Zwart geld bij de kapper: 'Na iedere zwarte knipbeurt steek ik 21 procent in eigen zak'

‘Een riant inkomen is het beste recept voor geluk,’ schreef Jane Austen bijna twee eeuwen geleden al. Zou de gemiddelde BV nog altijd goed in de slappe was zitten? Who cares! Veel interessanter vonden wij de vraag hoe het de kleine Vlaamse middenstander in dit tijdsgewricht vergaat. Billen Bloot: de kapper.

(Verschenen in Humo 3516/4 op 22 januari 2008)

Een kapsalon in een Vlaamse centrumstad. Aan de wastafel zit een gesoigneerde dame te genieten. Hoofd in de hals, warm water over het bolletje, Patricks masserende vingertoppen op haar kruin: er zijn minder aangename manieren om de werkweek te beginnen. Even verderop slaat vader Romain een praatje met een rimpelig besje, terwijl hij haar dunne slierten spierwit haar tot een luchtige permanent boetseert, vormvast tot windkracht zeven. Amper twee koppen te kappen: het is een kalme maandagochtend. Romain en Patrick kunnen de zaak wel een uurtje overlaten aan de meisjes, die hun kappersdiploma per slot van rekening ook niet gestolen hebben. We trekken ons terug in de beslotenheid van de keuken, want we zullen het hebben over een heikel onderwerp: zwart geld.

HUMO Het is maandag, sinds mensenheugenis de sluitingsdag van de kappers. Wat is er van die traditie geworden?

Romain «De tijden zijn veranderd. Vroeger was maandag de dag om een bijscholing te volgen of de hele dag tussenuit te knijpen.»

HUMO Patrick, stond het in de sterren geschreven dat je het voorbeeld van je vader zou volgen?

Patrick «Absoluut niet. Ik ben haast opgegroeid in de zaak van onze pa, maar op mijn twintigste wist ik nog niet hoe je een schaar vasthoudt.

»Na mijn studie handelsingenieur aan de VUB ben ik in het bedrijfsleven gerold. Ik had een goede baan en een leuk salaris, maar na een jaar of zeven begon ik me slecht in m’n vel te voelen. Net toen ging pa’s salon failliet. Ik heb met de curator onderhandeld over een doorstart, maar dat kon alleen als we een bvba oprichtten, met mij als manager. Zo ben ik bij de stiel betrokken geraakt: ik deed de papieren, pa beredderde het salon.

»Tijdens een vakantie met mijn vriendin heb ik de knoop doorgehakt: ik wilde niet langer alleen de financiën doen. Wassen, brushen, knippen, kleuren: dát was mijn roeping. Ik dacht dat pa een toeval zou krijgen – al die jaren aan de unief, allemaal voor niets! Maar hij reageerde net erg enthousiast: hij schreef me onmiddellijk in voor een spoedcursus bij Pivot Point, zowat de duurste en meest prestigieuze kappersschool van de Benelux. ’t Was afzien – mijn medestudenten hadden minstens een jaar beroepservaring – maar gelukkig begrepen de lesgevers mijn situatie. Als de anderen naar huis waren, kreeg ik bijles.»


BIJENKORFCOUPE

HUMO Hoe was dat faillissement er gekomen?

Romain «Da’s een lang verhaal.

»Ik ben met mijn eigen zaak begonnen op 1 oktober 1951 – ik zal het nooit vergeten. De fifties waren de tijd van de eerste kleuringen en de doorbraak van de koude permanent. Toen ik van school kwam, had ik al die nieuwigheden al in de vingers – de oudere kappers konden weinig meer dan je haar watergolven en krulspelden steken.

»Ik nam een vliegende start: na een jaar had ik al zes medewerkers in dienst. Tussen 1979 en 1983 was mijn salon het grootste van de stad: met negen voltijdse kappers draaide ik een omzet van 10 miljoen Belgische frank, 250.000 euro. Maar daarna kreeg ik de ene tegenslag na de andere te verwerken. Eén van mijn topkappers begon een eigen zaak, pal tegenover de mijne. Vanuit zijn deurgat probeerde hij mijn klanten weg te lokken: ‘Bij Romain moet ge niet gaan. Die is al rijk genoeg!’ Nu kan ik erom lachen, maar daardoor daalde mijn omzet met een miljoen. Kort nadien werd onze straat anderhalf jaar opgebroken – een ramp voor middenstanders. Week na week zag ik mijn opbrengst kelderen.

