De Squadra Azzurra mag de Europese beker in de lucht steken. Beeld Reporters / DPA
De Squadra Azzurra mag de Europese beker in de lucht steken.Beeld Reporters / DPA

Euro 2020

Wat was dit voor een EK? Niet de ego’s, maar het collectief en de strijdlust domineerden

Het EK zit erop. Wat was dit voor toernooi? Het individu was ondergeschikt aan het collectief en de specifieke voetbalidentiteit van landen lijkt verdwenen. Zo on-Engels was Engeland nog nooit.

Net voor het Europees kampioenschap voetbal een maand geleden begon, verscheen er een interessant boek: ‘Omschakeling, de evolutie van voetbal in Europa 1992-2021’. In een doorwrocht overzicht laat de Engelse voetbalschrijver Michael Cox daarin zien hoe de dominantie in het Europese voetbal na een bepaalde periode steeds verschuift, van land naar land.

Hij begint met de periode 1992-1996, met Nederland als het toonaangevende land. Dat gaat om tactische vernieuwingen en de invloed die trainers als Louis van Gaal en Johan Cruijff met hun successen bij Ajax en Barcelona hadden op het hele internationale voetbal. Daarna golfde de dominantie volgens Cox over het continent. Via Italië, Frankrijk, Portugal, Spanje en Duitsland stak die uiteindelijk Het Kanaal over, naar Engeland.

Alle trends en stijlen kwamen de afgelopen jaren samen in de Premier League. Met het geld van rijke buitenlandse clubeigenaren kwamen heel veel grote buitenlandse spelers naar Engeland. Maar vooral de expertise en innovatieve inbreng van buitenlandse coaches als Koeman, Mourinho, Klopp, Guardiola, Ranieri en Conte tilden het Engelse voetbal naar een hoger niveau. De overwinning van Chelsea in de Champions League in mei onder leiding van de Duitser Thomas Tuchel onderstreept dat.

Een omgekeerde brexit

Naar de analyse van Cox was de finaleplek van Engeland op het EK dus logisch. De voetbalnatie heeft de afgelopen twintig jaar de oude Britse voetbalcultuur langzaam van zich afgeschud om een nieuwe, hybride identiteit te vinden. Engelse clubs zagen in dat ze kennis en kunde over de grens moesten halen. Een omgekeerde brexit. Inmiddels is de Premier League al 25 jaar niet meer door een Engelse trainer gewonnen.

De huidige generatie Engelse spelers is opgeleid met een mix van methoden en inzichten uit het buitenland. En vooral: met andere manieren van denken. Geen enkele speler uit de basis van de EK-finale zondagavond had afgelopen seizoen een Engelse trainer. Alleen Rice (West Ham United) had met de Schot Moyes een Britse coach. De rest werd geïnstrueerd door Spanjaarden (Guardiola, Arteta), een Italiaan (Ancelotti), Argentijnen (Bielsa, Simeone), een Noor (Solskjaer), een Duitser (Tuchel) en een Portugees (Mourinho).

Raheem Sterling juicht al vallend na de 1-1 van Engeland in de halve finale tegen Denemarken. Beeld EPA
Raheem Sterling juicht al vallend na de 1-1 van Engeland in de halve finale tegen Denemarken.Beeld EPA

Waar de chauvinistische fans en brexiteers de nationale ploeg als puur Engels zien, draagt die meer dan ooit een Europees stempel. Deze lichting Engelse spelers is tactisch beter geschoold en gedisciplineerder als topsporter dan alle voorgaande. Bondscoach Gareth Southgate, wel een Engelsman, zette ze op de juiste plek en liet zich tactisch ook beïnvloeden door het vasteland. Zo zette hij op het middenveld twee controleurs naast elkaar, door Cox als een Franse vondst omschreven.

Italië speelde on-Italiaans

Het EK kan zo worden gezien als het toernooi waar een specifieke voetbalidentiteit van landen voorgoed eindigde. Spanje hield nog het meeste vast aan de eigen tikkie-takkiecultuur. Italië speelde onder bondscoach Roberto Mancini echter on-Italiaans. Het combineerde het aloude verdedigende fundament met creatieve invulling aan de zijkanten, op het middenveld en de voorhoede. Vastgeroeste ideologieën bestaan niet meer. Ook Frank de Boer liet dat zien met zijn 5-3-2-­systeem.

De dominantie van de trainers maakte het individu op dit EK ondergeschikt aan het collectief. De vroege uittocht van de grootste sterren was illustratief. Beperkte ploegen zonder vedetten, zoals Denemarken, Zwitserland en Oekraïne, kwamen met teamgeest en tactische samenhang veel verder dan gedacht. Dit was niet het EK van de oogstrelende individuele acties, maar van de teams. Veelzeggend is dat dé revelatie, de Spanjaard Pedri (18), een pure teamspeler is.

Geen hoogstaand en amusant toernooi

Nooit eerder sinds het eerste EK in 1960 werd relatief zo veel gescoord: gemiddeld zo’n 2,8 doelpunt per wedstrijd. Maar daarmee was het nog geen hoogstaand en amusant toernooi. De knotsgekke maandagavond van Spanje-Kroatië (5-3) en Zwitserland-Frankrijk (3-3) was een uitzondering op de regel dat beheersing en controle prioriteit waren. Organisatie was belangrijker dan intuïtie; systematiek en strijdlust waren dominanter dan individuele hoogstandjes.

De Duitse doelman Manuel Neuer was één van de aanvoerders die met een regenboogband speelden. Beeld Reporters / DPA
De Duitse doelman Manuel Neuer was één van de aanvoerders die met een regenboogband speelden.Beeld Reporters / DPA

Volstrekt logisch dus dat Engeland en Italië het in de finale met elkaar uit mochten vechten: twee teams waarin grote ego’s zichzelf wegcijferden, met spelers die voor elkaar door het vuur gingen. Oók twee ploegen die het meest de nul hielden. Heel treffend voor dit EK: doelman Jordan Pickford verbrak het Engelse record in aantal speelminuten zonder tegendoelpunt (725 minuten). Het oude record was in handen van Gordon Banks, een legende van 1966, een ster, iets wat de kwetsbare Pickford bepaald niet is.

Gelukkig is zo’n toernooi toch ook meer

Uiteindelijk won Engeland net niet, maar het collectief van Italië, over het hele toernooi gezien de meest passende kampioen. Nee, het was geen heel enerverend EK, qua voetbal. Maar gelukkig is zo’n toernooi toch ook meer. De regenboogreclames, -discussies en -banden vestigden de aandacht op (het gebrek aan) homoacceptatie in Europa, zeker in Hongarije. Dat de stadions eindelijk weer een beetje volliepen, stemde vrolijk. Cox benoemt in zijn boek nog een waarde van voetbal: als ‘venster op andere culturen’. De sport laat miljoenen mensen iets over andere landen te weten te komen, schrijft Cox. ‘Het Europese voetbal laat landen tegen elkaar strijden, maar nooit langer dan negentig minuten. In bredere zin doet het veel meer om die landen dichter bij elkaar te brengen.’ Wellicht.

(Trouw)

Michael Cox, ‘Omschakeling: de evolutie van voetbal in Europa 1992-2021’, uitgeverij Atlas Contact.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234