Zo jong, zo druk en zo alleen: meer jongeren kiezen voor zelfmoord

Humo’s Grote Jongerenquête leerde dat een derde van de bevraagden al eens aan zelfmoord gedacht heeft. Uit cijfers van de KU Leuven blijkt dat de afgelopen academiejaren telkens twee, soms drie studenten zelfmoord pleegden, terwijl dat er vroeger één per jaar was – een verdubbeling dus.

'Achteraf heb ik gezien dat mijn dochter beter gestopt was met studeren'


Zit u met vragen over zelfdoding? www.zelfmoord1813.be

In januari 2014, midden in de examens, stapte de 20-jarige Eline uit het leven. Terwijl haar ouders uit werken waren, hing ze zich op in de garage. Naast haar vond de politie een briefje: ‘Ik heb gevochten. Ik heb verloren. Sorry voor de pijn.’ Eline zat in haar derde jaar psychologie aan de KU Leuven. Niet zonder moeite: tijdens haar laatste zomer had ze een zwaar herexamen – die statistiek wilde er maar niet in. En dan was er nog dat andere zwarte beest. Sinds haar 15de sprak ze over zelfdoding. Gewoon, terwijl ze met haar ouders en twee broers aan tafel zat.

Dominique Paeleman (moeder) «Eline was een gevoelig meisje: vlug aan het wenen, maar tegelijk ook erg vrolijk. Ze hield van muziek, drumde in een bandje en schreef haar eigen teksten, die nogal zwaarmoedig waren. Haar stemmingen waren broos, ze kon snel van een goeie bui naar een slechte switchen. Met ons sprak ze daar amper over. Wanneer ze het moeilijk had, moest ik haar met rust laten.

»In haar relatie was ze ook zo fel. Ze had een lief, een toffe gast die bij ons thuis kwam. Maar na een zoveelste ruzie maakte ze het uit, op de typische Eline-manier: voorgoed, ze wilde hem nooit meer zien. Er volgde een tweede lief, maar ze heeft hem nooit aan ons willen voorstellen – ze vertelde zelfs niets over hem, dat vond ze nog te vroeg. In de zomer van 2013, die van het herexamen statistiek, raakte het uit. Een maand later was ze terug bij haar eerste lief, die op haar was blijven wachten. Ondertussen studeerde ze hard én slaagde ze, terwijl ze ook een vakantiejob had. We waren opgelucht: Eline was weer op de goede weg, ze leek stabieler. Ze begon ook te beseffen dat haar buien niet onze schuld waren. Het lag aan haar, zei ze.»

HUMO Heeft ze hulp gezocht?

Paeleman «In december, vlak voor de examens, kondigde ze na veel aarzelen aan dat ze naar een studentenpsychiater zou gaan. Achteraf vertelde haar eerste lief dat Eline was veranderd in de periode dat het uit was geweest tussen hen. Ze was waarschijnlijk in een depressie terechtgekomen die ze voor de buitenwereld verborgen hield. Wij hebben daar nooit veel van gemerkt, ze zat thuis niet in een hoekje te treuren.»


Proces van jaren

Elk jaar plegen 1.100 Vlamingen zelfmoord, gemiddeld drie per dag – die cijfers behoren tot de hoogste in West-Europa. Volgens de recentste gegevens van het Agentschap Zorg en Gezondheid, die dateren van 2012, kozen dat jaar 33 jongeren tussen 15 en 19 jaar voor de dood. In de leeftijdsgroep van 20 tot 24 jaar waren dat er 53. ‘Zelfmoord is de tweede doodsoorzaak bij Vlaamse jongeren, ook al komt het bij hen in vergelijking met andere leeftijdsgroepen het minst voor,’ zegt psychologe Gwendolyn Portzky, coördinator van de Eenheid voor Zelfmoordonderzoek aan de Universiteit Gent.

