Beeld Jitske De Herdt

GetuigenisWantoestanden turnwereld

'Wij moesten vier keer per dag op de weegschaal gaan staan. Dat getalletje móést omlaag’

‘Ik heb nooit de intentie gehad om te slaan, schelden, kwetsen of te kleineren, maar het gebeurde wel.’ De bekentenissen van de Nederlandse topcoach Gerrit Beltman maken heel wat los in de turngemeenschap, die nu samenkomt op sociale media en de ‘#gymnastalliance’ vormt. Twee jonge ex-turnsters delen hun pijnlijke, onverbloemde verhalen met Humo. ‘Niemand geloofde dat ik pijn had, ook niet toen mijn voet gebroken was.’

JITSKE DE HERDT (22) «Ik turnde al op 2-jarige leeftijd, maar al snel werd duidelijk dat mijn lichaam niet echt gemaakt was voor deze sport. Mijn Olympische droom was echter zo groot dat ik doorzette en dat niets mij ervan kon weerhouden om hem te verwezenlijken.»

ANTJE VAN DE VELDE (24) «Ik was op jonge leeftijd zo gefascineerd door gracieuze gymnasten die salto’s maakten en ronddraaiden rond de brug, dat ik besliste dat ik dat ook wilde kunnen. Door mijn gedrevenheid stootte ik op mijn 11de door naar topsportniveau. Urenlange trainingen waren voor mij geen probleem, want ik had een duidelijk doel voor ogen: de Olympische Spelen.»

HUMO Maar al snel bleek dat het niet van een leien dakje ging?

DE HERDT «Dat klopt. Toen ik begon te turnen op hoger niveau, bleven de letsels maar komen. Op mijn 10de bezeerde ik mijn rug, daarna mijn ellebogen, die toen geopereerd moesten worden. In drie jaar tijd ging ik maar liefst vier keer onder het mes voor mijn verwondingen. Ik was toen nog maar een kind.

»Ik had vaak heel veel pijn, maar mijn trainers geloofden mij niet. Ze zeiden dat ik de pijn moest verbijten en moest voortdoen met mijn oefeningen. Ik probeerde mijn pijn te camoufleren en zorgde ervoor dat ik nooit een traan liet tijdens trainingen, want dan zou ik zwak overkomen en dat zouden ze tegen mij kunnen gebruiken. Ik moest wel sterk zijn, want ik verdiende het om een topturnster te worden. Ik had er alles voor opgeofferd, zelfs mijn eigen lichaam en geest.»

VAN DE VELDE «Ik besefte al snel dat het een harde wereld was. Op een dag viel ik tijdens een sprong van de brug en bezeerde mijn voet. De tranen sprongen in mijn ogen, omdat ik meteen voelde dat het niet oké was. Geen enkele trainer geloofde dat ik pijn had, ze zeiden dat ik niet zo moest overdrijven, dat ik normaal moest doen. Ik verbeet de pijn en bleef mijn sprong herhalen. Toen ik de volgende dag naar het ziekenhuis ging, bleek dat mijn voet gebroken was. Daar moest ik lang van revalideren. Als ik na die revalidatie tijdens mijn trainingen pijn had, durfde ik dat niet te zeggen uit schrik dat ze me weer niet gingen geloven.»

HUMO Jullie werden ook vaak afgerekend op jullie gewicht?

DE HERDT «Dat heeft diepe wonden geslagen bij mij. Dat zogenaamde weight shaming is een groot probleem in deze sport. In mijn club moesten we ons gewicht opschrijven in een gemeenschappelijk boekje. Iedereen kon dat toen zien. Op een bepaald moment raakte ik zo geobsedeerd met dat cijfertje op de weegschaal dat ik me tien keer per dag woog. Mijn team en ik aten ook nooit pasta de dag voordat we ons moesten wegen op de training. En we deden onze sokken, T-shirts, shorts en zelfs haarspelden uit. Alles om dat cijfertje zo laag mogelijk te krijgen.»

VAN DE VELDE «Wij moesten vier keer per dag op de weegschaal gaan staan zodat de trainers konden controleren of we niet waren aangekomen. Na een weekendje thuis gebeurde het weleens dat de weegschaal een paar honderd gram extra toonde. Ik kreeg daardoor veel verwijten naar mijn hoofd geslingerd. Als een oefening mislukte, kwam dat volgens mijn trainers omdat ik ‘te dik en te lui’ was. Zulke vernederingen tekenen je voor het leven.»

DE HERDT «Op trainingskamp speurden de trainers onze zakken af op eten. Daarnaast kregen we ’s avonds een klein bordje pasta na een lange trainingsdag, maar dat bord mochten we niet leegeten. Iedereen was bang om het vork nog maar naar de mond te brengen.»

HUMO Waarom speelt gewicht zo’n grote rol in de turnwereld?

VAN DE VELDE «Je moet je gewicht kunnen dragen bij elke oefening die je doet.»

DE HERDT «Maar gewicht is niet meteen een indicator voor je gezondheid. Gezondheid is zoveel meer dan alleen dat cijfertje op de weegschaal. Natuurlijk voel je je goed als je scherp genoeg staat om op volledige capaciteit te turnen, en trainers mogen bijsturen, maar dat gebeurt op een verkeerde manier. Turnsters hebben nood aan respectvolle en gezonde begeleiding, niet aan vernedering.

»Het probleem met weight shaming is dat gymnasten zich uithongeren. Je verbrandt daardoor te veel essentiële voedingsstoffen en uiteindelijk verlies je spiermassa. Dat is absoluut niet voordelig als je wilt trainen op hoog niveau. Het ‘slank zijn’ stamt nog af uit het oudere turnmilieu waarin slanke gymnastes gezien werden als ‘sierlijker’. Ik begrijp dat mensen die aan sport doen nood hebben aan gezonde voeding, maar dat staat niet gelijk aan jezelf uithongeren. Elk lichaam is anders en heeft andere noden.»