»Na een poosje heb ik de zaak gesloten en ben ik op een naburig pleintje opnieuw begonnen. Maar ik was nauwelijks geïnstalleerd, of ze begonnen daar óók te werken. Opnieuw nam mijn omzet een duik – min dertig procent – en de schulden stapelden zich op. Op een goeie dag klopte de deurwaarder aan met een btw-factuur van 10.000 euro. Toen was het voorbij.»

HUMO Pijnlijke ervaring?

Romain «Op zo’n moment leer je je echte vrienden kennen. Neem van mij aan: bij de bank zitten die níét. In mijn glorietijd werd ik daar als een koning ontvangen. Ik regelde mijn zaken rechtstreeks met de directeur, er lag altijd een koekje bij de koffie. Een kaskrediet van een miljoen? Geen probleem! Toen het slechter begon te gaan, geraakte ik niet eens meer voorbij het loket. Mijn kaskrediet werd opgezegd en ik moest mijn schuld zo snel mogelijk aanzuiveren. Gelukkig kon ik op mijn familie rekenen. Mijn twee zonen hebben hun schouders onder de bvba gezet, mijn broer en mijn schoondochter hebben geholpen om het startkapitaal te verzamelen. Dankzij hen ben ik in de stiel gebleven.»

HUMO Gaapt er een generatiekloof tussen vader en zoon?

Romain «Onze stijl verschilt, maar dat heeft niets met een generatiekloof te maken. Patrick is een technische kapper, ik ga meer artistiek te werk.»

Patrick «Onze pa durft meer. Klanten komen vaak binnen met een heel programma: vooraan moet het lang blijven, achteraan kort maar niet té kort, de froufrou moet zus en de scheiding zo... ‘Jaja,’ zegt hij dan, en hij pakt zijn schaar en doet zijn zin. Gewoonlijk gaan die klanten tevreden weer de deur uit. Zo-veel lef en creativiteit heb ik niet, bij mij mogen de klanten gerust met een foto binnenstappen.»

HUMO Gebeurt dat nog vaak?

Patrick «Heel vaak. Dan komen ze af met een plaatje ter grootte van een postzegel uit de televisiepagina’s van de Story. Of ze doen een beroep op onze parate kennis van beroemde kapsels. De coupe van Jennifer Aniston – Rachel uit ‘Friends’ – is een echte klassieker. Tegenwoordig is de nieuwe Victoria Beckham erg in – lang haar dat schuin naar voren loopt. Als kapper heb je het perfecte alibi om

Patrick «Nee, zo’n bijenkorfkapsel is specialistenwerk – daarvoor moet je in Antwerpen of Brussel zijn. Niet veel vrouwen hebben het geschikte haar voor zo’n kapsel. Daar worden we wel vaker mee geconfronteerd: klanten die het onmogelijke vragen. Ze willen absoluut een Rachel-kopje, maar hebben er te weinig of te dun haar voor.»

HUMO Wat erg! Hoe breng je ze dat aan het verstand?

Patrick «Door ze zachtjes de waarheid te vertellen.

»Stel: iemand met een rond ge-zicht vraagt om een ponykapsel. Dan weet je op voorhand wat het resultaat wordt: een kop als een voetbal. Maar zo bot kun je dat natuurlijk niet zeggen. Je moet voorzichtig op de klant inpraten: ‘Zou je echt wel een pony nemen? Je haar groeit zo snel, je zult het voortdurend moeten laten bijknippen.’ Meestal draaien ze wel bij, zeker als je ze toespreekt met de juiste mengeling van bezorgdheid en vertwijfeling. Als ze toch doorzetten, tja, dan maken we er het beste van. Het is hún kop.»


TRANSFERMARKT

Patrick «Een goeie kapper moet psychologisch inzicht hebben, stressbestendig zijn en verstand van management hebben. Onze pa en ik zijn goed op elkaar ingespeeld. Terwijl de ene staat te knippen, doet de ander de coördinatie. Omdat pa niet voltijds werkt, moet ik het soms alleen beredderen. Dan sta ik te knippen terwijl ik de klanten verdeel over onze kappers en erover waak dat ze geen foutjes maken: vergeten de klant een drankje aan te bieden, praten aan de wastafel...

HUMO Praten aan de wastafel mag niet?