Gwendolyn Portzky «In die cijfers zijn jongens wel oververtegenwoordigd, omdat zij vaker gewelddadige manieren kiezen om uit het leven te stappen. Wanneer we ook de zelfmoordpogingen turven, zien we meer meisjes.»

Aan de basis van suïcidaal gedrag bij jongeren ligt nooit één oorzaak, zoals pesten of een relatiebreuk. Er is altijd sprake van een samenspel van genetische, biologische, psychologische en sociale factoren.

Portzky «Uit onderzoek dat wij deden voor Awel (de vroegere Kinder- en Jongerentelefoon, red.), is gebleken dat het sociale netwerk een cruciale rol speelt bij jongeren: een goede relatie met ouders en vrienden kan beschermend werken, geweld thuis of negatieve ervaringen met leeftijdsgenoten kan een risicofactor zijn.

»Een zelfmoord of een poging gebeurt zelden spontaan. Vaak gaat er een proces van maanden of jaren aan vooraf, waarin jongeren signalen geven. Eerdere pogingen zijn nog de beste indicator voor zelfmoord.»

Hoeveel van de jongeren die in 2012 zelfmoord pleegden student waren, is niet bekend – zo gedetailleerd zijn de gegevens van het Agentschap Zorg en Gezondheid niet. Wel zijn er cijfers van de KU Leuven. Die nodigt aan het begin van elk academiejaar haar generatiestudenten, dus de studenten die zich voor het eerst inschrijven in het hoger onderwijs, uit voor een medisch onderzoek, inclusief een psychologische enquête. Van de zowat 3.300 generatiestudenten blijft de KU Leuven elk jaar 2.600 studenten opvolgen. Aangezien het eerste uitvoerige eerstejaarsonderzoek dateert van het academiejaar 2012-’13, beschikt de universiteit vandaag over de details van de gemoedstoestand van zo’n achtduizend studenten. ‘Mét de goedkeuring van de Privacycommissie en het ethisch comité van de KU Leuven,’ benadrukt projectleider en psycholoog Ronny Bruffaerts, als professor onder meer verbonden aan het Leuvense Universitair Psychiatrisch Centrum.

Ronny Bruffaerts «Uit internationale onderzoeken leren we dat één op de vijf mensen ooit in zijn leven de gedachte heeft dat hij er niet meer hoeft te zijn. Het gaat om een passieve doodswens van mensen die geen al te grote risicogroep vormen. Uit onze cijfers blijkt dat aan de KU Leuven 7 procent van de onderzochte studenten op het moment van de enquête de afgelopen twaalf maanden zo’n doodswens heeft gehad. Wanneer we doorvragen over dat gedrag, blijkt dat 5 procent het laatste jaar ook effectief een idee heeft gehad van hoe ze zelfmoord zouden kunnen plegen. Verder heeft 2,9 procent aan een zelfmoordplan gedacht, terwijl 0,2 procent een poging heeft ondernomen. Per academiejaar verliezen we twee, soms drie studenten door zelfmoord.»


Ontwrichte gezinnen

Hoewel jongeren niet gemakkelijk de stap naar de hulpverlening zetten, is het aantal studenten dat aanklopt bij het Leuvense Studentengezondheidscentrum opvallend toegenomen, zegt Marleen Gheldof, die er al vijftien jaar als studententherapeut werkt.

Marleen Gheldof «Niet alleen vinden studenten sneller de weg naar ons, ze zijn ook met steeds meer: in 2005 meldden zich 693 studenten aan voor een eerste afspraak bij onze psychologen, in 2010 waren dat er 875, en in 2014 al 1.093. Net als veel andere mensen hebben studenten te kampen met de toenemende prestatiedruk en het helse tempo in onze maatschappij. Ze krijgen steeds meer vrijheid in het samenstellen van hun studietraject, maar de keerzijde daarvan is dat ze minder aandacht hebben voor sociale contacten. In welk jaar zit je? Welke keuzevakken volg je en wie ken je daar? Dat zijn vragen waarop studenten soms moeilijk kunnen antwoorden. Het is ook niet omdat je voortdurend met elkaar in contact staat via sociale media, dat je echt verbonden bent.

