null Beeld Marco Mertens
Beeld Marco Mertens

RSC Anderlecht - Racing Genksuccescoach wouter vrancken

Wouter Vrancken: ‘Als ik wegga blij een club is dat met tranen in de ogen, alsof ik mijn kinderen achterlaat bij de stiefpapa’

Racing Genk handelt in juichend voetbal, hamstert punten, en is minstens tot eind december de competitieleider. Mogelijk heeft dat iets te maken met Wouter Vrancken (43). De trainer van de Limburgers – eerder joeg hij bij KV Mechelen vier jaar lang de temperatuur de hoogte in – is een magneetstrip voor succes. ‘Of je nu de Beker van België wint of kampioen speelt in vierde provinciale: de euforie is even groot.’

Jeroen Maris

Vrancken somt op eenvoudig verzoek de toeristische hotspots van Sint-Truiden, Gent, Mechelen en Kortrijk op – hij speelde er bij de plaatselijke voetbalclubs – maar heeft ook voor Genk Google Maps niet nodig: in dat vorige leven was hij er twee jaar lang de vriendelijke dirigent op het middenveld.

HUMO Voor de twintigers en dertigers in de spionkop ben je zelfs een jeugdheld: in het seizoen 2006-2007 greep Racing Genk maar net naast de titel.

WOUTER VRANCKEN «Dat was een heel bijzonder jaar, ja. In de breedte was de kern toen eerder beperkt, maar we vochten wel een seizoen lang met Anderlecht om de titel. Pas op het einde moesten we de rol lossen. Heel vaak sloegen we al in de eerste helft de kloof, en lieten we na de rust de wedstrijd uitdoven. Er werd toen weleens gezegd dat Racing Genk halve abonnementen zou moeten aanbieden, zodat supporters alleen naar de eerste helft konden komen kijken (lacht).»

HUMO Vooralsnog houden jullie het dit seizoen twéé helften boeiend. En breken jullie clubrecord na clubrecord. Dit is bijvoorbeeld de beste seizoensstart ooit van Racing Genk, beter dan…

VRANCKEN «…in 2006-2007, ja. Ik kannibaliseer dus m’n eigen records (lacht). Neen, ernstig: dat soort statistieken doet me weinig. Het is leuk als iemand me erop wijst dat Racing Genk nooit eerder zoveel uitwedstrijden op rij wist te winnen, maar ik zie het trainerschap niet als een jacht op records. Het genot zit ’m voor mij in het plezier dat van mijn spelers straalt zodra ze gras onder hun voeten voelen. In hun gulzigheid. Ik zie dat ze zonder twijfel voetballen, en dát vind ik mooi – mooier dan een statistiekje.»

HUMO Racing Genk speelt met een groot collectief esprit. Heb je dat er moeten inkoken? Je erfde een kern die – zo wordt toch gezegd – als los zand aan elkaar hing.

VRANCKEN «Ik had die verhalen ook gehoord: een doffe atmosfeer, kliekjes, een kleedkamer waar meer scheef dan recht zat. Maar dat bleek allemaal overtrokken, meer zelfs: ik heb er niets van gemerkt.»

HUMO Je eist betrokkenheid, engagement en groepsdenken van je spelers. Maar: je bent niet het type van de prikklok.

VRANCKEN «Er ligt geen lijvig wetboek klaar als je bij Racing Genk komt voetballen, nee. Ik wil een topsportcultuur in de kleedkamer en op het veld, maar voor mij heeft dat niets met regeltjes te maken. Je moet een groep voetballers niet behandelen als een kleuterklas. Ik vind het veel fijner om mensen verantwoordelijkheid te geven. In mijn ervaring werkt dat ook beter. Je moet wel zelf het goede voorbeeld geven, natuurlijk: als spelers zien dat ik er de kantjes af loop, zullen ze die verantwoordelijkheid niet opnemen.

»Niemand staat boven de groep. Dat is de harde grens die ik stel. En dat wordt goed opgepikt. Ook gasten als Bryan Heynen en Patrik Hrosovsky – sterkhouders die alle wedstrijden gespeeld hebben – aanvaarden dat ik hen bij mij roep om samen wat beelden te bekijken van wat beter kan.»

