Concertreview: Jade Bird op Rock Werchter

, door (fvd)

Deel

Ze zegt in interviews dat ze, als ze geen muzikant was geworden, een carrière als comedian ook had zien zitten. Je kunt je er iets bij voorstellen: aan The Slope toont ze dat ze gevoel voor timing heeft en dat ze rad van tong is. En het panel dat haar nomineerde voor de 'BBC's Sound of 2018'-klas prees haar eigenzinnige, quirky teksten. Ze zegt ook dat ze zich voor haar geluid en songs vooral heeft laten inspireren door de lichting magere Britse gitaarpop van een jaar of tien geleden - dus: Coldplay ten tijde van 'Viva la Vida', of Keane.

Dat moet één van de grappen uit haar stand-upshow zijn: Jade Bird klinkt in de eerste plaats als een Angel Olsen die veel naar Loretta Lynn geluisterd heeft. Eén die met haar lo-fi, onderkoelde maar rauwe energie af en toe ook aan de punkdichters van de seventies doet denken. Jade Bird wordt door Rolling Stone als country omschreven, maar Rolling Stone heeft de laatste vier platen van Kid Rock positief besproken, dus neem het met een korrel zout.

Jade Bird zat op Werchter helemaal alleen op het podium, bovenop een wankele barkruk. Ze bracht een kale maar scherpe en gepast schelle Pixies-cover ('Where Is My Mind?'), kondigde een straf 'Cathedral' aan als 'een song over een vrouw die wegloopt van haar eigen bruiloft', verontschuldigde zich tussendoor voor het speeksel dat ze al zingend op de eerste rij mikte, en hield er aldoor stevig de vaart in (het mooie 'Lottery' had gerust twee minuten langer mogen duren).

Jade Bird heeft vooral een prachtige, stevige, grofkorrelige, sensuele stem. Eén die, als ze tussen twee Americana-songs door plots op haar spreekstem overschakelt, ineens een graad of vijf Britser klinkt. Mooi!

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?