»Gaan studeren betekent dat de vertrouwde structuur en de vriendengroep van het middelbaar wegvalt. Jongeren die op kot gaan, moeten ook het gezinsleven missen. Dat zijn veel aanpassingen tegelijk. Om een stevige identiteit te kunnen opbouwen, is het belangrijk dat je tot een groep, een jaar, een vriendenkring behoort. Maar ik zie juist veel eenzame studenten. Studenten wonen steeds vaker in een studio, waar ze na de les naartoe gaan om het eten op te warmen dat ze van thuis meekrijgen. Vroeger spraken studenten na de les af in de Alma (de Leuvense studentenrestaurants, red.) of kookten ze samen op kot. De lat ligt vandaag ook een stuk hoger: behalve studeren moeten jongeren ook andere talenten ontplooien. En ze moeten bijvoorbeeld allemaal op Erasmus, wat voor sommigen een gigantische opgave is: wéér je weg vinden aan een nieuwe universiteit.

»Er zijn ook studenten die met een belastende voorgeschiedenis naar de unief komen. Steeds vaker zien wij jongeren die uit ontwrichte gezinnen komen: vechtscheidingen, contactbreuken, uiteengevallen gezinnen waarbij kinderen hun ouders al jaren niet meer hebben gezien.

»Ik heb me al vaak afgevraagd in hoeverre er nog genoeg geïnvesteerd wordt in duurzame relaties. Ik hoor ouders soms zeggen dat niet de kwantiteit, maar de kwaliteit van tel is wanneer het over hun kinderen gaat. Sorry, maar dat is onzin: wat ook telt is tijd, aandacht, aanwezigheid. Er zijn veel gezinnen waarin er te weinig betrokkenheid is, waar weinig geïnvesteerd wordt in de ouder-kindrelatie.»

HUMO Met welke klachten kloppen studenten bij jullie aan?

Gheldof «Angsten, depressie, slaapproblemen, een traumatische voorgeschiedenis, sociaal isolement en uiteraard ook studieproblemen: faalangst, niet tot studeren komen. Bij elke klacht gaan we na wat de onderliggende problematiek kan zijn. Stress en faalangst kunnen perfectionisme verhullen. Soms hebben studenten geen realistisch zelfbeeld – de primussen van het middelbaar die op hun grenzen botsen – of lijden ze aan chronische zelfonderschatting.»

'Ik kan het mezelf niet blijven verwijten. Ja, ik had op sommige momenten moeten doorvragen. Maar uiteindelijk moesten we machteloos toekijken' Dominique Paeleman, mama

HUMO Nemen de consultaties toe tijdens examenperiodes?

Gheldof «Veeleer in de periode die daaraan voorafgaat. Halverwege het semester, wanneer de druk begint toe te nemen en het duidelijk wordt wat de studierichting precies inhoudt. Tijdens de blok en de examens duiken vooral crisisvragen op: niet meer kunnen slapen, het niet meer zien zitten.

»We zien de vraag om hulp toenemen, maar toch raakt een grote groep studenten niet tot bij ons. En we weten dat daar studenten met ernstige problemen tussen zitten. Om ervoor te zorgen dat meer studenten tijdig hulp gaan zoeken, zijn we begonnen met het project MindMates. Zorg dragen voor je mentale gezondheid moet ook deel uitmaken van wat je leert aan de universiteit. We willen dat niet alleen studenten, maar ook personeelsleden alerter zijn en sneller reageren als er psychische problemen zijn. Er is een website met een zelftest, we geven workshops, er is een buddysysteem waarbij studenten die in een sociaal isolement dreigen te komen een duwtje in de rug krijgen. Tijdens workshops leren ze hoe ze bij zichzelf en bij medestudenten signalen van depressieve gevoelens kunnen herkennen, zodat ze in een vroeg stadium hulp zoeken of medestudenten verwijzen naar professionele hulp.»