HUMO Racing Genk had geen goed seizoen achter de rug toen je er aankwam, en ook bij KV Mechelen nam je in 2018 over toen het voetbal suf en de resultaten belabberd waren. Begin je liever op een dorre akker? Is het makkelijker om succes te creëren dan om succes te bestendigen?

VRANCKEN «Ik kan de vergelijking nog niet maken: ik ben altijd gestart in een situatie waarin er méér verwacht werd. Maar het is niet zo dat ik bewust op zoek ga naar een club waar ontgoocheling heerst, en hoop in de plaats moet komen. (Denkt na) Ik heb een aantal basisprincipes, en ik geloof dat die in alle omstandigheden tot iets goeds kunnen leiden.»

HUMO Geef eens een voorbeeld van zo’n principe?

VRANCKEN «Dat niet de tegenstander je grootste vijand is, maar wel je eigen twijfel. Dat mag misschien klinken als een vage inspirational quote, maar het is gewoon wáár: sta je op een voetbalveld voortdurend te aarzelen, dan word je afgestraft. Ik heb liever dat een speler een verkeerde beslissing neemt en daar met volle overtuiging voor gaat, dan dat hij niet weet wat te doen en maar wat doelloos loopt te breien. Aan dat laatste heb ik een hekel. Een voetballer moet in elke situatie weten wat hij hoort te doen. En dat hij dat weet, daar moet ik voor zorgen. Duidelijkheid: dát is de verantwoordelijkheid van de trainer.»

'We staan te weinig stil bij hoe voetballers vanuit hun puberteit recht in de grote wereld worden gegooid. Iederéén is als tiener of twintiger op zoek naar een handleiding voor het leven: dat moet je voetballers ook gunnen.' Beeld Photo News
'We staan te weinig stil bij hoe voetballers vanuit hun puberteit recht in de grote wereld worden gegooid. Iederéén is als tiener of twintiger op zoek naar een handleiding voor het leven: dat moet je voetballers ook gunnen.'Beeld Photo News

TACTISCH TESTAMENT

‘Duidelijkheid’ is ook het woord dat altijd weer echoot wanneer spelers van KV Mechelen of Racing Genk gevraagd wordt naar het comfort van voetballen onder Vrancken. Weten wat te doen. Maar waarin zit die duidelijkheid dan precies? Vrancken klapt z’n laptop open, met in z’n ogen de vonken van de vakleerkracht die bijles mag geven, en toont z’n game model: een samenscholing van 175 slides, samen een tactisch testament. Elke mogelijke wedstrijdsituatie wordt erin gekoppeld aan elke mogelijke opstelling van de tegenstander – het begint ontroerend eenvoudig bij ‘onze keeper heeft de bal’ – en vooral: aan een specifieke opdracht voor elke speler. Vrancken excuseert zich omdat op sommige slides de mannetjes nog een geel-rood shirt dragen. ‘Ik ben ze allemaal aan het omzetten naar blauw-wit.’

HUMO Ik begrijp er niets van, Wouter.

VRANCKEN (glimlacht) «De basis is nochtans heel eenvoudig: ik geef aan elke speler mee wat van hem verwacht wordt – of hij nu aan de bal is of niet. Dat is structuur, dat is die duidelijkheid: in mijn ideale wedstrijd twijfelt een voetballer nooit aan wat hij moet doen.»

HUMO Maar fnuikt dat niet de creativiteit van de technisch begenadigde spelers? In elk goed elftal vind je toch een voetballer die gek, geniaal én oncollegiaal is – en die je dus beter niet in een systeempje wringt?

VRANCKEN (schudt het hoofd) «Ik help mooie voetballers als Mike Trésor en Bilal El Khannouss echt niet door te zeggen: ‘Doe maar wat, en dan komt het wel goed.’ Dat werkt gewoon niet. Die gasten moeten deelnemen aan het spel, weten wat hun ploegmaats doen – en dán de bal in of rond de zestien krijgen, en er iets mee verzinnen. ‘Trap de bal naar voren, en daar zal het goudhaantje er wel iets briljants mee doen’: dat is niet het voetbal dat ik voorsta.

»Duidelijkheid breng je niet met lege begrippen. ‘We gaan hoog druk zetten’: dat klinkt goed, maar op zich is het betekenisloos. Je moet het heel duidelijk specifiëren: in welke wedstrijdfases wil je je tegenstander op de huid zitten? Wie moet die druk zetten? En op welke manier?