'Toen we ons moesten wegen, deden we onze sokken, T-shirts, shorts en zelfs haarspelden uit. Dit alles om dat cijfertje zo laag mogelijk te krijgen.'Beeld Jitske De Herdt

Groepsgevoel

HUMO Kreeg iedereen te maken met die vernedering?

VAN DE VELDE «Ja. Het gewicht was de voornaamste bron van vernedering in onze club.»

DE HERDT «Ik weet niet zeker of het in mijn club bij iedereen gebeurde, maar wel dat veel mensen in de turnwereld ermee te maken krijgen. Er zijn natuurlijk ook altijd favorietjes. Dat favoritisme komt voor in elke sporttak, maar mij lijkt het normaal dat de talentvolste sporters meer aandacht krijgen dan de ‘mindere’.»

HUMO Konden jullie met je team openlijk praten over de wantoestanden tijdens de trainingen?

VAN DE VELDE «Ja. Toen ik overschakelde op topsportniveau, leerde ik al snel iedereen in mijn club kennen. We hadden toen onderling veel plezier met elkaar naast het turnen. Als we ’s avonds naar het internaat gingen, voerden we vaak ellenlange gesprekken die meestal over onze trainingen gingen. We deelden onze bekommernissen en iedereen was er voor elkaar. Als je hetzelfde doel voor ogen hebt, begrijp je elkaar als geen ander.»

DE HERDT «We praatten na de trainingen vaak over de wantoestanden en de vernederingen. We hadden toen erg veel aan elkaar, omdat we in hetzelfde milieu zaten. Maar de trainers confronteren durfden we niet, want dat zou ons te veel problemen opleveren. Want waarom zouden wij, kinderen, onze trainers überhaupt aanspreken op hun manier van werken? Dat was onacceptabel.»

De toekomst

HUMO Jullie turnen ondertussen allebei niet meer. Hoe heeft het jullie leven uiteindelijk beïnvloed?

DE HERDT «Ik ben een mentaal sterk persoon en turnen heeft daar wel bij geholpen, maar toch draag ik veel mentale littekens met me mee. Ik worstel nog steeds met mijn zelfbeeld en gewicht. Als ik voorbij een weegschaal loop, voel ik nog steeds de onweerstaanbare drang om erop te gaan staan. Daarbovenop heb ik soms nog nachtmerries over mijn topsportperiode.

»Mijn lichaam heeft het zwaar gehad. Ik bleef hervallen in dezelfde blessures en daardoor heb ik vaak pijn die niet te verlichten valt met een simpele pijnstiller. Als je op topniveau turnt, wordt ook je ontwikkeling even op pauze gezet. Je lichaam stelt je menstruatie en borstvorming uit, en het mijne heeft dat pas jaren later kunnen inhalen.»

VAN DE VELDE «Ik ben op tijd gestopt met turnen, waardoor ik niet meteen lichamelijke klachten heb. Het is vooral mentaal bij mij. Toen ik stopte met turnen, voelde ik me heel onzeker en eenzaam. Ik was timide, durfde nooit opkomen voor mijn mening omdat ik zoveel schrik had voor wat de ander zou zeggen of denken. Ik maakte moeilijk nieuwe vrienden en door dat turnen, liep ik een grote achterstand op op school. Ik haalde lage cijfers en dat was nefast voor mijn zelfbeeld. Ik voelde me wederom gefaald. Ik vond uiteindelijk een studie die goed bij me paste en zo ben ik erbovenop gekomen. Maar vergeten doe je nooit. Ik sprak vroeger nooit over mijn problemen tijdens het turnen, zelfs niet met mijn moeder. Als zij begon over mijn trainingen, probeerde ik dat steeds af te ketsen. Nu doe ik dat wél.»

HUMO Hoe gaat het nu met jullie?

VAN DE VELDE «Het gaat sinds kort heel goed met mij. Ik heb een mooie toekomst voor me, omdat ik een eigen kinderdagverblijf ben gestart. Hier heb ik mijn hart aan verloren, het maakt mij weer heel gelukkig.»

DE HERDT «Trainer worden op topsportniveau was een droom van me toen ik moest stoppen met turnen. Die droom ben ik momenteel aan het verwezenlijken.»

HUMO Hoe zien jullie de toekomst voor je? Denken jullie dat die wantoestanden in de turnwereld er ooit zullen uitgaan?

DE HERDT «Ik ben niet heel positief. Het zal een heel moeilijk onderwerp blijven. In sommige landen zal er verandering komen, in andere zal het gewoon beter gemaskeerd worden. Maar het is en blijft belangrijk dat gymnasten gehoord worden. Daarom doen we openlijk ons verhaal.

»Als trainer in spe wil ik voor verandering zorgen. Ik geef toe dat ik een harde, strenge coach kan zijn, maar ik probeer elke training op een positieve noot af te sluiten. Aan het einde van de training zet ik ieders positieve punten in de verf en bespreek ik op een constructieve manier de werkpunten. Het blijft natuurlijk wel belangrijk dat trainingen niet té speels worden, het is nog steeds topsport. Ik beweer niet dat ik de perfecte trainer ben, want ik heb nog veel bij te leren, maar ik ben hoopvol dat het grotendeels in de juiste richting zal evolueren.»

VAN DE VELDE «Deze wantoestanden kunnen enkel verdwijnen als we er samen iets aan doen. Ons verhaal delen is alvast een mooi begin.»

Beeld Jitske De Herdt
Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234