Zeven jaar na Utøya: ' In 2011 klonk Breivik nog wereldvreemd, nu zijn zijn ideeën mainstream geworden'

Met ‘22 July’ van Paul Greengrass en ‘Utøya 22. juli’ van Erik Poppe komen er twéé films tegelijk uit over de aanslag van Anders Breivik op het Noorse eiland Utøya, nu zeven jaar geleden. Poppe focust op de terreur die de jongeren op het eiland ondergingen, Greengrass geeft Breivik een stem. ‘Zoveel mogelijk jongeren moeten mijn film zien, want zij zullen te maken krijgen met de wereldwijde ruk naar rechts.’

Op 22 juli 2011 liet de extreemrechtse terrorist Anders Behring Breivik een autobom ontploffen in het regeringskwartier in Oslo. Daarbij kwamen acht mensen om het leven. Vervolgens trok hij naar het eiland Utøya, 25 kilometer verder, waar een jongerenkamp van de Arbeiderspartij plaatsvond. Daar schoot hij 69 tieners dood voor hij gearresteerd kon worden. Het lijkt hoogst ongepast om daar een film over te willen draaien, maar Paul Greengrass heeft ervaring met het samenballen van dramatische gebeurtenissen. Met ‘Bloody Sunday’, over de betoging in Londonderry in 1972 waarbij het Britse leger dertien Ieren doodschoot, won hij in 2002 de Gouden Beer op het filmfestival van Berlijn. In 2006 draaide hij ‘United 93’, over het vierde vliegtuig van 9/11, dat in een veld in Pennsylvania crashte. En in 2014 werd ‘Captain Phillips’, over de kaping van een Amerikaans vrachtschip door Somalische piraten, genomineerd voor zes Oscars. Tussendoor regisseerde hij drie van de vijf Bourne-kaskrakers.

Paul Greengrass «Ik hou van elk filmgenre. Niet alleen van thrillers, zoals ik er zelf heb gemaakt, maar ook van fantasy en films voor de hele familie. Cinema is een kunstvorm, en tegelijk een spiegel. Van tijd tot tijd moet die je tonen wat er gaande is, zonder dat de regisseur probeert de puzzelstukken zo te schikken dat er één of andere mening uit naar voren komt – dat is propaganda. Wat ik probeer in een film zoals ‘22 July’ of ‘United 93’, is tegelijk emotieloos en vol mededogen naar een gebeurtenis te kijken.»

Paul Greengrass, 63 ondertussen, nipt van een americano in een Londense koffiebar. Hij heeft zijn bril afgezet en wrijft met beide handen over zijn stoppelbaard.

Greengrass «Nu, ik was eigenlijk niet van plan om een film over Utøya te maken. In 2015 was ik de vluchtelingencrisis aan het analyseren. Ik heb maanden op Lampedusa, in Zuid-Italië en in Griekenland gezeten, voor ik besefte dat ik verkeerd zat, zowel qua plaats als qua thema. Je hebt de vluchtelingencrisis vanuit het standpunt van diegenen die die vreselijke tocht meemaken, maar je zou ook kunnen kijken naar de gevolgen ervan voor Europa. De financiële crisis van 2008 en de zwalpende economie hebben de angst voor migratie aangewakkerd en de politiek een nieuwe richting uitgestuurd. Je kon er niet naast kijken. Twee jaar geleden, nog vóór de brexit, de verkiezing van Donald Trump tot president van de VS en de opkomst van AfD in Duitsland, zag je al die ruk naar rechts, richting nationalisme. En daaronder begon weer erg duister gedachtegoed te gedijen.»

– Wat ons bij Anders Breivik brengt. Hij heeft naar eigen zeggen de ‘kinderen van de liberale elite’ op Utøya aangevallen om ‘Noorwegen te verdedigen’. Tijdens zijn proces bracht hij de nazigroet en zijn manifest bulkte van de haatretoriek.

Greengrass «Toen ik las wat hij in de rechtbank had verklaard, was ik stomverbaasd hoeveel van zijn argumenten, zijn referentiekader en zijn wereldvisie gemeengoed is geworden. In 2011 klonk het nog bizar en wereldvreemd, maar nu? ‘Alles is de schuld van de elite, de globalisering, de migranten, de komedie die de democratie is...’»

Toen zijn idee voor een film over Utøya vorm kreeg, ontmoette Paul Greengrass Jens Stoltenberg, de huidige secretaris-generaal van de NAVO en destijds premier van Noorwegen. Die vond het een uitstekend plan, maar hij drong erop aan dat Greengrass eerst de families van de slachtoffers zou ontmoeten. Die contacten werden gelegd door Asne Seierstad, van wie het boek ‘Eén van ons’ de basis vormde voor ‘22 July’.

Greengrass «De begeleiding van de families is daar zeer goed georganiseerd, en alles wordt betaald door de overheid. Je hebt vijftien afdelingen in heel Noorwegen, en een nationaal bureau. Ik heb de raad van bestuur gesproken en hun mijn project voorgesteld. Vervolgens hebben we een aantal families bij elkaar gebracht, en de mensen die in de film worden geportretteerd, heb ik allemaal persoonlijk gesproken.

»Als ik ook maar enige weerstand had gevoeld, had ik ‘22 July’ uiteraard niet gemaakt. Maar ze stonden er allemaal achter. ‘We moeten die confrontatie durven aan te gaan,’ zeiden ze. ‘Dit drama mag nooit vergeten worden.’ Zij zien de dreiging die uitgaat van het nationalisme, van AfD, van het Front National en andere partijen, omdat ze zelf hebben meegemaakt waartoe dat denken kan leiden.»

