null Beeld

Zo is er maar één

Marshall McLuhan maakte in 1962 al gewag van de global village, maar het heeft een eeuwigheid geduurd voor ik daar ten plattelande iets van kon merken. Vanuit mijn dorp bekeken was elke stad ver. De hangjongeren van toen, mijn referentiegroep, moesten ter samenscholing genoegen nemen met dorpscafés. Daar lichtte niet zelden een Wurlitzer op, of een Rock-Ola, of een Seeburg.

Redactie


Ik herinner me misschien wel een paar honderd Vlaamse liedjes, zonder dat ik me ooit heb ingespannen om ze in mijn geheugen op te slaan. Ik hoefde ze in mijn jeugd maar te horen of ze nestelden zich al in mijn systeem. Daar komt nog bij dat ik doorgaans niet eens van die liedjes hield, want toen The Beatles me in mijn kindertijd van over de Noordzee kwamen aangewaaid - o, gunstige westenwind! - hield ik er inzake populaire muziek ineens heel andere esthetische beginselen op na, al had ik toen natuurlijk nog geen benul van wat esthetische beginselen zoal zouden kunnen zijn, ter hoogte van de Vlaamse Ardennen. Eén ding staat vast: de wereld veranderde en ik voelde aan mijn water dat ik niet mocht achterblijven. Sindsdien kijk ik nog elke dag uit naar de grote song voorwaarts.'200'
Marshall McLuhan maakte in 1962 al gewag van de global village, maar het heeft een eeuwigheid geduurd voor ik daar ten plattelande iets van kon merken. Vanuit mijn dorp bekeken was elke stad ver, en elke wereldstad zodanig onbereikbaar dat je haast aan haar bestaan begon te twijfelen. De hangjongeren van toen, mijn referentiegroep, moesten ter samenscholing genoegen nemen met dorpscafés. Daar lichtte niet zelden een Wurlitzer op, of een Rock-Ola, of een Seeburg - die merknamen van jukeboxen klinken me nog steeds als elektrische gitaarmuziek in de oren, waarbij het tremolopookje hevig wordt beroerd. Ze staken schril af tegen het interieur van de toenmalige cafés, waar prijsduiven in kleurendruk aan de muur hingen, naast slordige affiches die burgers en buitenlui op de openbare verkoop van een of andere lap bouwgrond attendeerden, en foto's van lokale wielerlegendes die ooit eervol zesde waren geworden, of zevende, in een kermiskoers die zich twee dorpen verder op een verregende Belgische zondag had voltrokken. Men spreekt er nóg van, als men het nog kan navertellen. Het was alsof de jukebox er was achtergelaten door Martiaanse zendelingen die het beste met ons voorhadden.
Merknamen als Wurlitzer, Rock-Ola en Seeburg mogen mij dan wel als elekrische gitaarmuziek in de oren klinken, de inhoud van die jukeboxen klonk heel anders: Engelbert Humperdinck die aanhoudend om verlossing smeekte, en voor de rest een overmaat aan Vlaamse liedjes van charmezangers, en daarmee uit. Hun charme ontging me, maar niettemin nam ik al die nummers in me op, terwijl ik aan mijn vrienden vertelde wat ik had gelezen: dat The Stones een free concert hadden gegeven in Hyde Park, ter nagedachtenis van Brian Jones. En dat ze bij die gelegenheid zijn vervanger aan de mensenzee hadden voorgesteld: ene Mick Taylor. We waren het erover eens dat we erbij hadden moeten zijn, alsof we even geloofden dat onze aanwezigheid in Hyde Park een reële mogelijkheid was. Aan verlangen had je toen een dagtaak. Ik wist in die dagen nog niet dat het ook een levenswerk kan zijn.
