WK wielrennen: vijf tips voor Valkenburg?

Zondag strijden de beste wielrenners ter wereld in Valkenburg voor de regenboogtrui: het wereldkampioenschap is de belangrijkste koers van het jaar, en ook de moeilijkste om te winnen.

Om Philippe Gilbert en Tom Boonen een handje te helpen, hebben we de eerdere WK-edities aldaar geanalyseerd en vijf lessen uit het verleden getrokken. Nu nog hopen dat ze het lezen.

Het wereldkampioenschap vindt al voor de zesde keer in het Nederlandse Valkenburg plaats - gemakshalve rekenen we daar het vlakbij gelegen Heerlen bij - en drie keer won er een Belg: Marcel Kint (1938), Briek Schotte (1948) en uiteraard Eddy Merckx (1967).

Normaal hadden daar ook Daniel Willems (1979) en Peter Van Petegem (1998) bij moeten staan, maar door dom toeval wonnen een Nederlander (Jan Raas) en een Zwitser (Oscar Camenzind). Veel kans dus dat er een landgenoot wint in Zuid-Limburg, alleen: het zit 'm in details.


1. Maak zo veel mogelijk vrienden

Het wereldkampioenschap wordt in landenteams gereden - een overblijfsel uit het verleden, maar één die het aangenaam complex maakt: je ploegmakkers tijdens het seizoen worden plots je tegenstanders, en vice versa.

José De Cauwer (ex-bondscoach) «Het werk begint eigenlijk maanden vooraf. Dan al moet je inspelen op de vraag: wie is de belangrijkste tegenstander? Dat heeft gevolgen voor de samenstelling van de Belgische ploeg. Stel dat André Greipel de grote favoriet zou zijn, dan kan je maar beter niet te veel Lotto's selecteren: die komen in de problemen als ze hun kopman het vuur aan de schenen moeten leggen.

»Of waar rijden sommige van de Belgische jongens volgend jaar? Die zullen ongetwijfeld niet tegen hun toekomstige ploegmaats rijden. Op de duur weet je nauwelijks nog wie voor wie rijdt. Het heeft veel gemeen met schaken: je moet minstens twee stappen vooruit denken.»

HUMO Wie heeft er écht de leiding: de bondscoach of de ploegleiders?

De Cauwer «De bondscoach, hoewel je niet weet wat er op de achtergrond allemaal gebeurt of welke richtlijnen renners van hun eigen ploeg meekrijgen. Telkens als Patrick Lefevere in het hotel de rust kwam verstoren, dacht ik: 'Daar is die grijze ambetanterik weer.' Je moet er als bondscoach voor zorgen dat er zich zo weinig mogelijk dubbelzinnige situaties voordoen, en proberen de ploeg op één lijn te krijgen.»

In Valkenburg man Briek Schotte in 1948 als eerste in de geschiedenis het intiatief om een echte ploeg te smeden. Twee jaar eerder was Rik Van Steenbergen erin geslaagd Marcel Kint de titel te doen verliezen en een Zwitser te laten winnen. Van Steenbergen durfde twee weken niet naar huis uit vrees voor represailles.

Om dat eigenbelang te vermijden, vond Briek 'dat er met mekander moest geklapt worden' en werd er beslist dat bij winst elke ploegmaat twintigduizend frank kreeg - véél geld, zo vlak na de oorlog. Sindsdien vergadert de Belgische ploeg traditiegetrouw de avond vóór het WK, en worden er bedragen genoemd en beloftes gedaan waar de buitenstaander niks over te horen krijgt.

De Cauwer «Zo bijzonder is die bijeenkomst nu ook niet: geld is en blijft de lijmstok voor een ploeg. Een wereldkampioenschap kun je niet kopen, maar je kunt er wel je ploeg mee motiveren. Meestal neemt de coach het woord en vraagt hij de kopmannen hoeveel een wereldkampioenschap ze waard is. De anderen beseffen dan dat ze aardig wat geld kunnen verdienen.

»Niet onlogisch, als je weet wat er tegenover staat: ze offeren hun eigen kansen op voor iemand die niet eens een ploegmaat is, en bovendien worden ze niet betaald door de wielerbond. In het voetbal kun je als verdediger delen in het succes door zelf een goeie transfer te arrangeren, maar als je vier uur op kop hebt gereden op een WK, weet niemand dat achteraf nog.»

HUMO Hoeveel bedraagt zo'n premie: 10.000 euro per renner?

De Cauwer «Het is meer volgens mij. Boonen en Gilbert hebben al veel geld verdiend, hun salarissen zitten aan een plafond. Ze zijn erg gretig om wereldkampioen te worden, en ze hebben er dus veel voor over. Boonen en Gilbert denken niet meer aan hun portefeuille, maar aan de eer. Jongens als Van Avermaet of Roelandts kunnen ook winnen als alles meezit, en dan financieel een grote slag slaan.

»Pas op, we spreken nu de hele tijd over geld, terwijl iedereen er echt bij wil zijn.»

HUMO Betalen de kopmannen die premie uit eigen zak, of zit de sponsor daar voor iets tussen?

De Cauwer «Nee, in principe betalen ze die zelf, maar ik heb wel ooit een renner naar zijn sponsor horen bellen tijdens de bespreking, om te horen of die met een extra bedrag over de brug zou komen. Er is ook nog de winstpremie van de bond - 50.000 euro, als ik me niet vergis - maar die staat daar volledig los van.»

Briek Schotte - 'Ik weet nog dat het die dag ideaal koersweer was: bewolkt en in de finale buien' - ging in '48 al in de derde ronde in de aanval, en hij maakte gebruik van de rivaliteit tussen Gino Bartali en Fausto Coppi. Zij waren dé favorieten, maar ze gunden mekaar het licht in de ogen niet en stapten halfweg samen uit de koers.

In een sprint met twee versloeg Schotte de Griekse Fransman Apo Lazarides. Hij won naar eigen zeggen dankzij de biefstuk die hij van thuis had meegekregen, en twee uur voor de wedstrijd in een huis bij mensen langs het parcours had gebakken. Met de 10.000 frank startgeld die hij achteraf ontving, was de premie aan zijn ploegmaats snel terugbetaald.

Tot slot: probeer voor één keer geen voorbeeld te nemen aan Roger De Vlaeminck. Op het WK in Yvoir in 1975 kon die het niet laten om ploegmaat Lucien Van Impe te vernederen om zijn gestalte: 'Onze ploeg bestaat slechts uit elf en een halve man.' Waardoor Lucien weigerde op het beslissende moment achter de ontsnapte Hennie Kuiper te rijden en De Vlaeminck naar zijn regenboogtrui mocht fluiten.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234