'Wij onderzoeken of we thuis vluchtelingen kunnen opvangen.' Robrecht Vanden Thoren, acteur in 'Terug naar morgen'

Op een zondagochtend in de nazomer van 2015 ontmoet ik de acteur Robrecht Vanden Thoren in een koffiehuis voor hipsters in ’t hartje van zijn woonplaats Gent.

'Ik ben nauwelijks nog bestand tegen het nieuws: ik kan er soms zelfs niet van slapen'

‘’t Is een project van de KU Leuven,’ zegt de acteur. ‘Koen De Graeve en ik gaan een echte tijdreis maken. Met de hoogste kabellift van Europa gaan we in Chamonix naar 3.800 meter hoogte – ik hoop dat ik niet hoogteziek word. Daar gaan we dan één nacht verblijven. Gemeten met de atoomklok blijkt de tijd op grote hoogte sneller te gaan. Met als gevolg dat we 0,0000007 seconden ouder zullen zijn dan de mensen die beneden zijn gebleven.’

In ‘Terug naar morgen’, een onderhoudende film van Lukas Bossuyt, doet de wetenschapper Viktor (Koen De Graeve) samen met de doctoraatsstudent Titus (Robrecht Vanden Toren) een verbijsterende ontdekking: ze blijken e-mails naar het verleden te kunnen sturen, waardoor ze ook kunnen ingrijpen in handelingen en gebeurtenissen die zich eertijds hebben voltrokken, met alle gevolgen van dien. Dat deze film een dromerij of gedachte-experiment is op basis van kwantumfysica, parallelle universums, het vlindereffect, het casimireffect en wormgaten, hoeft mensen die niet voor burgerlijk ingenieur hebben doorgeleerd, echter niet meteen af te schrikken.

Robrecht Vanden Thoren is de laatste jaren niet onopgemerkt voorbijgegaan: iemand zal zich nog wel de kittige agony aunt Dina Van Daele uit ‘Magazinski’ herinneren, een rol waarvoor hij een jurk van de vrouw van Bart Peeters aanschoot. In de film ‘Hasta la vista’ van Geoffrey Enthoven speelde hij de in het oog lopende rolstoelgebruiker Philip, en in de mooie serie ‘Tom & Harry’ was hij de filosofische metalhead Harry, het verkeerde kind van goede ouders. En de rest is theater, vaak bij Het KIP.

Vooraleer ik in geschrifte en in het voorbijgaan een portretje van hem schets, noopt het nieuws van deze zondagochtend mij tot enkele vragen: ‘Zal de aanwassende vluchtelingenstroom het Verdrag van Schengen uitwissen?’ En: ‘Moeten Onze Jongens (m/v) weldra tegen allerlei soorten vijanden in ’t geweer komen op Syrisch grondgebied?’ En om te beginnen:

HUMO Robrecht, in wat voor tijd leven we, uit jouw oogpunt bekeken?

Robrecht Vanden Thoren «Een tijd met heel veel mogelijkheden voor heel veel mensen, maar uit de actualiteit blijkt dag na dag dat heel veel dingen die de meesten van ons zeer evident vinden voor heel veel mensen onbereikbaar zijn. Dat verschil smaakt steeds wranger, vind ik. Ik ben de laatste tijd nauwelijks nog bestand tegen het nieuws: ik zie ervan af – ik kan er soms zelfs niet van slapen. ’t Is me stilaan te confronterend, maar toch vraag ik me af: is dat leed nieuw? Is het nooit eerder zo erg geweest? Twee jaar voor de rottigheid er begon, heb ik tot mijn genoegen door Syrië gereisd: een onwaarschijnlijk mooi land, bezaaid met historische sites – onwaarschijnlijk veel kunstschatten waar Palmyra er maar één van is. Warme mensen ook. En dan te bedenken wat daar nu gaande is: al die verschrikkingen… En dat je daar als individu zo weinig aan kunt doen. ’t Zit me zodanig dwars dat ik op dit ogenblik met mijn vriendin aan het onderzoeken ben of wij thuis vluchtelingen zouden kunnen opvangen, ook al wordt dat overal afgeraden.»