.... In 'Zo is er maar één', een liedjeswedstrijd die naar het beste Vlaamse of Nederlandse liedje allertijden tast, zit een tussenstuk dat mij, nu ik al jaren tegen de houdbaarheidsdatum van mijn jeugd aanhik, behoorlijk amuseert: een montage van in vonkelend terlenka gehulde charmezangers à la Paul Severs of Salim Seghers, wier repertoire zo te zien niet in aanmerking komt voor de liedjeswedstrijd. 't Is ook zonder de lacherige commentaarstem pure camp, en ik blijk meer plezier aan die knakkers te beleven dan ooit tevoren. Ik vind het dan ook jammer dat ze in dit programma maar een vluchtig interludium zijn, want om de nostalgie voor te blijven, lach ik graag met terugwerkende kracht. Dat lachen kan alleen maar door connoisseurs onderscheiden worden van huilen met de pet op, wat uiteraard een hele geruststelling is.
.... In de eigenlijke liedjeswedstrijd zingen Vlaamse zangers nummers van hun collega's, die je met een beetje goede wil, en op het gevaar af van grootspraak, Vlaamse klassiekers zou kunnen noemen. Op zich is dat geen kwaad idee, op voorwaarde dat je er méér uithaalt dan je destijds in het origineel kon vermoeden. Tot op heden heb ik dat extraatje nog maar nauwelijks kunnen beleven. Het zangeresje Hadise, dat zich doorgaans in r&b probeert te handhaven, zong een wel erg verwaterde versie van 'Arme Joe', en wat de oelewap van de dance Reggi met de bijbehorende Roxanne van 'Hé, lekker beest' terechtbrachten, klonk als een aanfluiting uit een goedkope Poolse synthesizer die van de vrachtwagen is gevallen.
.... Liliane St.Pierre leek de pathos van 'Tim' van Wim Decraene nog te willen oppompen, en Els De Schepper zong 'Dag vreemde man' zoals haar leraren aan de kleinkunstacademie haar dat ooit hadden geleerd. Kris en Koen Wauters zongen 'Jimmy' van Boudewijn de Groot: meer valt er niet over te melden. Na afloop wou presentatrice Yasmine, voorheen mevrouw de voorzitster, van Koen Wauters weten of zijn dochter Zita van hem ooit zou mogen deelnemen aan Parijs-Dakar. Waarom hebben ze het in een liedjesprogramma in godsnaam niet over liedjes? Ik weet zo al meer dan genoeg over de toekomstverwachtingen van Zita, en dat ik weet dat ze Zita heet, vind ik al overbodige kennis. Kun je nagaan.
.... Het merkwaardigste optreden tot nog toe was dat van Jan De Wilde, nog steeds een van de beste songschrijvers van het land, die 'Daar gaat ze' van Clouseau aan zijn stembereik onderwierp. Zoals te verwachten viel excuseerde hij zich daar naderhand voor. Het was een bevreemdende ervaring: een grafstem die uit een handelaar in antiquarische boeken kwam, zo leek het, maar Jan De Wilde maakte van 'Daar gaat ze' wel een echte coverversie, de enige die ik in dit programma heb gehoord. Bovendien is 'Daar gaat ze' een wereldnummer, mocht bijvoorbeeld Eros Ramazotti het in welluidend Italiaans hebben gezongen. Helaas is dat liedje hier in de dorpsmentaliteit blijven steken doordat er stinkerds in de tekst zitten. Ik heb 'Daar gaat ze' vast al honderd keer gehoord, maar nog steeds knap ik af op de zin 'als ze sensueel voorbijmarcheert'. Sensueel marcheren? Betreft het een vrouwelijke militair op de Nationale Feestdag? Of hebben we veeleer te maken met een nicht die bij de marine is gegaan omdat het op de gemiddelde pantserkruiser barst van de geile matrozen? Nu ja, de stinkerd is al tijdenlang een wezenskermerk in Vlaamse liedjesteksten - 't lijkt een traditie waaraan men gehecht is geraakt, iets als bepaalde soorten jeuk.
.... Lofspraak zit dit keer in het staartje: het ambachtelijke huisorkest van 'Zo is er maar één', aangezwengeld door Miguel Wiels, is hoogst competent.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234