»Scherpte is nog zo’n term die altijd in de uitverkoop staat. Toen ik bij KV Mechelen begon, was de dominante analyse dat het de ploeg daaraan ontbrak. Er heerste zogenaamd een vedettencultuur: de spelers voelden zich te goed voor 1B en waren niet bereid om voor elkaar the extra mile te lopen. Maar die analyse klopte helemaal niet! Er was gewoon een gebrek aan duidelijkheid: de ene speler ging druk zetten terwijl de andere voor de behoudende aanpak koos. Dat was geen gebrek aan scherpte, dat was een gebrek aan afspraken.»

HUMO Je laat een ploeg voetballen met een watermerk: veel beweging, hoge druk, lef. Supporters houden van een ploeg die aanvallen boven verdedigen verkiest. Geldt dat ook voor spelers?

VRANCKEN «Ik hoor toch weinig klachten (lacht). Zelf apprecieerde ik als voetballer ook de trainers die hun spelers vertelden hoe ze iets konden afdwingen – veel meer dan de trainers die focusten op niet verliezen. Het klinkt misschien onnozel, maar er gaapt een groot verschil tussen een coach die je uitlegt hoe je doelpunten maakt en eentje die je uitlegt hoe je tegendoelpunten vermijdt. Ik hou niet van angst. Ik verkies om zélf volle gas te geven.»

HUMO Op de eerste speeldag verloren jullie van Club Brugge, en toch was die wedstrijd een geruststelling voor Racing Genk: het vrolijke voetbal was terug.

VRANCKEN «Dat was een aangename verrassing. De groep stond er meteen: ik zag spelers die voelden dat er iets mogelijk was. We gingen naar huis met een nederlaag, maar ook met de gedachte dat er iets moois aan het kiemen was.»

HUMO Junya Ito, Kristian Thorstvedt, Jhon Lucumí, Cyriel Dessers, Théo Bongonda en ga zo maar door: veel potentiële sterkhouders vertrokken in het tussenseizoen. Maar de ploeg lijkt daar gek genoeg niet onder te lijden.

VRANCKEN (knikt) «Er spelen nu gasten die anders niet gespeeld zouden hebben. En stuk voor stuk grijpen die hun kans. Ik heb het de jongens al meermaals gezegd: het is niet alleen de kwaliteit die me zo blij maakt, maar ook de mentaliteit. Je kunt het puur op kunde doen, maar de opwinding van voetbal zit ’m voor mij in iets neerzetten als ploeg. Daar pak je punten mee die je niet zou pakken als je alleen op de intrinsieke kwaliteit rekent.

»Het draait nu allemaal heel soepel, maar mijn spelers houden wel de voeten op de grond. Ze willen werken, en kijken hoe ver ze daarmee komen.»

HUMO Peter Croonen, de voorzitter van Racing Genk, merkte onlangs in podcast ‘Eleven Insiders’ op dat al dat succes zich goeddeels in de luwte afspeelt. En het is waar: de Europese triomfen van Club Brugge, de deconfiture van RSC Anderlecht en die ene roker op de bank bij Antwerp kaapten veel aandacht weg.

VRANCKEN «Ik vind het prima zo. Dan komen ze tenminste niet voortdurend aan me vragen of Racing Genk voor de titel gaat.»

HUMO Gaat Racing Genk voor de titel?

VRANCKEN (grijnst) «We hebben bij het begin van het seizoen een realistische ambitie uitgesproken: play-off 1 spelen. Dat blijft zo. We komen uit een matig seizoen, en je merkte zelf al op dat we behoorlijk wat sterkhouders zijn kwijtgespeeld. Dan hoor je niet te roepen dat je kampioen wordt, zelfs al sta je met Kerstmis op de eerste plaats.»

'Na mijn voetbalcarrière ben ik eerst nog verkoper geweest. Maar de hard sale – móéten verkopen, mensen pushen – paste me niet.' Beeld Marco Mertens
'Na mijn voetbalcarrière ben ik eerst nog verkoper geweest. Maar de hard sale – móéten verkopen, mensen pushen – paste me niet.'Beeld Marco Mertens

BLANCO BLAD

Bij KV Mechelen is het heimwee naar Vrancken nog niet uit de tribunes gejaagd. In zijn eerste seizoen – Malinwa speelde toen in 1B en bleek niet zo Propere Handen te hebben – won hij er de Beker van België en promoveerde hij. In de drie daaropvolgende jaren trakteerde hij op opwindend voetbal en haalde hij het maximum uit zijn spelerskern. Dat ontging ook andere bestuurskamers niet: Vrancken werd door zowat alle Belgische topclubs naar rechts geswipet, en er was interesse uit Duitsland.