Patrick «Nee. Iemands hoofd wassen is een intieme bezigheid – de klant geeft zich volledig over aan jouw handen – en praten verstoort die intimiteit. Door het stromende water hoort de klant ook niet goed wat je zegt, waardoor er misverstanden kunnen ontstaan. Dat lijken kleinigheden, maar die maken het verschil. Klanten kiezen een kapsalon niet alleen omdat ze tevreden zijn over de kappers, ze komen ook voor het warme onthaal en de sfeer.

»Maar ik ben heel tevreden over ons personeel, hoor. Onze vier kappers – drie meisjes en één jongen – zijn allemaal toptalenten. Net zoals in het voetbal bestaat er in onze sector een transfermarkt: concurrenten proberen elkaar kappers af te snoepen. Rond het sluitingsuur liggen ze op de loer, en zodra één van mijn mensen het salon verlaat, klampen ze hem aan. ‘Hoeveel verdien je hier? Kom voor mij werken, ik leg er 300 euro bovenop.’ Eén van onze kapsters heeft al minstens een half dozijn aanbiedingen afgeslagen.»

HUMO Betaal je hen dan zo’n royaal salaris?

Patrick «1.500 euro netto: da’s meer dan gemiddeld. Er zijn salons die nog beter betalen, maar je mag niet alleen naar het loonzakje kijken; de relatie met je baas en de sfeer op de werkvloer zijn minstens zo belangrijk.

»Met vier kappers zit ik erg ruim; met een half personeelslid minder zou het ook wel lukken. Die extra halve gast kost me jaarlijks 20.000 euro aan loon en RSZ, maar dat heb ik ervoor over. Met dat geld koop ik flexibiliteit voor mijn personeel. Dan kan één van mijn kappers al eens een vrije zaterdag nemen om naar een trouwfeest te gaan.»

HUMO Als kapper-manager doe je het wellicht niet voor 1.500 euro in de maand. Hoeveel schuift zo’n salon?

Patrick «Ik betaal mezelf maandelijks 2.400 euro uit via de bvba. Ik zou dat bedrag kunnen optrekken, maar da’s een kostelijke grap. Ik heb eens becijferd hoeveel een loonsverhoging van 100 euro kost aan extra inkomensbelasting en RSZ. Bleek dat ik 400 euro extra omzet moest maken om die opslag te compenseren.

»Niet dat ik te klagen heb. Mijn auto en telefoon staan op de zaak, en de bvba financiert de groepsverzekering voor een aanvullend pensioen. Mijn vrouw verdient netto zo’n 1.600 euro. Ons spaargeld steekt in ons huis, een nieuwbouw van 400.000 euro. De zware hypotheek is geen probleem, maar het legt je beperkingen op. De bvba kan mijn salaris niet deels in het zwart uitbetalen, want dan is mijn officiële loon te laag vergeleken met de afbetalingen en krijgt de fiscus argwaan.»

HUMO Zwart geld: het hoge woord is eruit. Wordt er veel belastingvrij geknipt en geföhnd?

Romain «Vroeger had ik een vaste verdeelsleutel: twee derde officieel, één derde in het zwart. Heel wat kleine kappers werkten voor de helft in ’t zwart, maar zover kon ik niet gaan. Als je officieel met negen kappers werkt, moet je ook kunnen bewijzen dat je die kunt betalen.»

HUMO Werd dat toen gecontroleerd?

Romain «Nauwelijks. De controles waren een lachertje: we deden zelfs geen moeite om ons zwart geld te verstoppen. Je kon het op de bank zetten; je mocht er zelfs een lening mee afbetalen. Zwart geld diende vooral om goed van te leven. We gingen op restaurant, we kochten mooie kleren...

»Af en toe moesten we het wel gaan uitleggen bij de belastingen. Dat deed je natuurlijk niet met je dikke Mercedes of blitse sportwagen. Als er controle was, trokken we een versleten broek aan en hingen we een beetje de sukkelaar uit. Dat werkte altijd.»

HUMO Gaat het er nog altijd zo aan toe?

Patrick «De controles zijn ver-scherpt, maar er wordt nog altijd flink in het zwart verdiend – in mijn geval 20 tot 25 procent van de omzet.

»Kijk, kappers worden belast op de producten die ze aankopen. De formule is eenvoudig: aankoopfactuur maal negen is gelijk aan omzet. Tegenover elke 1.000 euro aan shampoo, verf, lak, gel, enzovoort staat voor de fiscus 9.000 euro omzet. Die regel is duidelijk, maar ook makkelijk te omzeilen.»

