een hoge dosis testosteron ook nog samengaat met opvallende gevoeligheden in het cortisol- of het serotoninesysteem, kan er een kortsluiting ontstaan die mogelijk een ongecontroleerde gewelduitbarsting tot gevolg heeft.»

- De aanbevelingen voor ouders zijn dus deze: zorg ervoor dat je geen stress hebt – niet tijdens de zwangerschap, niet in het eerste levensjaar, eigenlijk nooit meer. Behandel je kind altijd empathisch en zorgzaam, zodat het leert zijn emoties te beheersen. En als een man niet kan verdragen dat een baby huilt, laat er dan iemand anders voor zorgen. Alleen: hoe spelen ouders dat allemaal klaar zonder totaal gestrest te raken?

Strüber «Het is goed dat je weet wat een kind nodig heeft. Maar de perfecte kinderjaren bestaan niet. Het was bij ons niet anders. Ik ben zelf zes jaar thuisgebleven voor mijn kinderen. En toch was de situatie niet optimaal. Ik heb een tweeling. Ze waren van bij de geboorte erg druk. Mijn man werkte in een andere stad en moest pendelen. De kinderen wilden op hetzelfde moment door mij gedragen worden. Zodra ik een baby oppakte, begon de andere te huilen. Ik kon niet voor allebei tegelijk goeddoen. Ik ben dan vaak met de twee baby’s op mijn arm op de sofa gaan zitten om te laten voelen dat ik er was. Je kunt alleen maar je best doen. Ik ben er zeker van dat een kind voelt dat je het beste met ’m voorhebt, ook als het niet altijd krijgt wat het precies nodig heeft of graag zou willen.»

© 2016 Stern / Picture Press

Vertaling Els Snick

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234