HUMO Knaagt het geweten?

Vanden Thoren «Als Bart De Wever stelt dat we als Belgen en Europeanen niet schuldig zijn, dan ben ik daar niet zo zeker van. We hebben in België toch een wapenfabrikant van wie de producten overal ter wereld in conflicthaarden opduiken? En België wordt toch niet armer van die wereldwijde wapenhandel? Ik denk dat we als land en als Europa wél medeschuldig zijn, maar als individu treft mij geen schuld.»

HUMO Terug naar het hier en nu, waarin we ons wellicht relatief veilig kunnen voelen. Wanneer begon je te vermoeden dat er een acteur in je school?

Vanden Thoren «Als kind van 6 à 7 jaar, bij het zien van Kinderen Voor Kinderen eind jaren 80. ’t Was supertof om een kinderprogramma te zien waarbij je de indruk had dat de kinderen zelf het initiatief namen. Ik zong al die prachtige liedjes mee, en toen heb ik voor het eerst gedacht: ‘Wat die kinderen kunnen, zou ik ook kunnen.’ En het duurde niet lang meer of ik deed kunstjes op schoolfeestjes. Ik was, om het zacht uit te drukken, een slechte leerling in de basisschool, maar ik merkte dat ik, zodra ik op een podium stond, ineens lef kreeg – ik dacht zelfs: ‘Op het podium gaat alles net iets makkelijker.’ Ik vond het aangenaam, maar ik deed het niet om de aandacht van het publiek. Nog steeds niet overigens. Het genoegen zat ’m in mijn kindertijd meer in de gedachte: ‘Hé, ik kan iets veroorzaken.’ ’t Heeft wellicht iets met macht te maken, zo van: ‘Als ik dít doe, dan gebeurt dát.’

»In mijn puberteit kwam er nog een dimensie bij: ik worstelde, zoals elke puber, met seksualiteit en allerlei andere puberproblemen, en ik voelde steeds meer de aandrang om dat alles in verhalen te gieten. In gedachten was ik al met performen bezig, wat toch iets anders is dan kinderlijk plezier beleven aan een onbestemd machtsgevoel.»

HUMO Wat was er kenmerkend voor je jeugd?

Vanden Thoren «’t Lijkt me erg menselijk dat je daarbij eerst aan de negatieve dingen denkt. Aan een streng katholieke jongensschool beëindigde ik het zesde leerjaar met iets meer dan 50 percent. Ik was dus voorbestemd om in het beroeps- of technisch onderwijs terecht te komen. Ook mijn moeder, die mij altijd goed had geholpen, zei: ‘Misschien kun je maar beter iets met je handen doen.’ Ze vond dat ik niet aan één stuk door het gevoel hoefde te hebben dat het water me aan de lippen stond. Maar tegen beter weten in wilde ik naar het ASO, en daar haalde ik ineens meer dan 70 percent. Dat had louter te maken met het onderwijssysteem: alles was projectmatig in die nieuwe school, zoals mijn leven nu nog steeds is. Dat stond in schril contrast met bijvoorbeeld de onderwijzer van het vierde leerjaar, een man die mij niet kon luchten. Dat ik hem dag in, dag uit moest ondergaan, maakte een hel van dat schooljaar. Maar op de middelbare school ging alles dus ineens veel beter. Ik voelde me gelukkig, maar ook zwaar onderschat. Het vreemde was dat ik in de basisschool altijd was omgegaan met de slimste kinderen van de klas, die het best van de tongriem waren gesneden. Zij gingen dus ook met míj om, ook al had ik niet de cijfers om die omgang te rechtvaardigen. Maar goed, ik kwam tot het inzicht dat ik jarenlang niet op mijn plek had gezeten.»


Huwen in het weekend

HUMO Het is me bekend dat je vader diaken is. In de katholieke kerk is een diaken een soort assistent van een priester, een leek die niettemin dopen en huwelijken mag inzegenen.

