Zomer 2005

In de marge van de amusementsindustrie verdien ik al ruim twintig jaar de kost, maar houd ik wel van showbusiness? Ik vroeg het me onlangs nog maar eens af toen ik me in 'Tien om te zien' blootstelde aan een onderonsje tussen Elke Vanelderen, het blondje du jour, en Dorothy, een halffabrikaat van 'Star Academy' en - van toeval gesproken - óók een blondje.

't Halffabrikaat staat erop Dotje genoemd te worden, wellicht omdat het zichzelf zo schattig vindt. Elke Vanelderen deed of ze benieuwd was naar de toekomstplannen van - even doorbijten - Dotje. 't Halffabrikaat had in de mediatraining van 'Star Academy' geleerd dat 'toekomstplannen' een sleutelbegrip is in de plaatselijke showbizz, en ook een sein waarop je een enthousiaste woordenvloed moet lozen. Je mag nooit zeggen dat je er geen idee van hebt hoe je toekomst er zal uitzien, want dat zou weleens de waarheid kunnen benaderen. Laat staan dat je ten overstaan van Elke Vanelderen zou betwijfelen of er wel enige toekomst in je zit. Dotje, die in 'Star Academy' al uitblonk in koketterie en behaagzucht, zei dat ze weldra 'iets met kinderen' zou doen - er is nu eenmaal altijd vraag naar onthaalmoeders - en dat ze tussendoor 'natuurlijk ook eigen songs zou wraaiten.' 'Wraaiten': een eerste stap in een internationale carrière. Ze gooide het eruit met een flair waartegen geen kalmeerpil opgewassen is, met een gemak dat zowel leraren Nederlands als leraren Engels een zetje in de richting van hun vervroegde pensionering geeft. Nog mooier was het geweest mocht ze van 'eigen songen wraaiten' hebben gewaagd, bedacht ik achteraf, toen ik door middel van de afstandsbediening al andere oorden had opgezocht. Ik houd van gansjes, op voorwaarde dat ze op een boerenerf waggelen en gaggelen en in stilte eieren leggen.

Nog diezelfde avond was Will Tura te gast in 'Zomer 2005'. Telkens als ik hem op de televisie in een praatprogramma zie plaatsnemen - dat gebeurt niet vaak - overvalt mij een zekere onrust. Ik meen zijn onbehagen te voelen, het slaat deels op me over. Van Jan Leyers had Will Tura volgens mij niets dan complimenten te duchten, maar niettemin zag ik in de blik van de man die in 1940 als Arthur Blanckaert geboren werd in Veurne, zo nu en dan de flits van argwaan die typisch voor hem is. Volgens mij kost het Will Tura al een inspanning om te doen alsof hij zich op zijn gemak voelt - dat hij voor de spiegel een ontspannen houding zou oefenen, vind ik niet eens zo'n gek idee.

'200'

Ik weet niet wat hem na vijfenzestig jaar nog beknelt, maar ik durf me er wel een voorstelling van te maken. Daarin zie ik een getalenteerde West-Vlaamse provinciaal die in de vroege jaren zestig naar de hoofdstad trekt, omdat daar de toenmalige bonsjes van de landelijke showbizz, onder het roken van kenschetsende sigaren, kantoor hielden. Omdat hij een brave, meegaande jongen is, ook een jongen met veel aanleg voor dankbaarheid, gelooft hij die bonsjes op hun woord, en zonder mopperen laat hij zich zelfs een keurslijf aanpraten dat kennelijk een leven lang meegaat, zo lang dat je op de duur niet meer voelt dat je het aanhebt, omdat je er doodeenvoudig mee vergroeid bent. Als je het naar de stomerij brengt, moet je jezelf laten stomen. Die volgzame jongen laat zich ook allerlei wetjes van de showbusiness voorschrijven, wetjes die bijvoorbeeld zeggen dat je je vriendin maar beter geheim kunt houden, dat de fans te allen tijde heilig zijn, en dat alles wat je oprecht meent, tegen je gebruikt kan worden. En voor de rest: toujours sourire, behalve dan als je op de uitvaartdienst van de koning zingt.

Jan Leyers bracht Will Tura's reputatie van hardrijder ter sprake: daarover praten ging de Ultieme Vlaamse Zanger beter af dan antwoorden op vragen naar hoe hij het leven zag, vragen die je móét stellen aan een man van vijfenzestig, omdat je van zo iemand toch mag verwachten dat hij, Vlaamse zanger of niet, van het leven kan meespreken. Mijn verbeelding ging even met mij op de loop: in gedachten zag ik Will Tura 's nachts na een concert met een razende vaart in een Porsche over de snelweg stuiven - 'De snelste van allen was hij' - en zelf raasde hij ook: 'Publiek, ik veracht u met grote innigheid,' riep hij. Die zin van Multatuli bleef hij maar herhalen, als was ze de mantra die hem eindelijk zou bevrijden. Tot zover mijn verbeelding.


In werkelijkheid zong Will Tura aan het slot van deze aflevering van 'Zomer 2005' het liedje 'Heimwee naar huis', een hit uit 1966. Een wereldnummer dat het honk nooit verlaten heeft. Hij heeft er in zijn leven méér gecomponeerd. Ik feliciteer hem met zijn vijfenzestigste verjaardag.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234