Vechten tegen een virus

Eline hád een mindmate, zegt haar moeder. ‘Haar beste vriendin, met wie ze alles deelde, had gemerkt dat het erger werd, dat het woord zelfmoord vaker viel. Zij heeft Eline kunnen overtuigen om een afspraak te maken bij een studentenpsycholoog.’

Paeleman «Eline zou nooit zelf hulp hebben gezocht. In november 2013 had ze eindelijk een afspraak met een psycholoog, die haar onmiddellijk doorverwees naar een studentenpsychiater. Daar heeft ze één afspraak gehad, begin januari. Omdat Eline volop voor haar examens aan het studeren was, had ze met haar psychiater afgesproken om éérst haar examens af te leggen en daarna pas met medicatie te starten. Maar dat heeft ze niet gehaald: op 23 januari is ze gestorven.

»Ik begrijp niet waarom haar begeleiders geen contact met ons hebben opgenomen. Toen ik de vicerector daarover aansprak, zei hij dat de privacy van studenten heilig is. Dat kan wel zijn, maar in hoeverre mag je iemand die openlijk spreekt over zichzelf doden nog als toerekeningsvatbaar beschouwen? Had de studentenbegeleiding ons samengebracht, dan hadden ook wij ingezien hoe ernstig het was.

»Op een doktersbriefje dat ik na haar dood tussen haar spullen heb gevonden, vond ik de gegevens van haar studentenpsychiater. Die heb ik intussen kunnen spreken en hij bevestigde dat Eline zich niet goed voelde, dat ze veel aan zelfdoding dacht. Het was als een virus waartegen ze voortdurend moest vechten.»

HUMO Wat had er volgens u moeten gebeuren? Zouden jullie je dochter hebben laten colloqueren?

Paeleman (zucht) «Ik weet het niet. Alleszins niet op eigen initiatief: de band met ons zou een serieuze knauw hebben gekregen. Misschien had de psychiater dat moeten voorstellen. Maar er waren ook andere opties, die we samen konden bespreken. Waarom niet stoppen met studeren en een wereldreis maken?

»Ze sprak de laatste maanden over stoppen met studeren. Wat ze dan wél wilde doen, wist ze niet. Van ons moest ze niet studeren, maar we hadden dat wel liever: zo hoog mogelijk mikken om later zo breed mogelijk te kunnen kiezen. Onze oudste zoon haalt volgende maand zijn doctoraat. De middelste is ook behoorlijk getalenteerd, maar hij heeft op zijn 18de beslist om te gaan werken. Dat heb ik altijd jammer gevonden, maar ondertussen moet ik toegeven dat ook hij goed bezig is.

»We schrokken niet van Elines twijfels. Wie heeft er als student niet met zijn ouders aan de telefoon gehangen wanneer het erop aankwam: ‘Ik zie het niet meer zitten, ik wil stoppen?’ Alleen besefte ik toen niet dat dat voor haar misschien de beste oplossing geweest zou zijn. Ze kon de stress niet aan, maar ze wilde niet opgeven. Ik denk dat ze dat als een soort falen zag en dat ze zich schaamde.»

'7 procent van de onderzochte studenten heeft het voorbije jaar een doodswens gehad' Ronny Bruffaerts, psycholoog

HUMO Was het haar eerste zelfmoordpoging?

Paeleman «Voor zover we weten wel. Het gekke is dat Eline nog volop plannen had: in haar agenda stonden Valentijn en de komende verjaardagen aangeduid. Ze heeft het bewust verborgen gehouden omdat ze wist dat wij haar anders hadden tegengehouden. Twee dagen voor haar zelfmoord heeft ze nog een examen afgelegd. Ik ben de resultaten gaan inkijken: 17 op 20. Hoe heeft ze dat nog kunnen opbrengen? Was ze het wel echt van plan?