Vanden Thoren «Dat doet hij dan ook vaak: haast elk weekend. Maar die katholieke achtergrond is me als het ware overkomen: nogal plots dus. We gingen in mijn kindertijd weleens naar de kerk voor een begrafenis, een huwelijk of een doopplechtigheid, maar mijn ouders waren voor de rest verre van fanatieke kerkgangers. Toen mijn broer, die twee jaar ouder is dan ik, zijn plechtige communie deed, kreeg mijn vader ineens heel veel belangstelling voor het geloof, waarna hij zelf ook catechese ging geven, en van het ene kwam het andere. Ik had vroeger een veel stroever contact met hem dan met mijn moeder, met wie ik heel hecht was. Het contrast tussen vader en moeder was zeer groot. Hij kon bij momenten buitengewoon streng zijn. Als ik op Nieuwjaar in een zaaltje voor mijn familie wou optreden, zei hij me in alle ernst: ‘Als je product niet goed is, dan treed je er niet mee op.’ Zijn visie was: als je de mensen vraagt naar jou te kijken, kan het maar beter in orde zijn, en daar had hij wel een punt.

»Op een bepaald moment werd hij aalmoezenier bij de scouts. Doordat hij toen veel met jongeren omging, veranderde zijn houding ten opzichte van ons: hij werd coulanter. ’t Was alsof hij ineens inzicht kreeg in een verschijnsel als de puberteit, en dat kwam onze relatie ten goede. En wij kwamen er met terugwerkende kracht achter dat hij ondanks zijn strenge momenten het beste voor ons wou. Zelf was hij zéér streng opgevoed. Zodra hij en zijn broer volwassen waren, zijn ze beiden de wereld in getrokken: mijn nonkel is naar Zuid-Afrika geëmigreerd en mijn vader koos voor de grote vaart. Maar wat zijn religiositeit betreft: mijn moeder zegt nu dat er in de brieven die hij haar schreef, al religieuze verwijzingen zaten, waar ze toen niet zo op gelet had. De religiositeit van mijn vader was ook voor mijn moeder iets nieuws, en dat hij diaken wilde worden nog meer.»

HUMO Hoe verklaar jij die religieus geïnspireerde keuze in het leven van je vader?

Vanden Thoren «Ik denk dat hij rust zocht. En hij wilde ongetwijfeld ook iets zinvols betekenen voor andere mensen. Maar er is ons nooit iets religieus opgedrongen. Laatst hoorde ik mijn broer zeggen dat hij de kerk ‘niet meer helemaal’ kon volgen. Hij is homoseksueel – ik vind dat hij het lang heeft volgehouden in de religieuze sfeer (lachje). Ik was er klaar mee op mijn 16de, nadat we vier jaar lang elke zondagavond naar de mis waren geweest. Ik heb dat uur op zo veel verschillende manieren zin proberen te geven, maar op de duur kon ik het niet meer rechtvaardigen. Toen ik de hele reutemeteut van zo’n misviering klakkeloos kon meezeggen – en zelfs dacht: ‘Ik kan het beter dan de pastoor’ – was de maat vol.»

HUMO Is er nog iets in je blijven hangen van het katholieke geloof?

Vanden Thoren «’t Zit natuurlijk dieper dan je zou denken… Maar het kwalijkste wat ik eraan heb overgehouden is schuldgevoel: ik kan me nog steeds over van alles en nog wat schuldig voelen. Het blijft me achtervolgen, ook al vind ik schuldgevoel vanuit de moraal van de kerk eigenlijk een heel vies ding. Het kan je echt overvallen. Als ik iemand iets gezegd heb dat harder is aangekomen dan ik het had bedoeld, dan kan ik daar zelfs maanden later nog over tobben. Ik ben er meer mee bezig dan nodig, en ik zou er dan ook dolgraag van afraken, want het is niet productief. Maar goed, toen ik aan de Fontys School of Fine and Performing Arts in Tilburg ging studeren, kwam ik in een vrijzinnig milieu terecht, en dat heeft me goed gedaan. Ik vond Nederland wel ver toen, en mijn vrienden in Gent achterlaten was ook niet prettig, maar ik moest thuis weg. Het is goed om verplicht te worden je warme en beschermende nest te verlaten. Die toneelschool heeft een beter mens van me gemaakt.»