HUMO Hoe dan wel?

Patrick «Als kappers aankopen voor hun salon doen, krijgen ze vaak de vraag: ‘Moet er muziek bij, of mag het zonder?’ Da’s jargon voor: ‘Wil je er een factuur bij of niet?’ Hoe minder muziek, hoe lager de officiële omzet, dus hoe lager de belastingen.

»Maar zwarte omzet is geen zuivere winst, zoals veel mensen denken. Als je zwart werkt, heb je óók producten nodig. In de groothandel kun je die niet kopen – daar zijn ze te voorzichtig geworden – maar gelukkig kun je ook terecht in gewone winkels zoals Di of Ici Paris XL. Die zijn wel duurder, en je kunt de btw ook niet recupereren omdat je zogezegd zelf de eindgebruiker bent, maar dat weegt niet op tegen de voordelen. Zwarte omzet haalt de vennootschapsbelasting omlaag, en vooral: na iedere zwarte knipbeurt steek je 21 procent van de opbrengst in eigen zak.»

HUMO Het ligt zo voor de hand dat de fiscus wel op de hoogte móét zijn. Wordt er niet opgetreden?

Patrick «Ach, dit is België, het land van leven en laten leven.

»Ik ben niet vies van zwartwerk, maar ik vergeet Tante Fiscus heus niet. Officieel heeft onze bvba een gemiddelde jaaromzet van 120.000 euro. Daarvan geef ik 10.000 euro aan als nettowinst, waarop dan nog eens 40 procent vennootschapsbelasting wordt geïnd. Elke maand stort ik 1.500 tot 2.000 euro in de btw-kas.

»Zolang je niet overdrijft, kan er weinig gebeuren. Problemen krijg je pas als je provoceert, als je bijvoorbeeld een omzet aangeeft die belachelijk laag is in verhouding tot het aantal stoelen of kappers in je zaak. Je mag ook niet te veel uitpakken met je privévermogen. Ik ben een autofreak. In mijn garage staat een prachtige Mercedes cabrio, maar ik heb ’m wel op naam van mijn vrouw ingeschreven.

»Voorzichtigheid en waakzaamheid zijn geboden. Als je een factuur voor 300 doses haarverf hebt, dan wil de controleur ook 300 kleuringen zien in je boeken. Als het er maar 250 zijn, moet je kunnen bewijzen dat je nog 50 doses in stock hebt. Wie zwart draait, moet dus zorgen dat hij alle sporen uitwist. Ik hou mijn kassa bij op de pc. Geen inspecteur kan me iets maken, want elke betaling wordt netjes geregistreerd. De aap komt pas uit de mouw als ik ’s avonds de rekening maak. Ik heb een computerprogramma waarmee ik de daginkomsten kan manipuleren – geloof me: alle kappers kennen dat programma. Afhankelijk van het resultaat haal ik een klein of een minder klein stuk uit de inkomsten, en dat gaat dan in de zwarte kas. Nadat ik de daginkomsten heb afgeroomd, noteer ik ze in mijn kasboek. Daar mag je niet mee sjoemelen, want bij een controle vergelijken ze de gegevens op je computer altijd met het kasboek en de rekeninguittreksels. Als de cijfers niet overeenstemmen, zit je in de shit.»

'Terugvallen op 2500 euro maand: da’s aanpassen'


DE TRUC MET DE TOMBOLA

HUMO Zo’n zwarte kas lijkt me niet bevorderlijk voor de financiële transparantie. Hoe bewaar je het overzicht?

Patrick «Simpel: voor ik ’s avonds de inkomsten ‘zuiver’, zet ik ze eerst integraal op een memorystick. Die draag ik altijd bij me. Honderd procent veilig, want belastingcontroleurs mogen je niet fouilleren. Op die manier kan ik de echte cijfers bijhouden en merk ik schommelingen in de cashflow meteen op. Da’s ook nodig als je realistische feedback wil krijgen van L’Oréal.»

HUMO Pardon?

