Wat moet u volgens Alex Callier en Philippe Van Cauteren zeker gezien, gehoord en gelezen hebben?

De voorbije weken hebben we bij monde van bekend en intelligent Vlaanderen hard ons best gedaan om jongeren duidelijk te maken dat cultuur méér omvat dan het nieuwste paar Yeezy’s, een iPhone Xr of een Starbucks-bezoek, en dat dat niet eens vreselijk hoeft te zijn. Deze week doen we een laatste poging om u of uw kroost enige culturele voorliefde aan te kweken, dankzij bruikbare tips van Hooverphonic-brein Alex Callier en artistiek directeur van het S.M.A.K. in Gent Philippe Van Cauteren.

'Naar een museum gaan is als onze ogen wassen: we leren opnieuw te kijken'


Alex Callier: ‘Een Buitenlands lief’

ALEX CALLIER «Ik geef Luka, onze 18-jarige Hooverphonic-zangeres, altijd de raad om zoveel mogelijk te observeren en van zoveel mogelijk culturele producten te proeven. Hoe meer je absorbeert, hoe meer levenservaring je opdoet, en hoe meer je daaruit kunt putten. Ik ben bewust kinderloos, maar mocht ik kinderen hebben, dan zou ik willen dat ze op een bepaald moment de wijde wereld intrekken, zodat ze in contact komen met andere culturen: dat opent je de ogen en geeft je een bredere kijk op de wereld. Je hoeft daarvoor niet eens ver weg te gaan. Op mijn 24ste heb ik veel tijd doorgebracht in Londense studio’s, en toen was ik verbaasd dat de assistenten met z’n zessen een appartement voor vier moesten delen en twee jobs moesten combineren om rond te komen. Terwijl ik in België een eigen appartement huurde én een eigen auto had! Als je in een achterwijk van Detroit of Charleston uit de tourbus stapt en de raad krijgt om de club niet te verlaten omdat het buiten niet al te koosjer is, dan trek je je ogen wel open. En als je ziek wordt in de VS, dan merk je hoeveel een doktersbezoek er kost als je niet deftig verzekerd bent.

»On the road heb ik dus veel gezien en geleerd, ook op cultureel vlak. En dan heb ik het niet enkel over boeken of muziek, maar ook over pakweg eetcultuur. In Italië merk je dat de Italiaanse keuken bij ons een aangepaste versie is die niets te maken heeft met bijvoorbeeld de traditionele Toscaanse keuken, waar veel ingewanden op het menu staan.»

'Op mijn 45ste heb ik Salinger herlezen, en toen dacht ik vooral: waarom al dat drama?'

HUMO Je bent het dus eens met mensen die vinden dat je beter kunt gaat reizen in plaats van een hele hoop boeken te lezen?

CALLIER «De combinatie lijkt me ideaal. Luka leest momenteel vooral de boeken die in het middelbaar op de leeslijst staan. Ze is ook nog maar 18: dat is jong, hè. Ik las toen ook enkel de boeken die we van school moesten lezen: Willem Elsschot en zo. Dat vond ik niet altijd tof, maar dat is niet erg: je kunt pas ontdekken wat je eigen smaak is als je veel verschillende dingen leest. J.D. Salingers ‘The Catcher in the Rye’ heeft toen wél een grote impact gehad. Als coming-of-ageverhaal is het heel herkenbaar voor een tiener: de problemen rond volwassen worden worden er heel goed in beschreven, waardoor ik dat perfect op mezelf kon projecteren. Op mijn 45ste heb ik het nog eens herlezen, en toen dacht ik vooral: waarom al dat drama? (lacht) Is het daarom een slecht boek? Nee, maar het heeft gewoon niet meer dezelfde impact.