'Iedereen kan spelen: zodra je in het dagelijkse leven een manier hebt gevonden om iets van andere mensen gedaan te krijgen, ben je al goed aan het acteren'

HUMO Je hebt er voor dramadocent gestudeerd.

Vanden Thoren «En voor regisseur. Ik wou een zo volledig mogelijke opleiding, en wegens mijn slechte ervaringen op de lagere school, wilde ik vooral een goede leraar worden: ik wou de liefde voor het vak overdragen. Maar ondertussen weet ik dat andere mensen betere dramaleraren zijn dan ik – mensen die meer geduld hebben, die langer desinteresse kunnen verdragen en het beter kunnen aanzien dan ik als er maar wat aangemodderd wordt. In zulke omstandigheden beoefen ik mijn vak liever zelf dan dat ik er les in geef.»

HUMO Ik denk dat het makkelijker is om iemand acceptabel te leren tekenen dan om iemand geloofwaardig te leren acteren.

Vanden Thoren «Ian Kesteleyn, mijn beste vriend, is beeldend kunstenaar. Hij is opgegroeid tussen schilderijen en alle kinderen uit het gezin waaruit hij voortkomt, kunnen op een bijna vanzelfsprekende manier tekenen. In het vierde leerjaar kon hij al een driedimensionale illusie tekenen, alsof dat niets was. Ik geloof niet dat ik dat ooit zou kunnen leren. Terwijl ik ervan uitga dat iedereen wel kan spelen: zodra je in het dagelijkse leven een manier hebt gevonden om iets van andere mensen gedaan te krijgen, ben je volgens mij al goed aan het acteren.»

HUMO Maar daarom is dat sociale spel nog geen vaardigheid op het toneel of voor de camera.

Vanden Thoren «’t Komt op goed luisteren en reageren aan. Dat is de basis van goed acteren: iets laten binnenkomen, actie en reactie. Maar om daar kunst van te maken moet er natuurlijk ook een je-ne-sais-quoi in het spel zijn, een kleine bepalende meerwaarde, waardoor de ene mens al interessanter wordt om naar te kijken dan de andere. Maar op dat facet kan niemand de vinger leggen. Mocht je het in een formule kunnen vatten, dan waren we allemaal wel markante acteurs.»


Genaaid

HUMO Je speelde als snaak mee in ‘Masterclass’, een merkwaardige film die Hans Teeuwen tien jaar geleden heeft geregisseerd. Hij steekt de draak met een goeroeachtige dramadocent, gespeeld door de geestige Nederlandse acteur Peer Mascini. En in één moeite door maakt hij zich ook vrolijk over dramaopleidingen.

Vanden Thoren «Ik zat in die tijd op de toneelschool. Toen we gefilmd werden, waren wij ons er niet van bewust dat we in ‘Masterclass’ meespeelden. ‘Een bekende acteur, Peer Mascini, komt een masterclass geven,’ hadden we te horen gekregen. We hebben toen, onder zijn leiding, wel drie uur aan een stuk de krankzinnigste dingen gedaan. We dachten dat de camera bij de oefening hoorde. Soms werd Mascini manisch, en dan rende hij als een bezetene de oefenruimte uit. Op een bepaald moment kwam Hans Teeuwen tevoorschijn. Hij zei hoe de vork in de steel zat, en iedereen voelde zich verschrikkelijk genaaid. Die sessie was superintiem geweest – ik weet nog dat ik op een bepaald moment, in het vuur van de improvisatie, in foetushouding was gaan liggen (lachje). We waren echt boos, ook omdat we, nog maar nauwelijks bekomen, al een contractje onder onze neus kregen geduwd. ’t Was allemaal niet ethisch verlopen, maar goed: achteraf is het allemaal wel goed gekomen, en de film viel me niet tegen.»

'Ik denk dat ik mijn boefjesperiode stilaan achter de rug heb'

HUMO Wat zijn je frustraties als acteur?