VRANCKEN «Maar Racing Genk was snel en duidelijk – ook naast het veld hou ik daarvan. Ik had geen zin in gedoe, in onderhandelingen en alle spelletjes die daarbij horen. En net als Malinwa slaagt Racing Genk in iets dat even mooi als moeilijk is: in het moderne voetbal toch een familieclub blijven.»

HUMO Ben je sindsdien nog welkom bij je schoonfamilie? De ouders van je vrouw zijn devote supporters van Sint-Truiden – de rivaal van Racing Genk.

VRANCKEN «Helaas: bij bezoekjes moet ik nu in de auto blijven zitten (lacht). Neen, natuurlijk gunnen ze me het, en supporteren ze voor mij.»

HUMO Ook één van je beste vrienden is supporter van Sint-Truiden. Toen je nog voetbalde, kwam hij altijd naar je wedstrijden kijken, behálve in die twee seizoenen bij Racing Genk: hij weigerde om een voet in het stadion te zetten.

VRANCKEN «Klopt, maar intussen komt hij wél. Ik woon in Sint-Truiden en ik ben er indertijd mijn voetbalcarrière begonnen: ik ken de rivaliteit. Het geeft extra pigment aan de derby. Maar er is niemand die me géén succes bij Genk gunt: clubkleuren vegen vriendschap niet uit.

»Wat ik ook belangrijk vind: dat mijn vrouw en onze kinderen graag in de tribune zitten bij de club waar ik werk.»

HUMO Je hoort voetbaltrainers zelden over hun familie praten, bedenk ik me nu.

VRANCKEN «Ik ben geen individualist: ik heb mensen rond me nodig, warmte. Dat helpt me ook als trainer. Want als het goed gaat, kun je het alleen. Maar zodra het stroef loopt, moet je kunnen thuiskomen. Het wordt snel eenzaam als je familie niets voelt bij wat je doet, hè. Karen, mijn vrouw, trekt me ook af en toe uit het voetbal. Dan gaan we wandelen tussen de fruitbloesems, en is er even géén bal. Het kan stoer lijken om je helemaal te verliezen in je werk, maar een mooi mens maakt het niet van je. En het is ook onproductief: ik geloof dat een goeie trainer af en toe níét met zijn vak bezig is. Balans is belangrijk.

»Als trainer maak ik veel meer uren dan als speler, en toch loop ik lichter door het leven. Dat heeft te maken met ouder worden, natuurlijk: als voetballer ben je jong en ambitieus, en heb je nog niet geleerd om de dingen wat te relativeren. De jaren hebben mij meer rust gebracht.»

HUMO Ik ben nu 37, wat betekent dat ik voor het eerst ouder ben dan alle spelers van mijn favoriete club. Daarmee komt ook het besef: hoe jóng zijn voetballers toch.

VRANCKEN «Dat wordt vaak vergeten. Anouck, mijn oudste dochter, is nu 18: ze loopt in het schemergebied tussen kind en volwassene. Maar in de kleedkamer van Racing Genk zitten gasten van die leeftijd, hè, en die beoordelen we als volwassenen. Voetballers worden vanuit hun puberteit recht in de grote wereld gegooid, en daar wordt veel te weinig rekening mee gehouden. Ik weet bijvoorbeeld dat ik beter niet te veel commentaren op sociale media lees. Maar zo’n gast van 18 doet dat wél, en laat zijn zelfbeeld daardoor bepalen. Daar zouden we toch attenter voor moeten zijn. Iederéén is als tiener of twintiger op zoek naar een handleiding voor het leven: dat moet je voetballers ook gunnen.»

HUMO Bij KV Mechelen namen spelers je vaak over heel persoonlijke dingen in vertrouwen.

VRANCKEN «Ik vind het belangrijk om de mens achter de voetballer te kennen. Je mag een speler niet beschouwen als een blanco blad waar jij als trainer wat op mag krabbelen. En dus neem ik die jongens en hun zorgen ernstig. Het heeft ook met tijd te maken. In Mechelen waren er spelers met wie ik drie of zelfs vier jaar gewerkt heb. Dan kennen ze je, dan weten ze dat je hun vertrouwen niet zult beschamen.