»We hadden pas een hond voor haar gekocht – dat wilde ze al lang. We dachten dat de zorg voor een dier het verantwoordelijkheidsgevoel bij haar zou aanwakkeren. Begin december, enkele dagen voor we de puppy in huis zouden halen, had Eline een bui – misschien wel één van de felste ooit. Ze bleef in bed liggen, wilde plots niet meer van een hond weten. ‘Die puppy gaat mijn problemen niet oplossen,’ zei ze. De afspraak met de studentenpsychiater lag toen al vast. Ik wist niet wat ik nog méér kon doen, ik hoopte dat ze in goede handen was.

»Die maand heeft Eline lange afscheidsbrieven geschreven, waaruit blijkt dat ze zich erg eenzaam voelde. Ze was nochtans de meest sociale van ons gezin. Mijn man en ik zijn nogal op onszelf, wij hoeven er niet bij te horen. Ook onze zonen zijn introvert. Eline was anders. Ze was extravert, geliefd, mensen zouden alles voor haar laten vallen. Maar zo zag zij dat niet. In haar binnenste vond ze het leven zwaar, niets waard.»

HUMO Herinnert u zich de dag van Elines zelfmoord nog?

Paeleman (knikt) «Ze moest voor haar volgende examen studeren. Dat zag ze niet zitten: het was een dikke cursus en ze had maar één dag. Maar ik overtuigde haar om door te zetten. Daarna maakte ik me klaar om te vertrekken. Het waren solden, ze vroeg me nog om iets leuks voor haar mee te brengen. Dat is ons laatste gesprek geweest.

»Later die ochtend heeft ze haar vriend nog gebeld. ‘Kom je af?’ vroeg ze. Eline had het de laatste maanden moeilijk met alleen zijn. Maar haar vriend moest ook studeren: ‘Het gaat nu niet.’ Niet lang daarvoor had ze haar beste vriendin laten weten dat ze ‘er klaar voor was’. Via Facebook hebben ze toen nog gechat, waarna haar vriendin zo ongerust was dat ze de Zelfmoordlijn heeft gebeld. Daar wisten ze niet beter dan te zeggen dat Eline een slechte vriendin was en dat ze haar moest laten vallen. Het kon niet dat je een vriendin met zo’n verantwoordelijkheid opzadelde.

»Eline moet op het internet hebben opgezocht hoe je een knoop legt. Na het telefoontje met haar lief heeft ze de pup in zijn kooi gestoken en is ze naar de garage gegaan. Daar heb ik haar gevonden.»


Machteloos

‘Dat is de vraag waar ik nooit een antwoord op zal krijgen,’ zegt Dominique Paeleman. ‘Of Eline nu blij is met haar keuze.’

Paeleman «Ik kan het nog altijd niet vatten. En de reacties van de mensen maken het er niet gemakkelijker op: velen zwijgen het dood, anderen zeggen dat het maar beter zo is. Maar de mensen kennen Eline niet. Ze was helemaal geen hopeloos geval. Er zijn verhalen genoeg van patiënten met een eindeloze stoet opnames in de psychiatrie en verschillende zelfmoordpogingen, maar zo was het bij ons niet.

»De eerste weken en maanden na haar dood was alles moeilijk. Terug gaan werken, terug onder de mensen komen – het gaat nog altijd niet vanzelf. Het is het eerste waaraan je denkt als je wakker schiet, en als je gedachten eens vijf minuten afdwalen naar iets anders, voel je je schuldig. Ik gebruik Elines iPod nu, ik luister naar haar muziek. ’t Is niet dat ik mezelf wil blijven kwellen, maar zo voel ik me dichter bij haar. Ik kan het mezelf niet blijven verwijten. Alle kegels stonden overeind: Eline had een mindmate en een vriend met wie ze over alles kon praten, ze was in therapie, er is naar de Zelfmoordlijn gebeld. Ja, ik had op sommige momenten moeten doorvragen. Ik heb kansen gemist. Maar uiteindelijk moesten we machteloos toekijken.»



www.zelfmoord1813.be

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234