Vanden Thoren «Je lichaam is je instrument, en daar zit ook die bepalende meerwaarde in, waar ik het daarnet over had. ’t Is nog het meest je verpakking die bepaalt of je al dan niet een rol aangeboden krijgt. Soms denk ik: ‘Die acteur is inderdaad perfect voor die rol, maar wat had ík ’m graag gespeeld.’»

HUMO Je bent een karakterspeler, en daardoor zul je vaak getypecast worden.

Vanden Thoren «Dat is waar, maar nu ik in ‘Terug naar morgen’ een doctoraatsstudent mag spelen, denk ik dat ik mijn boefjesperiode stilaan achter de rug heb. Dat heeft misschien iets met mijn leeftijd te maken, of anders met mijn geloofwaardigheid, zo van: ‘Hij kan het wel.’»

HUMO Bereid je je goed voor op een rol?

Vanden Thoren «Supergoed.»

HUMO De doctoraatsstudent Titus, die je in ‘Terug naar morgen’ speelt, begrijpt oneindig veel meer van natuurkunde dan – ik noem een willekeurig iemand uit mijn kennissenkring – ik. Heb je je enigszins in de natuurkunde verdiept opdat je Titus een béétje zou kunnen begrijpen?

Vanden Thoren «De stof zélf gaat mijn petje te boven. Ik vroeg me vooral af: ‘Wat voor type mensen zijn die doctoraatsstudenten die zich op het hoogste niveau met natuurkunde bezighouden?’ De doctoraatsstudent die ik heb ontmoet, was een merkwaardig gewone gast van 32 jaar in een heavymetalshirt. ’t Was voor mij een opluchting dat hij zo gewoon was, en dat ik dan ook op een gewonemensenniveau met hem kon praten. Maar als zo iemand in detail gaat, dan begrijp je daar als leek natuurlijk helemaal niets van. ’t Kwam er dus op aan om met overtuiging te spelen dat ik het wél volledig snapte. Er zat niets anders op. Ik ben tevreden met ‘Terug naar morgen’. Het is fijn om te zien dat in dit ambitieuze project alle aspecten van het filmen – van muziek over decor tot spel – zo goed zijn uitgevoerd. Ook al is het niet de meest evidente constructie.»

HUMO Die zorgt ervoor dat je bij de les blijft. De film gaat in grote trekken over een wetenschappelijke ingreep in de tijd: fouten – ongelukken, rampen – kunnen in het verleden ongedaan gemaakt worden om daar in het nu beter van te worden. Maar dat je een situatie in het verleden verandert, is dan weer oorzaak van andere gevolgen, die niet noodzakelijk gunstig zijn. We kunnen dus bezig blíjven.

Vanden Thoren «Ik kan je met de hand op het hart zeggen dat zich in mijn leven nog geen situaties hebben voorgedaan die ik per se zou willen terugdraaien. Ook al heb ik me in mijn jeugd aan tal van gevaarlijke onnozelheden bezondigd, onwaarschijnlijk domme dingen die nog nét goed zijn afgelopen: in verlaten fabrieken over bijna doorgeroeste vaten vol gif lopen, experimenteren met dronken autorijden, onveilig vrijen. Elke dag staat er wel iets in een krant waaruit blijkt dat zulke dingen voor sommige mensen tragisch zijn afgelopen.»


Fluitende lolbroek

HUMO Het is me opgevallen dat je van rollen die je voor tv hebt gespeeld al vaker hebt gezegd dat ze heel ver van je afstaan. Dat zei je ook over Harry uit ‘Tom & Harry’.

Vanden Thoren «Zowel op de televisie als in de film heb ik nog nooit iets gespeeld waar ik me voor schaam. Maar op grond van mijn werk voor de tv denkt het publiek nogal snel dat ik een lolbroek ben die elke dag fluitend door het leven gaat.»

'Zowel op de televisie als in de film heb ik nog nooit iets gespeeld waar ik me voor schaam'

HUMO Harry had toch een filosofische inslag? Hij dacht toch na over zijn leven en over hét leven?

Vanden Thoren «Ja, maar hij nam geen verantwoordelijkheid. In ieder geval heb ik de indruk dat mensen nogal makkelijk van me denken dat ik vlotjes door het leven ga, terwijl ik juist een tobber ben. Dat aspect staat vaak in groot contrast met de rollen die ik speel.»