»Ik vind het dus belangrijk om de drempel laag te houden. Maar: ik trek wel grenzen. Het is niet de bedoeling dat spelers me vragen om mee uit te gaan. Als ik moeilijke beslissingen moet nemen, mag een goeie relatie niet in de weg zitten. We zijn één team, we gaan voor elkaar door het vuur, maar we dansen niet hand in hand rond het kampvuur.»

‘Je moet een groep voetballers niet behandelen als een kleuterklas. Er ligt geenl ijvig wetboek klaar als je bij Racing Genk komt voetballen, nee.' Beeld Marco Mertens
‘Je moet een groep voetballers niet behandelen als een kleuterklas. Er ligt geenl ijvig wetboek klaar als je bij Racing Genk komt voetballen, nee.'Beeld Marco Mertens

DE SCHAAL

Toen Vrancken in 2010 afzwaaide als profvoetballer, leek dat aanvankelijk een stellig adieu: hij ging de sport uit, het bedrijfsleven in.

VRANCKEN «Ik nam bewust geen sabbatjaar: ik wilde bezig zijn. En ik was nieuwsgierig naar die ándere wereld. Jarenlang was er alleen dat bestaan als voetballer geweest, en ik wilde het reguliere bedrijfsleven leren kennen, en me daarin ontwikkelen.

»Aanvankelijk was ik verkoper – eerst van verzekeringen, later bij een bank, nog later bij een sportmerk. Maar dat was niet helemaal wat ik wilde. Ik hou er wel van om iets op een bevlogen manier over te brengen, maar de hard sale – móéten verkopen, mensen pushen – paste me niet. Een levensles was het wel: ik ben in die periode veel van mijn naïviteit verloren.

»Daarna heb ik nog bij een veiligheidsfirma op de luchthaven van Zaventem gewerkt. Dat werk lag me, en ik had fijne collega’s. Ik hou ook van de speciale sfeer die op zo’n luchthaven hangt. Maar het meeste heb ik uiteindelijk opgestoken bij een bedrijfje dat coachingopleidingen gaf – bijvoorbeeld aan mensen die op het punt stonden om team leader te worden bij hun firma. Uit testen bleek dat ik op universitair niveau zat. Dat gaf me wel voldoening, ja. En het bezorgde me ook het zelfvertrouwen dat ik nodig had. Je moet weten: vroeger twijfelde ik over alles. Een beslissing nam ik alleen na een uitputtend denkproces, en ik stond heel voorzichtig in het leven. Nu durf ik risico’s te nemen – berekende risico’s.»

HUMO Toen je dan toch voetbaltrainer werd, liet je je niet parachuteren. Je begon in vierde provinciale, bij RDK Gravelo.

VRANCKEN «Een vriendendienst was dat. Al vatte ik het meteen wel heel ernstig op. Een game model van 175 pagina’s had ik toen nog niet, maar ik wilde wel graag wat ideeën uittesten. Gravelo speelde volgens de wetten van het provinciaal voetbal: met een libero en twee mandekkers, en flankspelers die de hele lijn deden. Ik wilde achteraan met vier op een rij spelen, en in zone verdedigen. ‘Doe maar,’ zeiden ze bij het bestuur, ‘je krijgt carte blanche, maar we denken dat dat te moeilijk zal zijn.’ Ik vond dat een gekke redenering, want ik kon niet begrijpen dat je dat soort dingen wel uitgelegd krijgt aan een profvoetballer die niet gestudeerd heeft, maar niet aan een burgerlijk ingenieur die in provinciale voetbalt. Opnieuw: het is gewoon een kwestie van duidelijk zijn. Dus ja, het werkte, en we promoveerden twee keer.

»Ook in provinciale moet een trainer keuzes maken, en zo menselijk mogelijk communiceren. Ik heb bij Gravelo geleerd hoe je een geheel kneedt, en hoe je er vervolgens voor zorgt dat die groep ook een groep blijft. Ja, dat waren mooie jaren.»

HUMO Je praat er met zichtbaar plezier over.