»Onlangs heb ik iets boeiends gelezen over het verstrijken van de tijd, dat hier goed bij aansluit. Als je jong bent, lijkt de tijd trager te gaan; hoe ouder je wordt, hoe sneller de tijd lijkt te gaan. Volgens dat boek komt dat omdat je minder snel verbaasd raakt naarmate je ouder wordt. Een jongere heeft minder levenservaring en is dus logischerwijs sneller onder de indruk van allerlei dingen, waardoor de beleving intenser wordt en langer lijkt te duren. De impact van pakweg muziek is vaak groter op een jongere dan op een volwassene. Ik merk dat zelf ook: de kippenvelmomenten worden steeds schaarser, omdat ik ondertussen al zovéél gehoord heb. Maar als ik er nog eens één beleef, is het des te intenser. Dat is dus een extra reden waarom jongeren zoveel mogelijk moeten beluisteren, bekijken en lezen: ze hebben meer kans om erdoor geraakt te worden.»

HUMO Nog boeken die jongeren kunnen prikkelen?

CALLIER «Ik hou van Haruki Murakami’s schrijfstijl: heel gestileerd en uitgepuurd, en daardoor makkelijk om te lezen. Ik vind niet al zijn boeken even goed, maar ‘Ten zuiden van de grens’ is heel straf: hoewel er nergens een woord te veel staat, is het toch een heel poëtische roman. Hij creëert een wereld waarin ik graag wegvlucht. Om dezelfde reden hou ik ook van de films van Tim Burton. Ik vind de actualiteit soms zo triest dat ik nood heb aan escapisme.

»Aangezien onze jongeren in een multiculturele samenleving opgroeien – waar de helft van de Vlamingen blijkbaar liever niets mee te maken wil hebben – zou ik ook ‘Bedwelmd’ van Lulu Wang aanraden. Het is heel vlot geschreven en gaat over een Nederlander die voor zijn werk naar China trekt en er verliefd wordt op een Chinese, met allerlei cultuurclashes als gevolg. Ik ben zelf tien jaar samen geweest met een Nederlandse uit Twente: je wilt niet weten hoeveel spraakverwarringen er in het begin tussen ons waren, en dat terwijl Nederland nog maar een buurland is! (lacht) Ik heb ook ooit eens drie maanden iets met een Poolse gehad, op cultureel vlak een behoorlijk leerrijke tocht. Misschien moeten jongeren dus ook eens verliefd worden over de landsgrenzen heen?

»Hoewel ik vroeger niet veel las, ben ik tegenwoordig continu aan het lezen. Ik was eind de 20 toen Geike (Arnaert, red.) me ‘Balzac en het Chinese naaistertje’ van Dai Sijie cadeau deed. Dat vond ik zo mooi dat ik steeds meer begon te lezen. Ik begin mijn ochtenden met lezen in bad, ik lees tussen het studiowerk door een hoofdstuk, ik heb een boek bij me tijdens het middagmaal en sluit de dag af met nog een leesuurtje.»

HUMO Hou je ook van kunst?

CALLIER «Ja, maar niet van arty farty-gedoe. Ik hou niet van kunstenaars die zichzelf niet kunnen relativeren. Maar wat is kunst? De sensationele architectuur van New York is voor mij ook kunst, en soms beter dan een museum.»

HUMO Welke ingrediënten moet een meesterwerk volgens jou bevatten?

CALLIER «Het moet enorm veel persoonlijkheid hebben en tegelijk heel universeel zijn, zodat het heel veel verschillende mensen kan prikkelen en raken. Bij sommige artiesten gebeurt dat wanneer ze nog leven, maar anderen zijn voor op hun tijd en worden pas erkend na hun dood. Mozart en Nick Drake zijn daar goede voorbeelden van.»

HUMO Zijn meesterwerken altijd tijdloos?

CALLIER «Bach was populair in zijn tijd en wordt nog steeds beluisterd, maar toch al een pak minder dan pakweg vijftig jaar geleden. Zelfs de sixties zijn al ver weg! Er zijn nog altijd jongeren die aan het Flanders Art Institute of aan de kunsthumaniora studeren, maar hoeveel andere jongeren luisteren nog naar Bach, Mozart en Satie? Heel weinig, aan het marktaandeel van Klara te zien. Daarom is het goed dat die componisten via de muzische vorming op school worden meegegeven, waardoor er hopelijk interesse voor gekweekt wordt. Maar spijtig genoeg wordt dat vak steeds vaker afgeschaft!