HUMO Cynisch ben je niet, hè?

Vanden Thoren «Het levert me te weinig op. Als levenshouding zou ik er niets aan hebben, want mijn kracht zit niet in cynisme. Ik kan wel genieten van mensen die heerlijk cynisch kunnen zijn, maar als ze er te lang mee doorgaan, word ik er kotsmisselijk van. Omdat het uitzichtloos is, maar nog het meest omdat het mensen en dingen niet waardeert en systematisch de poten onder iemands stoel wegzaagt. Ik heb daar geen baat bij.»

HUMO Je maakt deel uit van het theatergezelschap Het KIP, dat volgens mij bijzonder ambitieuze ethische beginselen heeft. Op jullie site las ik: ‘Het KIP kijkt met verwonderde ogen naar de haat, het cynisme, de afgunst waardoor de mens zich zo vaak laat drijven. Het KIP gelooft deze mechanismen te kunnen doen keren.’

Vanden Thoren «Ambitieus, inderdaad, maar ik sta helemaal achter die intentieverklaring. Dat is wat we doen, en er is geen fijnere werkplek dan Het KIP; helaas hebben we niet het budget om de ene voorstelling na de andere te maken. Er is weinig afgunst in onze groep: we vormen een goed draaiend, zeer ongecompliceerd samenlevinkje, waarin iedereen alles kan zeggen. Wat een zeer vruchtbare voedingsbodem tot gevolg heeft. We zijn vrienden.»

HUMO En die vrienden geloven dat ze de samenleving door middel van theater gunstig kunnen beïnvloeden.

Vanden Thoren «Dat moet je geloven of anders begin je er niet aan.»

HUMO Hoe kwetsbaar voel je je?

Vanden Thoren «Heel kwetsbaar. Steeds kwetsbaarder, nu ik een kind heb. Toen Ramses geboren was, kreeg ik ineens het gevoel dat ik heel veel te verliezen had. Dat is de meest concrete kwetsbaarheid die ik me kan voorstellen.»

HUMO Ramses: genoemd naar de populaire farao’s of naar Ramses Shaffy?

Vanden Thoren «We vonden het gewoon een mooie naam. En er zijn voor de rest geen Ramsessen die mij ervan hadden kunnen weerhouden om mijn zoon Ramses te noemen. Maar wat kwetsbaarheid betreft: ’t is ook een onderdeel van mijn vak: ik word graag geraakt door schoonheid, zodat ik me ook niet voor ontroering afsluit. Als je acteur bent, ben je vanzelf aan de publieke opinie onderhevig, wat je ook kwetsbaar maakt. Zolang mensen vinden dat ik er mag zijn, is het tof. Maar mochten ze mij afwijzen, waardoor ik uiteraard niet meer aan de bak zou komen, dan zou ik dat heel, heel hard vinden. Maar nog banger ben ik voor het culturele klimaat dat verandert: snoeien in cultuur lijkt tegenwoordig steeds makkelijker te gaan. Dat lijkt me nog slechter voor de samenleving dan voor mij als individu. Ik kan alleen maar hopen dat de gezelschappen die ik liefheb, de volgende subsidieronde mogen overleven.»

HUMO Wat stel je je in deze fase van je leven bij ‘geluk’ voor?

Vanden Thoren «Nu ga ik eens iets heel stoms zeggen: ik zou in deze fase van mijn leven zo veel mogelijk bij mijn kind willen zijn. Maar dat gaat natuurlijk niet, want voor de volgende twee jaar zit mijn agenda al vol. En toch wil ik zo veel mogelijk tijd met mijn kind doorbrengen, want ik word gelukkig van elke nieuwe ontwikkeling in zijn opgroeien. ’t Is onwaarschijnlijk spectaculair.»


Bekijk de trailer van 'Terug naar morgen':


Robrecht Vanden Thoren speelt ook samen met Titus De Voogdt en Tom Vermeir in het stuk 'Poepsimpel', een productie van Compagnie Cecilia. Info en speeldata vindt u hier.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234