Patrick «De kappersmarkt wordt beheerst door drie cosmeticagroepen: L’Oréal, Henkel-Schwarzkopf en Procter & Gamble, bekend van Pantène en Wella. Wij zitten onder de paraplu van L’Oréal. Dat is geen contractuele verplichting maar een gentleman’s agreement: in ruil voor onze merktrouw biedt L’Oréal ondersteuning op alle vlakken, van opleidingen tot demonstraties van nieuwe producten. Vanaf een bepaald omzetvolume krijg je ook een key account manager toegewezen, die om de drie maanden de cijfers overloopt en advies geeft om de rentabiliteit te verbeteren. Hun voornaamste criterium is de verhouding tussen het aantal kapbeurten en het aantal kleuringen. Kleuringen zijn duur: hoe meer kleuringen, hoe hoger de rentabiliteit. Zestig kleuringen op honderd kapbeurten is het gemiddelde, tachtig het streefdoel. L’Oréal traint ons dus om klanten een kleuring aan te praten. Onze pa is daar een virtuoos in. Vrouwen komen langs voor een snelle brushing, en een uur of twee later stappen ze buiten met een nieuw kleurtje. Kleuringen scheppen ook een vertrouwensband met de klant: een klant die tevreden is met zijn kleurtje komt zeker terug, want er zijn geen twee salons die identiek dezelfde tint maken.»

Romain «Ik heb vijf jaar cursus gevolgd om te leren kleuren, maar mijn verkooptalent is aangeboren. L’Oréal organiseerde eens een wedstrijd: per salon een prijs voor de kapper die de meeste potjes van een nieuwe gel aan de man kon brengen. Na een week had ik in mijn eentje dubbel zoveel verkocht als alle anderen samen. ’t Is een kwestie van overtuigingskracht. De meeste klanten pruttelen tegen als je ze een product aanbeveelt: ‘Ik heb thuis al een potje gel.’ Dan trek ik een sceptisch gezicht: ‘Daar kun je het natuurlijk altijd mee proberen, maar volgens mij gaat dat mislukken. Voor jouw kapsel werkt dit nieuwe product véél beter.’ Als je dat op de juiste toon zegt, gaan ze allemaal door de knieën.»

HUMO Wat zegt zo’n key account manager over zwarte omzet?

Patrick «Daar doen ze bij L’Oréal niet moeilijk over. Integendeel, ze helpen ons bij – hoe zou ik het zeggen? – de ‘fiscale optimalisatie’ van onze omzet.

»Ooit gehoord van degressief factureren? Stel: ik koop voor 1.000 euro producten bij L’Oréal. Dan krijg ik een factuur in twee delen: 600 euro voor de producten, 400 voor pakweg een kapperstafeltje op wielen. Maar dat tafeltje is in werkelijkheid een geschenk van L’Oréal om de ‘witte’ omzet te drukken. Want ik betaal belastingen op 600 euro, terwijl ik wel degelijk voor 1.000 euro producten krijg. Vermenigvuldig die bedragen met factor negen – de formule waarmee de omzet berekend wordt – en je ziet pas echt wat je uitspaart: ik betaal liever belastingen op 5.400 euro dan op 9.000 euro. En ’t is allemaal perfect legaal, want er wordt niks in het zwart geleverd. Om de factuur te doen kloppen halen ze bij L’Oréal een kunstgreep uit: ze verlagen de eenheidsprijs van hun producten, zodat je met 600 euro toch het volume haalt dat normaal 1.000 euro kost.»

HUMO Geniaal. Ik sta sprakeloos...

Patrick «Wacht, het wordt nog mooier.

»Goeie salons krijgen van L’Oréal twee keer per jaar een extraatje. Wij noemen dat de ‘truc met de tombola’, maar in feite gaat het om een doorgedreven vorm van degressief factureren. Een grote bestelling van pakweg 6.000 euro wordt netjes in twee gesplitst: 3.000 euro voor producten, 3.000 euro voor een grote lcdof plasmatelevisie. Of een scooter of wat dan ook, want we kunnen kiezen: L’Oréal heeft een catalogus met geschenken, van klein tot groot. In het begin kochten we die spullen zogezegd voor het salon, maar als de controleurs vroegen wat er met die tv op de factuur gebeurd was, moesten we ons in bochten wringen. De eerste keer kun je nog beweren dat een lompe klant hem van de kast heeft geduwd, maar dat moet je geen vijf keer proberen. Tegenwoordig kopen we die geschenken officieel aan om een tombola voor onze klanten te organiseren. We hoeven de controleurs niks meer te tonen, want de winnaar is met de prijs gaan lopen.»

HUMO En de winnaar is?

