'Zomergasten': het was moeilijk plaspauzes kiezen in de eerste van zes afleveringen van deze Nederlandse televisie-obelisk

Hoe mooi kan ironie toch zijn. Het televisieprogramma dat op z’n best het equivalent van een lijvig vakantieboek is, wordt driftig becommentarieerd op het medium waar je slechts een alineaatje schrijven mag: Twitter bemoeit zich traditioneel heftig met #Zomergasten. Maar: weinig venijn daar, dit jaar. En maar logisch ook, want het was moeilijk plaspauzes kiezen in de eerste van zes afleveringen van deze Nederlandse televisie-obelisk.

Dat had uiteraard met de gast te maken. Anderhalf jaar al moet John van den Heuvel nerveuze schaduwen gedogen: de misdaadjournalist wordt permanent beveiligd nadat hij bedreigd werd door ‘mensen die heel vervelende plannen met me hebben’. Hij sprak er eerder laconiek over: als de maffia alvast aan je in memoriam begonnen is, ga je wellicht automatisch aan Realpolitik doen.

In deze ‘Zomergasten’ de rode draad: misdaad. Na een fragment uit 1974 over de Hell’s Angels stipte Van den Heuvel aan dat het hier ‘geen gezellige brommerclub’ betrof. Geen overbodige analyse, want op basis van de reportage kon je eventueel denken dat het om een vriendengroepje van kansloze misfits ging die gewoon een beetje kermis in hun leven wilden, en de swastika als een terloopse emoticon gebruikten.

Na een eerste leven als flik – hij was ook een poos undercover – koos Van den Heuvel voor de journalistiek. Misschien valt misdaad ook wel te bestrijden met een klavier? Veel zal wel ijdelheid zijn – Van den Heuvel werkt ook op vakantie aan primeurs – maar ik meende toch ook rechtschapenheid te zien: de luide overtuiging dat de Willem Holleeders van deze wereld klein bepiemelde narcisten zijn die de levens van hun medemensen slechts als muntjes in de eigen portefeuille zien.

Zo klonk deze ‘Zomergasten’ vooral als een bedaagd pleidooi voor rechtvaardigheid, en en passant ook als een geschiedenis van de zware criminaliteit in Nederland. In het tweede deel werd het ook persoonlijk: we kwamen te weten dat Van den Heuvel graag een sjaal van PSV Eindhoven rond de nek knoopt (zou hij weleens Luc-cie-Luc-Ni-lis gescandeerd hebben?), en dat hij – ‘als het feestje dreigt in te kakken’ – een vriend vindt in ‘Let the Music Play’ van Barry White. En vooral: dat hij pas op zijn vijftiende te horen kreeg dat zijn vader niet zijn échte vader is. Van den Heuvel sprak er welwillend over, zonder schroom, elegant gelooid door het leven.

Een interview wordt pas een gesprek als de vragensteller ook het harnas uitdoet: Janine Abbring, bezig aan haar derde seizoen als gastvrouw, gaf aan dat ze zelf ook al wat verloren had in het leven. Wat kijkt ze goed, trouwens: niet met van die wijd opengesperde ‘kijk mij eens empathisch zijn’-ogen, wel met een gulzige nieuwsgierigheid in haar blik, gecombineerd met de doortastendheid van iemand die zonder woorden een pilsje kan bestellen bij de ober.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234