Paul Greengrass zou de slachtpartij op het eiland in beeld brengen – ook dat was doorgesproken met de families. Zij hadden hem gevraagd het geweld niet minimalistisch voor te stellen, en evenmin te choqueren door er een bloedbad van te maken. Het grootste deel van de film zou gaan over de arrestatie en het proces van Anders Breivik, die wordt gespeeld door Anders Danielsen Lie. Daarnaast wordt ingezoomd op Viljar Hanssen (gespeeld door Jonas Strand Gravli), een 17-jarige overlevende die meerdere keren werd beschoten door Breivik. Via zijn moeizame herstel onderzoekt Greengrass het trauma dat de jongeren hebben beleefd, en bij uitbreiding heel Noorwegen.

Greengrass «Ik wilde ook helemaal niet focussen op die moordpartij. Wat kon ik daarmee bereiken? Het belangrijkste leek me de inspirerende manier waarop het land op het drama heeft gereageerd. Die jonge mensen staan pal voor hun ideeën, hun idealisme, hun hoop en hun dromen, en ze zullen niet toestaan dat duistere krachten hun toekomst vernietigen. Dit is een verhaal van vriendschap, hoop en liefde, van sterke familiebanden. En ik wil ook tonen hoe het politieke systeem het drama heeft opgevangen, hoe de democratie krachtdadig heeft gereageerd.»


72 minuten terreur

De aanpak van Paul Greengrass staat haaks op die van de Noorse regisseur Erik Poppe, die in ‘Utøya 22. juli’ in één take van 72 minuten de terreur van Breivik op het eiland laat zien. ‘Ik heb er een jaar over gedaan om de juiste invalshoek te vinden,’ vertelt Poppe aan de telefoon vanuit Oslo.

Erik Poppe «Daarna heb ik twee jaar bij de politie doorgebracht. Ik heb er verslagen gelezen, en ik heb met meer dan veertig overlevenden gesproken om een gedetailleerd beeld te krijgen van wat er echt is gebeurd. De jongeren op het eiland moeten centraal staan in het verhaal. De kijker moet ervaren wat het was om daar te zitten tijdens de aanval. Alleen als je voelt wat zij hebben moeten doorstaan, kun je beginnen te begrijpen wat daar heeft plaatsgevonden, en zul je het nooit meer vergeten.

»Ik heb daarover gediscussieerd met sommige overlevenden en hun familie, en zij voelden dat ook zo aan. ‘Enkelen zullen het te vroeg vinden, anderen zijn van mening dat er nooit een film over mag worden gemaakt,’ zeiden ze mij. ‘Maar dit mag nooit vergeten worden.’»

Poppe moest een manier vinden om de kijker in het moment te trekken, en tegelijk respectvol de spanning en de terreur oproepen. Het lijkt haast onmogelijk, en ‘Utøya 22. juli’ is dan wel een krachtig statement, bij momenten doet het denken aan young adult-films als ‘The Hunger Games’, en zelfs aan ‘The Blair Witch Project’, in de scène waarin een meisje zich in een tent verstopt en ze Breivik buiten hoort stappen. Poppe maakt hoofdzakelijk gebruik van geluidseffecten en suggereert meer dan hij toont – de moordenaar is niet meer dan een silhouet aan de horizon. De lange take is geen gezocht kunststukje, maar een geslaagde manier om de kijker onder te dompelen in de verschrikking.

Poppe «Iedereen die ik heb gesproken, had het over de onmenselijk lange duur van de aanval, 72 minuten die tergend langzaam vergleden. Die tijd moest een personage worden in de film, als een symbool van de horror.»

Erik Poppe besloot om Breivik geen stem te geven in zijn film. Paul Greengrass deed net het tegenovergestelde: hij ging net als het Noorse gerechtshof de uitdaging aan om Breiviks vrijheid van meningsuiting te respecteren, zonder hem een forum te geven waardoor anderen zijn voorbeeld zouden kunnen volgen.

Greengrass «Breivik kon op geen enkel moment zeggen dat zijn standpunten niet zijn gehoord, hoe afschuwelijk en kortzichtig ze ook zijn. De rechters hebben er wel over gewaakt dat zijn getuigenis in balans was met dat van jongeren als Viljar en vele anderen, die het over een inclusieve samenleving hadden. En ze legden zorgvuldig vast wat elk slachtoffer heeft doorstaan.»

– Uw film is atypisch voor uw doen: geen koortsachtig camerawerk, geen rusteloze montage.

Greengrass «Het mocht absoluut geen Hollywoodfilm worden. ‘22 July’ is kleinschaliger van aanpak, meer ingehouden van toon. Het hele proces tegen Breivik was in essentie ook een oefening om de rede te doen zegevieren over de irrationaliteit.»

– ‘22 July’ komt uit in enkele zalen, en wordt tegelijk op Netflix gelanceerd. Een bewuste keuze?

Greengrass «Zeker. Ik wil zoveel mogelijk jongeren bereiken. Een film als deze zou normaal gezien niet verder raken dan de kleinere bioscoopzalen van het alternatieve circuit, en daar gaat de jeugd niet naartoe. Op Netflix heb je meteen een potentieel miljoenenpubliek. En de jongeren móéten massaal ‘22 July’ zien, want zij zullen te maken krijgen met de gevolgen van die wereldwijde ruk naar rechts. Zij zullen die strijd moeten aangaan. En ze zullen winnen, want ik ben een optimist. ‘22 July’ is geen donkere, nihilistische film. Het is een verhaal dat jonge mensen kan inspireren.»

© The Sunday Times



‘22 July’ van Paul Greengrass is vanaf 10 oktober te zien op Netflix. ‘Utøya 22. juli’ van Erik Poppe speelt op Filmfest Gent van 17 tot 19 oktober en komt op 14 november in de zalen.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle verhalen van de Humo rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234