Patrick «Niemand! Er is helemaal geen tombola. We vinden altijd wel een trouwe klant die bereid is het spelletje mee te spelen: in ruil voor een fles wijn of een gratis kapbeurt tekent die dan een ontvangstbewijs. Maar de echte winnaar is de kapper. Al is dat geschenk in de eerste plaats een douceurtje van L’Oréal: het échte geschenk zit in het belastingvoordeel. Neem nu die bestelling van 6.000 euro. Daar draaien we 54.000 euro omzet mee, terwijl we maar op de helft worden belast.»

HUMO Genoeg fiscaal vernuft, we mogen de brave loontrekker niet te veel frustreren. Hoe staat het met de concurrentie in het kappersvak?

Patrick «De grote salons proberen elkaar geen pijn te doen. Ik vraag de gemiddelde prijs: 40 euro voor een damescoupe, 60 voor een kleuring, 80 voor mèches en 120 voor een volledige ontkleuring van zwart naar blond. Er kan wat speling op zitten, maar er is tussen de salons een stilzwijgende overeenkomst om niet te ver onder die prijzen te duiken.

»De laatste jaren zijn de grote ketens aan een offensief bezig. Onlangs is er op de markt van deze stad weer een filiaal geopend: ‘14 euro voor een kapbeurt!’ Als puntje bij paaltje komt, moet de klant voor van alles en nog wat bijbetalen, maar zelfs dan blijven ze nog een stuk onder onze prijs. Niet dat ik me zorgen maak: ketens bedienen een ander publiek, vooral jonge mensen, kinderen van de zapcultuur.

»Een topman van Kreatos, één van die ketens, heeft me zijn businessmodel eens uitgelegd. Ze werken vooral met pas afgestudeerde kappers, maar ze hebben ook een paar toptalenten in dienst, echte sterren met een riant salaris en een dure firmawagen. Aan de lopende band lanceren ze nieuwe salons. In deze stad wonen zo’n honderdduizend mensen, randgemeenten inbegrepen. Het is de bedoeling om die allemaal één keer naar een stoel van Kreatos te lokken. Komen ze terug, des te beter, maar ’t is geen noodzaak. Klantenbinding is van geen belang; hit and run is de boodschap. Na een jaar of zeven is het vet van de soep. Dan sluiten ze de boel en beginnen ze een straat verderop met een fonkelnieuw salon.

»Onze aanpak is heel anders, wij investeren net heel veel in klantentrouw.»


VIEZE BRYLCREEM

HUMO Jullie lokken een gemengd publiek: jong en oud, man en vrouw. Een bewuste keuze?

Romain «Dat is zo gegroeid. Ik ben begonnen als dameskapper. Niet omdat die een trapje hoger stonden, maar omdat de mannen in die tijd massaal aan de Brylcreem zaten – dat was me te vies.»

Patrick «Mannen maken nu één derde van ons cliënteel uit. Die verhouding is ideaal, want mannen brengen minder op. Wassen, knippen, eventueel een laagje gel: voor 30 euro zijn ze doorgaans gesteld.

»Mannen en vrouwen, voor een kapper zijn dat totaal verschillende doelgroepen. Mannen passeren eerst een paar keer voor het raam, en als er te veel volk is, komen ze een weekje later wel terug. Vrouwen maakt het niet uit of er twee of tien klanten zitten te wachten; het mag gerust een paar uur duren. Heeft een man een nieuw kapsel, dan zullen zijn maten daar niet op ingaan, maar voor vrouwen staat er veel op het spel. Een nieuwe coupe wordt druk besproken: als ze er geen commentaar op krijgen, voelen ze zich beledigd. Ik heb het al vaak meegemaakt: een vrouw vertrekt hier op-en-top tevreden met haar nieuwe kapsel, maar keert ’s anderendaags beteuterd terug. ‘De kleur, de snit... ’t Is toch niet helemaal zoals ik het gewild had.’ Dan weet je wat er aan de hand is: haar man heeft kritiek gegeven. Of erger nog: hij heeft haar nieuwe look niet eens opgemerkt. Als kapper moet je niet alleen de klant maar ook haar partner te vriend houden.»

HUMO Daar hebben we hem: Figaro, specialist van de vrouwelijke natuur!