»Wat klassieke muziek betreft, zou ik jongeren trouwens Erik Satie aanraden: door het minimalistische karakter ervan, blijft zijn muziek verbazingwekkend goed overeind. Laat ze daarentegen Wagner in al zijn overbeladenheid horen, en ze zullen al snel denken: ‘What the fuck? Zet dat af.’ En dat snap ik ook: het is gemaakt in een andere tijd, aangepast aan de muzieknormen van die tijd. Cultuur evolueert, omdat de mens en zijn smaak evolueert.

»Nick Drake en Big Star hebben mooie platen gemaakt die ik jongeren zeker zou aanraden. Maar dat hangt natuurlijk ook af van je persoonlijke smaak. Waarom hou ik van Cigarettes After Sex, Satie en de filmmuziek van John Barry, maar minder van London Grammar of Mozart? Omdat die eersten de regels van een klassieke harmonie aan hun laars lappen en niet graag bij één toonaard blijven, terwijl laatstgenoemden dat wel doen.

»Nu, ik kan me voorstellen dat jongeren dezer dagen keuzestress krijgen van het muziekaanbod: er is zovéél. Je hebt een platform nodig dat je een mooie selectie aanbiedt, maar helaas is radio tegenwoordig erg geformatteerd en gestandaardiseerd. Ik luisterde graag naar ‘Duyster’ op Studio Brussel, maar dat werd afgevoerd. En presentatrice Ayco Duyster doet nu iets helemaal anders op Radio 1. Hoe kunnen jongeren dan nog in contact komen met dat soort muziek?»

HUMO Kun je tot slot voor onze jongeren samenvatten waarom cultuur zo belangrijk is?

CALLIER «Cultuur vertelt ons wie we zijn: het is een uiting van wat we denken en voelen. Wanneer er over tweehonderd jaar teruggekeken wordt op deze tijd, zal het onze cultuur zijn die een beeld zal geven van wie we waren en wat ons bezighield. Cultuur is een reflectie van de maatschappij, omdat een individu via een kunstwerk weergeeft hoe hij die maatschappij ervaart.

»(Denkt na) Het is makkelijk om de schuld voor de culturele desinteresse van jongeren op het onderwijs te steken, maar volgens mij wordt cultuur toch vooral meegegeven door de ouders. Hoe komt het dat de wei van Werchter Boutique vol staat met zowel jonge als oudere Fleetwood Mac-fans? Omdat de ouders van die jonge gasten thuis constant ‘Rumours’ opgelegd hebben. Waarom ben ik geïnteresseerd in de typische twang-gitaar van de jaren 50 en 60? Omdat mijn pa telkens maar weer The Shadows in de auto opzette. De filmmuziek van Ennio Morricone is blijven hangen omdat er thuis naar de westerns van Sergio Leone gekeken werd. Mijn pa had de dubbele blauwe en rode van The Beatles in zijn platencollectie zitten: ik zette die destijds op en luister er nu nog steeds naar. En via een vriend van mijn oudere broer leerde ik in het zesde leerjaar al Simple Minds kennen. Je kunt zovéél meekrijgen van thuis uit, maar dan moet die stimulatie er wel zijn. Als je ouders naar klassieke muziek luisteren, zul je daar in je puberteit misschien een ongelofelijke hekel aan hebben, maar later zul je dat weer oprakelen en denken: tiens, eigenlijk is dat zo slecht nog niet.»


Philippe Van Cauteren: ‘Meer dan schoonheid’

PHILIPPE VAN CAUTEREN «Hoewel het niet makkelijk is om de jeugd naar een museum te lokken, stellen we toch met plezier vast dat heel wat jongeren de weg naar het S.M.A.K. vinden. We leveren grote inspanningen om aan te tonen dat een museum een fijne plek is en dat het er geen suffe bedoening hoeft te zijn, zoals vaak verkeerdelijk wordt aangenomen. In samenwerking met Subbacultcha komen er tweemaal per jaar artiesten uit binnen- en buitenland in de hal van het museum optreden, en we werken ook samen met het Centrum Leren en Werk om maatschappelijk kwetsbare jongeren de weg naar het S.M.A.K. te tonen.