VRANCKEN «Toen ik met KV Mechelen de Beker won en naar 1A promoveerde, zeiden de mensen van Gravelo me: ‘Goh, Wouter, weet je nog, toen wij de titel pakten? Maar ja, jij bent wel meer gewoon.’ Maar zo werkt dat helemaal niet! De schaal is anders, dat is waar: bij Gravelo vierden we de promotie met vijftig mensen in de kantine, bij KV Mechelen staken we de Beker van België in de lucht voor een volle Heizel. Maar het gevoel, de euforie van zo’n moment? Dat is even intens. Je kunt in vierde provinciale óók geluk vinden.

»Ik zal altijd met veel liefde over mijn ex-clubs praten. Ik vind afscheid ook moeilijk. Bij Gravelo, later bij Thes Sport en bij KV Mechelen: ik trok er telkens de deur dicht met tranen in de ogen en een krop in de keel. Een clublogo is meer dan een tekeningetje boven je loonbrief, hè: je bouwt een band op met al die mensen die een club tot een club maken, tot iets levendigs en emotioneels. En zeker met de spelers: bij elk afscheid voelde het alsof ik mijn kinderen achterliet bij de stiefpapa.»

HUMO Je bent ook heel trouw in je persoonlijke relaties – in je vriendschappen, bijvoorbeeld.

VRANCKEN «Het merendeel van mijn vrienden was er al voor ik trainer werd, een heel aantal daarvan zelfs voor ik profvoetballer was. Ik vind dat maar logisch. Vriendschap heeft toch niets te maken met status? Ik vind het fijn dat mijn kameraden jaren geleden al hielden van de wat onzekere, altijd twijfelende gast die ik toen was. Om de drie maanden ga ik met een vaste vriendengroep uit eten. Het eerste agendapunt dan: de vólgende afspraak vastleggen. Omdat we niet willen dat drukke levens in de weg komen, omdat iets stoms als een agenda de vriendschap niet mag doen verwateren.»

HUMO Toen je wegging bij KV Mechelen bedankte Geel & Rood – het clubmagazine – je met een nummer dat helemaal aan jou gewijd was.

VRANCKEN (glunderend) «Mooi, toch? Na mijn laatste wedstrijd als trainer van Malinwa mocht ik er het stadion toespreken, en daarna volgde een prachtig afscheidsfeest. En dáárom vind ik het fijn om een voetbaltrainer te zijn. Natuurlijk wil ik trofeeën in m’n kast, maar de mooiste onderscheiding is applaus. Mensen die me zeggen: ‘Jij hebt mijn club doen schitteren.’»

HUMO In die editie van Geel & Rood stonden ook drie brieven aan jou – van je zoontje, en van je twee tienerdochters. Noem me gerust een ei, maar ik hield het niet droog bij het lezen van de mooie woorden waarmee ze hun vader schilderden.

VRANCKEN «Ja, dat was prachtig. (Denkt lang na) Het eerste afscheid is er al: onze oudste dochter, Anouck, zit nu op kot. Ik vind dat niet zo evident – loslaten is niet mijn sterkste kant. Eén keer per week rij ik erheen, en dan eten we samen. Dat zijn altijd weer wondermooie avonden. En dan bedenk ik me telkens weer hoe erg mijn oudste dochter op me lijkt – of toch: op een vorige versie van mezelf. Ze voelt zich verantwoordelijk voor de dingen, ze wil niet impulsief zijn, ze denkt na en ze twijfelt en ze zoekt. En dat herken ik, natuurlijk: zo ben ik zélf lang geweest.

»Manou, onze andere dochter, is helemaal anders: zij ziet overal de kans, en nergens het gevaar. Dat de dingen niet altijd zwaar en moeilijk hoeven te zijn, dat heb ik van haar geleerd.»

HUMO En van Jesse, je zoon van 8?

VRANCKEN (glimlacht) «Hij bevestigt me vooral in mijn muzieksmaak: we delen de liefde voor Nirvana, Pearl Jam en Arctic Monkeys

HUMO Ik citeer tot slot een vriend van me, een supporter van KV Mechelen die je hoog had zitten toen je daar trainer was: ‘Ik heb nog nooit zó hard staan zingen voor een trainer die ik de volgende dag gewoon tegenkwam in Center Parcs’.

VRANCKEN «Natuurlijk: nergens zijn de wildwaterbanen leuker dan dáár.»

Anderlecht – Racing Genk, Play Sports, zondag 13 november, 18.30

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234