Patrick «Lach maar! Het is geen toeval dat er zoveel homo’s in dit vak zitten, hè. Als kapper moet je

een feminiene kant hebben. Nogal wat vrouwen zien je als een soort therapeut aan wie ze hun kommer en kwel kwijt kunnen. Het lijkt wel alsof er rond de kappersstoel een aura hangt, waardoor ze vergeten dat andere klanten kunnen meeluisteren. Ik moet hier soms wat aanhoren – van problemen op het werk tot de seks die het laat afweten.»

HUMO Hoe reageer je daarop?

Patrick «Je moet vooral een luisterend oor bieden. Soms probeer je te troosten of het gejammer wat te relativeren. Maar je mag nooit met de klant in discussie gaan.

»Sommige vrouwen willen meer dan een luisterend oor. Daar pas ik voor: ik schuw elk lichamelijk contact met mijn klanten. Op een beurs heb ik ooit een kapper aan het werk gezien die misbruik maakte van zijn positie. Als hij de haarlengte van een meisje nam, schoten zijn handen toevallig uit naar haar borsten. Daar gruw ik van.»

HUMO Wordt er ook over politiek gepraat?

Patrick «Je moet over alles kunnen meepraten, van sport over auto’s tot BV’s. Ook de politiek komt aan bod – er zijn hier de voorbije maanden al heel wat regeringen gevormd. De kunst is een eind mee te praten zonder iemand voor het hoofd te stoten.»

HUMO Wat doe je als klanten racistische praat verkopen?

Patrick «Dat gebeurt weleens, vooral als het over Marokkanen gaat. Ik probeer daar subtiel tegen in te gaan: ‘Je mag ze niet allemaal over dezelfde kam scheren.’ Meestal volstaat dat om van onderwerp te veranderen.»

HUMO In deze buurt wonen veel Marokkanen en Afrikanen. Krijg je die over de vloer?

Patrick «Marokkanen hebben hun eigen kappers. We hebben er wel een paar in ons cliënteel, vooral meisjesstudenten – met en zonder hoofddoek. Geen probleem: in mijn salon is iedereen welkom.

»Afrikanen zien we hier nooit. Ik zou ook niet weten hoe ik hun haar moet knippen. Eén keer heb ik een klant gehad met kroeshaar, even stug als dat van een zwarte. Na een uur twijfelen heb ik het erop gewaagd, maar ’t was niet voor herhaling vatbaar. Volgende keer stuur ik hem door naar een collega in de Brusselse Matongewijk.»

HUMO Verkopen jullie ook haargroeimiddelen?

Patrick «Nee, daar doen we niet aan mee. Het zal sommigen verdrieten, maar er bestaat geen middel dat je haar doet groeien. Ken je de Jacques Vermeire-coupe? Je kamt het haar van opzij, desnoods zelfs van achter de oren, om je kale kruin te bedekken. Een riskante operatie, want bij het geringste briesje is zo’n kapsel airborne. Gelukkig springen steeds meer mannen nuchter om met kaalhoofdigheid. Ze snappen dat een kort kopje de beste manier is om beginnende kaalheid te verdoezelen.»

HUMO Romain, net als jij blijven heel wat kappers tot op hoge leeftijd doorwerken. Waarom?

Romain «Ik zou graag antwoorden dat het beroepsliefde is, maar de waarheid is iets genuanceerder.

»Weinig kappers sterven rijk. Sparen is niet onze grootste kwaliteit. In dit vak draait alles rond schone schijn, zie je. Dure merkkledij, chique auto: het hoort erbij. Toen ik destijds naar Brussel op cursus ging, stond de parking vol BMW’s, Mercedessen en Porsches. Ik heb nog met een Oldsmobile F-85 gereden, een prachtige slee. Maar als de inkomsten slabakken, is het erg moeilijk om je aan te passen. Toen ik terugviel op 100.000 frank per maand, bleef ik doen alsof het er nog altijd 200.000 waren. Heel wat kappers eindigen hun carrière in de horeca, omdat ze geen geld hebben om op pensioen te gaan.»

Patrick «Maar de nieuwe lichting springt heel anders om met geld. Beleggen en pensioensparen zijn geen vieze woorden meer. Ik zie mezelf niet meer staan knippen op mijn zeventigste. Binnen een jaar of tien stop ik ermee, dan zoek ik iemand om de leiding van het salon over te nemen. Zelf wil ik mijn expertise verzilveren. Adviseur voor L’Oréal, dat lijkt me wel wat.»

HUMO Veel plezier met de tombola’s!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234