»Dit jaar maken we ook voor de tweede keer op rij deel uit van Pukkelpop Art United: voor het hoofdpodium zal er een ART Yard staan, een nog grotere site dan de Dôme van vorig jaar, waarin allerhande dingen met kunstenaars gebeuren: workshops, projecties… Zo willen we jongeren tussen de concerten door een kunstzinnig onderkomen bieden, vanuit de overtuiging dat de deuren zo wijd mogelijk open moeten kunnen, zonder in te boeten aan kwaliteit. Jongeren die naar Pukkelpop gaan, raad ik dus aan een kijkje te komen nemen.»

'Ik nam vroeger meisjes op wie ik verliefd was mee naar het museum'

HUMO Hoe komt het dat jongeren musea vaak met saaiheid associëren?

VAN CAUTEREN «Door de manier waarop bezoekers worden aangesproken. Veel musea schrijven nog altijd teksten voor zichzelf, terwijl je mensen op een leesbare manier moet zien te bereiken, zonder afbreuk te doen aan het werk van de kunstenaar.

»Nu, de grootste hefboom blijft volgens mij toch het onderwijs. Het schoolcurriculum zet nog altijd in op vakken die functioneel zijn voor het latere leven. Was ik minister van Onderwijs, dan zou ik één schooldag per week besteden aan kunst en cultuur in de breedste zin van het woord. Hoe vroeger je daarmee in contact gebracht wordt, hoe meer impact dat vermoedelijk heeft op je verdere leven. Ik was 8 toen ik het werk van James Ensor voor het eerst zag, en dat heeft er als het ware voor gezorgd dat ik vandaag artistiek directeur ben.»

HUMO Wat vond u zo fascinerend aan het werk van Ensor?

VAN CAUTEREN «Ik heb nooit gereisd met mijn ouders, zelfs niet naar de Ardennen. Mijn vader vond: als je iets op tv kunt zien, waarom zou je dan naar de andere kant van de wereld reizen om het in ’t echt te zien? Onze verste bestemming was de Zoo van Antwerpen. Toen die eens gesloten was, gingen we naar het prachtige Antwerpse Museum voor Schone Kunsten, dat ondertussen helaas al veel te lang gesloten is. Als 8-jarige leek dat gebouw gigantisch – ik raakte met moeite de trappen op – en er hingen ook nog eens gigantische schilderijen van Rubens, met personages die ik nooit eerder gezien had. Wat verderop hingen de maskerades van Ensor. Ik was zo ondersteboven van zijn ‘De intrede van Christus in Brussel’, dat ik wist: dít is wat ik met de rest van mijn leven wil doen. Als ik nu Ensors werk zie, denk ik nog altijd terug aan dat moment. Zoiets zal natuurlijk niet elke jongere overkomen, maar het is wel prettig te weten dat kunst zo’n impact kán hebben.

»Vanaf dat moment ging ik elke dag na de schooluren langs bij kunstgalerij en veilinghuis De Vuyst in Lokeren, waar eigenaar Gaston De Vuyst mij dingen liet bewonderen. Ik vroeg mijn ouders ook om mij mee te nemen naar allerlei tentoonstellingen, en zo ben ik in 1986 op ‘Chambres d’amis’ terechtgekomen, een tentoonstelling van Jan Hoet die georganiseerd werd in Gentse woningen. Dat maakte een sterke indruk op mij: voordien dacht ik dat een kunstwerk olie op doek of een bronzen beeld moest zijn – ik was niet bekend met hedendaagse kunst. Ik had er ook geen antwoord op, maar ik vond: als iemand dat gemaakt heeft en dat bijzonder vindt, dan vind ik dat ik dat moet proberen te begrijpen.

»Met muziek hetzelfde. Toen mijn grootmoeder destijds brak met haar vriend, mocht ik haar in zijn plaats elke zondag vergezellen naar de matineevoorstelling in de Gentse opera. In het begin was ik vooral geïnteresseerd in de taartjes die ik in de pauze kreeg, maar langzamerhand begon ik de muziek fantastisch te vinden – Verdi’s ‘Rigoletto’!

»Om maar te zeggen: ik prijs me gelukkig dat ik op jonge leeftijd toevallig aan kunst en cultuur blootgesteld werd. Ik raad jongeren aan zich er gewoon aan te onderwerpen, zonder alles te willen uitgelegd krijgen. Ze moeten zich vooral laten meenemen en verrassen. Maar dat is natuurlijk niet evident. Ik heb zelf een 16-jarige zoon die vergroeid is met zijn smartphone. Als hij met mij meegaat naar een museum, dan gaat hij al snel op een bank zitten om naar zijn telefoon te grijpen. Maar af en toe gebeurt het toch dat hij plots zegt: ‘Weet je nog, toen we twee jaar geleden dit of dat gezien hebben?’ Het blijft hem dus wel bij. We hoeven dus niet al te pessimistisch te zijn over de culturele bagage van jongeren. We leven in een wereld waarin het culturele aanbod nog nooit zo groot is geweest, maar we moeten er wel voor zorgen dat iedereen er gelijke toegang tot krijgt. Niet iedereen heeft zo’n grootmoeder of ouders als ik. En die gelijke toegang kan het onderwijs het makkelijkst garanderen.»

'Vergeet de gids bij een museumbezoek: kunst is er niet om begrepen te worden'

HUMO Krijgt uw zoon veel kunst en cultuur mee vanop de schoolbanken?

VAN CAUTEREN «Hij woont in Hamburg bij zijn moeder: ik weet niet hoe het ermee gesteld is in België, maar in Duitsland krijgt hij heel veel kunst en cultuur. Als ik hoor welke opdrachten hij krijgt of welke dingen hij kan doen, dan denk ik: verdorie, ik moest het stellen met veertig schamele minuten esthetica per week, die op een sombere manier werd gegeven in een donkere diakamer waar iedereen gewoon zijn huiswerk zat te maken! (Mompelend) Met drie vergeelde dia’s van Rothko kun je moeilijk aan twintig pubers uitleggen wat het abstract expressionisme inhoudt. Je hebt inspirerende mensen nodig die komen vertellen waaróm iets bijzonder is. Als jongere vraag je je af: wie ben ik, wie wil ik zijn en waartegen wil ik me verzetten? Kunst stelt die vragen ook: laat ze daardoor gefascineerd raken! Zelfs voor volwassenen is kunst niet vanzelfsprekend: als ze gevraagd worden waarom ze kunst maar niets vinden, geven ze vaak dezelfde redenen als jongeren.»

HUMO Nu u het zegt: eerder zei Rudi Vranckx in deze reeks dat hij het moeilijk heeft met abstracte kunst: ‘Ik heb het figuratieve nodig. Op een Scandinavische tentoonstelling raakte ik in een discussie verwikkeld met mijn vrienden omdat je behoorlijk wat achtergrondkennis nodig had om te weten waarom net díé nagel in díé balk geslagen was.’

VAN CAUTEREN «Ik ken Rudi persoonlijk: voor enkele projecten die ik met Iraakse kunstenaars heb opgezet, had ik regelmatig contact met hem. Een fantastische man, maar wat hij zegt over abstracte kunst, is alsof ik zou zeggen dat soennieten en sjiieten allemaal fundamentalistische moslims zijn. Ik vind het altijd merkwaardig dat verstandige mensen kunst trivialiseren. Ten eerste: kunst gaat niet over abstractie of figuratie. Abstractie is ontstaan in de loop van de twintigste eeuw, en is een zoektocht geweest van hoe een kunstenaar de hem omringende wereld probeert voor te stellen. Over abstracte kunst hoor je vaak: ‘Mijn kleinzoon kan dat ook!’ Terwijl het kunstenaarschap een onderzoek is: wie ben ik als kunstenaar, wat kan ik betekenen en toevoegen, en welke middelen gebruik ik in een wereld die vol technologie zit? Een kunstenaar kan bijvoorbeeld met zijn smartphone een video maken die een antwoord biedt op de overvloed aan beelden waarmee we tegenwoordig omringd worden.

»Wie in z’n eentje een boswandeling maakt, ziet bomen, planten en vogels. Maar wie samen met een boswachter gaat wandelen, zal te horen krijgen wélke bomen, planten en vogels hij ziet. Ik ben als de boswachter die in het donkere woud van de hedendaagse kunst werken toont waarvoor mensen hun ogen, oren en gedachten moeten openhouden. Tolerantie tegenover hedendaagse kunst is belangrijk, want het toont aan hoe tolerant je in het leven staat. Mensen willen overal uitleg bij, maar als ik in Brussel-Noord vluchtelingen in mensonterende omstandigheden zie slapen, dan staat daar ook geen bordje bij met de reden waarom dat in onze zogezegd geavanceerde samenleving nog kan gebeuren. Mensen lijken meer geprovoceerd te worden door een abstract kunstwerk dan door hun dagelijkse omgeving! Nu, gelukkig kán kunst nog provoceren en irriteren. Dat is net wat ik er fantastisch aan vind.»

HUMO Zou u jongeren dan een museumbezoek met gids aanraden?

VAN CAUTEREN «Als museumdirecteur zou ik moeten antwoorden: ‘Natuurlijk!’ Maar persoonlijk vind ik van niet. Kunst is er niet om begrepen te worden. Als je iets ziet in een museum, moet je jezelf gewoon enkele simpele vragen stellen: hoe is het gemaakt, waarom is dat zo groots, waarom zijn die kleuren gebruikt, waarom staat het op de grond of hangt het zo laag aan de muur? Zo stoot je op je eigen antwoorden: wat vind ík daar nu wel of niet bijzonder aan? Het is belangrijk veel te kijken en te zien: apps met informatie kunnen helpen, maar het beste is nog altijd op je eigen ogen te vertrouwen. En als iets je niet interesseert, durf daar dan voor uit te komen. Jan Hoet zei altijd: ‘Naar een museum gaan is als onze ogen wassen: we leren opnieuw te kijken.’ Dat klopt nog steeds. We kijken eerst naar het naamplaatje náást het kunstwerk voor we naar het kunstwerk zelf kijken. We zoeken eerst bevestiging in de naam: ‘Ah, Michaël Borremans! Zo schoon!’ Het gebeurt zelden dat iemand een werk bekijkt, het niet zo bijzonder vindt en dan denkt: oei, het is van die bekende kunstenaar! Kunstenaars zijn helaas ook merken geworden: Banksy, Luc Tuymans…»

HUMO Uw voorganger Jan Hoet zei ook eens: ‘Als ik het voor het zeggen had, zou ik de militiedienst vervangen door een jaar culturele dienst. Jongeren moeten hun rugzak pakken en een paar maanden op reis gaan om het Louvre, het Uffizzi en het Prado te bezoeken.’

VAN CAUTEREN (lacht) «Een typisch Jan Hoet-idee. Ik denk niet dat je mensen die liefde voor cultuur kunt bijbrengen door ze een jaar lang van het ene museum naar het andere te sturen. Je moet gewoon van heel jonge leeftijd in contact komen met kunst.»

HUMO Een recent onderzoek van het University College London wees uit dat kijken naar schilderijen hetzelfde effect in onze hersenen kan hebben als kijken naar een geliefde. Daarbij vielen schilderijen van John Constable en Ingres het meest in de smaak bij de proefpersonen, en die van Jheronimus Bosch het minste. Raadt u jongeren dan aan te beginnen bij Constable?

VAN CAUTEREN «Ik heb ooit een debat gemodereerd tussen een neurochirurg en een kunstenaar. Die neurochirurg zei: ‘Ik heb mensen kunstwerken getoond terwijl ze onder een MRI-scanner lagen, en gezien dat telkens dezelfde plekken in de hersenen oplichtten.’ Daaruit leidde hij af dat creativiteit en kunst zich duidelijk op die bepaalde hersenzones focust. Klinkklare onzin, net zoals dat onderzoek dat jij aanhaalt. Natúúrlijk krijgen mensen een warmer gevoel bij Constable dan bij Bosch: Constables ‘De hooiwagen’ toont een lieflijk en prachtig gekleurd landschap zoals we dat kennen van bij Monet, terwijl Bosch enge tronies in een religieuze context toont, wat sowieso al verder van ons af staat. (Windt zich op) Opnieuw is het de wetenschap die van kunst een cliché maakt: het moet mooi of lelijk zijn. Zo wordt kunst herleid tot een esthetische beleving, terwijl kunst altijd al veel complexer is geweest dan dat. Met zijn Marilyn Monroes wilde Andy Warhol bijvoorbeeld vooral kritiek geven op de consumptiemaatschappij van de jaren 60, door iets te maken dat in series geproduceerd werd en er een icoon uit de filmgeschiedenis aan vast te koppelen. Hij wilde niet per se iets prachtigs maken, hoewel hij het vermoedelijk zelf wel mooi vond. Er zijn kunstwerken die ik persoonlijk niet mooi vind, maar die wel ongelofelijke kunstwerken zijn. Dat onderzoek toont vooral het onvermogen van de wetenschap om kunst te begrijpen. Gelukkig!»

HUMO Welk museum of welke kunstwerken zou u concreet aan jongeren aanraden om meegetrokken te worden in die wereld?

VAN CAUTEREN «Mijn advies is: probeer een kunstenaar te bezoeken in zijn leef- en werkruimte. De meeste kunstenaars hebben een website: trek je stoute schoenen aan en stuur een mail naar een kunstenaar die je interesseert, met de vraag of je mag langskomen in zijn of haar atelier. Zo kom je in de denkkamer van de kunstenaar terecht en kun je met eigen ogen zien wat die doet. En stel daar de vragen die bij je opkomen. Dat is een privilege dat ik vaak heb: zo’n bezoek is altijd heel bijzonder.»

HUMO Staan kunstenaars daarvoor open, denkt u?

VAN CAUTEREN «Toch velen. Als ik een vraag krijg van een jongere, dan ga ik daar graag op in. Je moet dat ernstig nemen. Veel kunstenaars zullen daar gecharmeerd en ontroerd door zijn, en zullen blij zijn dat het eens geen verzamelaar of curator is die belangstelling toont. Als een kunstenaar voelt dat de belangstelling oprecht is, zwaaien de deuren open. En we hebben in België het geluk over een schare kunstenaars te beschikken die tot de wereldtop behoren: Berlinde De Bruyckere, Luc Tuymans, Rinus Van de Velde, Hans Op de Beeck… Wat dat betreft, leven onze jongeren in het paradijs.

»Een tweede tip: maak geen onderscheid tussen hedendaagse kunst of oude kunst, tussen design of etnische kunst – laat je meenemen door wat je zelf fascineert. Als je bijvoorbeeld gevoelig bent voor kleur, dan moet je naar het Henri Matisse-museum in Le Cateau-Cambrésis gaan, net over de Belgische grens. Of de schilderijen van Pieter Vermeersch gaan bewonderen in het Leuvense M-Museum. En doe zo’n museumbezoek met mate én met maten. Deel het met anderen: leg je gevoelens en gedachten erover bloot. Ik nam vroeger meisjes mee op wie ik verliefd was (lacht). En ga naar musea die niet te groot zijn: bezoek liever het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Brussel in plaats van het Louvre of het Prado. Richt je daar een kwartier lang op één schilderij, en zie wat dat met je doet.»

HUMO Hebt u ook nog boeken-, muziek- of filmtips?

VAN CAUTEREN «Spotify is een goudmijn vol onontdekte muziek. Wat boeken betreft, vind ik dat iedereen ‘Sapiens: een kleine geschiedenis van de mensheid’ van de Israëlische historicus Yuval Noah Harari zou moeten lezen: het geeft op een heel heldere manier de evolutie van de mensheid en van onze wereld weer.»

HUMO Is dat voor u een belangrijk aspect van cultuur, dat het een bepaald tijdsgewricht reflecteert?

VAN CAUTEREN «Ook, maar het grootste genoegen bestaat erin bezig te zijn met iets wat je niet begrijpt. Er wordt vaak schamper gedaan over kunstenaars: ‘Ze verdienen veel geld!’ Maar het vergt veel moed, kwetsbaarheid en doorzettingsvermogen om een straffe kunstenaar te worden. Het kunstenaarschap komt niet zomaar uit de lucht gevallen. Kunstenaars tonen de wereld rondom ons en tonen zichzelf, en houden ons zo een spiegel voor. Ik ben nog altijd jaloers dat ik dat zelf niet kan.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234