Ook op Rock Werchter: Franse chansons, IJslandse hardrock en de rijzende ster van de Belgische hiphop

, door (pc) en (vvp) en (svs) en (tr) en (elv)

11

Charlotte Gainsbourg (★★★★)

Charlotte Gainsbourg is zowat de ultieme belichaming van de Parisienne. Het ene moment fragiel, het andere juist krachtig. Soms koel en dan weer hartelijk. Stijlvol maar toch met een zweempje kitsch. Haar strakke en minimalistische podiumdecor leek bedoeld om je op afstand te houden maar met de chaleur humaine van haar campy pop zoog ze je toch haar wereld binnen. 'And these songs that you sing / Do they mean anything / To the people you’re singing them to / People like you.' Wij hebben alvast geen seconde aan processierupsen, regeringsvormingen of onze belastingaangifte gedacht tijdens de trip richting ‘Paradisco’. Quatre étoiles!

Black Box Revelation (★★★★)

Ook vier sterren voor Black Box Revelation, dat in in KluB C het onmogelijke mogelijk: je wijsmaken dat je ergens in een grijze uithoek van Mississippi stond en niet in een ongezellige tent op Brabantse grond. Ze brachten een soundtrack die het best zou aarden in een bruine kroeg waar bierbuiken op de toog rusten, de barman littekens van whiskyglazen draagt en de toiletten een keer om de twee jaar in aanraking komen met kuismiddel. Black Box’ show was vettig en prettig, en laat dat nu net de criteria zijn waar een opener van KluB C aan moet voldoen. (elv)

Deaf Havana (★)

Deaf Havana had een plan. Ooit, toen MTV nog muziek uitzond, hadden ze daar namelijk Papa Roach gezien. Daar zagen ze wel iets in, dat boos zijn op de papa, maar als ze héél eerlijk waren, vonden ze de pop van Imagine Dragons eigenlijk òòk wel tof. Hun plan: die twee voorbeelden verzoenen in nummers die stijlelementen van beiden vertonen, maar die bovenal veilig en wel the middle of the road blijven berijden. ‘Tot daar aan toe’, denk je dan, ‘maar dan kan je je boeltje wel nog altijd toonvast brengen’. Helaas: ook daar zakte Deaf Havana door de mand. Als je op den duur Havana begint te benijden voor z’n hardhorigheid, zit het ergens fout. (tr)

Ólafur Arnalds (★★★)

Die andere IJslander, Ólafur Arnalds, bracht vier strijkers mee, één percussionist en ongeveer evenveel klavieren als hij vingers aan zijn handen heeft. Twee daarvan waren ‘spookpiano’s’: instrumenten die dankzij de software Stratus interageerden met Arnalds’ spel op een synthesizer. Mooi, zeker wel, maar The Barn bleek toch net iets te ver buiten de comfortzone van Arnalds: een hoofdtelefoon die alle omgevingsgeluid buitensluit of het pluche van een concertzaal met een perfecte akoestiek. (pc)

Miss Angel (★★★)

Meer gusto bij Miss Angel, verse telg van de Belgische hiphopfamilie, zag er op het podium van The Slope uit als een 'ghetto supastar'. Bijgestaan door dj Black Mamba liet ze de kogelronde beats knallen en rapte ze met een assertiviteit die we eigenlijk vooral van Amerikanen kennen. Da’s een compliment, ja. ‘Oh my dayz’ was grimey, verderop opteerde ze voor een suave, lichtjes jazzy sound. Ze is nog wat onvolgroeid, maar hou haar in de gaten. De lont naar het buskruit brandt hoe dan ook. (svs)

Raleigh Ritchie (★★★)

Het was even schrikken toen in de KluB C opeens een gecastreerde barbaar op het podium kwam gelopen, maar in het echte leven blijkt acteur Jacob Anderson, zes seizoenen lang bekend als Grey Worm, een beleefde jongen die ook graag soulvolle R&B maakt onder de naam Raleigh Ritchie. En hij deed dat op Rock Werchter lang niet kwaad. Het bordje ‘Let Me Be Your Missandei’ verried dat mensen hier niet alléén voor de muziek stonden, maar Ritchie mag toch in dezelfde platenbak als Loyle Carner. (vvp)

The Vintage Caravan (★★★)

The Vintage Caravan - in twee woorden: IJslandse hardrock - was het pak friet andalouse bij aanvang van dag één: vettig, en een ideale fond. De riffs van Óskar Ágústsson, Alexander Númason en Stefán Stefánsson likten dorstig aan het vaatje dat Led Zeppelin, Black Sabbath en Rush destijds vol tapten. Halverwege ‘On the Run’ lapten ze daar nog een scheut Metallica ten tijde van ‘The Black Album’ bij. Tijdens ‘Midnight Meditation’ kwam Marcella Di Troia van het Brusselse Black Mirrors een handje toesteken, rond ‘Expand Your Mind’ slingerde een drumsolo om Deep Purple tegen te zeggen - goeie muzikanten, alle drie. Aan het einde had iedereen die tegen The Slope lag te suffen zijn eerste pintje geleegd én drie keer laten bijvullen. Dat het publiek bij de aankondiging van het nummer ‘Babylon’ spontaan ‘Rivers of Babylon’ van The Melodians begon te zingen, voorspelt niet meteen veel goeds voor de kwaliteit van de gesprekken aan de toog straks, maar wél voor de sfeer. Om maar te zeggen: in IJsland spelen ze ontiegelijk saai voetbal, maar leuke muziek. (vvp)

Palace (★★)

Als je heimwee hebt naar The Maccabees en Genghar of Bombay Bicycle Club niet kent was Palace, het Londense viertal rond zanger Leo Wyndham, een fijne ontdekking. Ze brachten niets nieuws, maar af en toe leverde hun knip-en-plakwerk toch dappere popsongs op. Er is echter een reden waarom er - met uitzondering van kunststudenten, puristen en bloggers - geen haan kraait en kraaide naar The Maccabees, Genghar en Bombay Bicycle Club. Begrijp ons niet verkeerd, Palace is geen sléchte band. Er zit iets in deze groep, het moet er alleen nog uit komen. (elv)

Bang Bang Romeo (★★)

Anastasia Walker, kop en stem van Bang Bang Romeo, had van ver wat weg van Beth Ditto van Gossip, en verhip: wanneer ze uithaalde, klonk ze zelfs ook zo. Aanvankelijk hadden we niet al te veel bezwaren ter noteren tegen Bang Bang Romeo: ergens hadden ze een voorliefde zitten voor oude gitaarplaten, zo bleek. Maar toch hebben ze die negatieve score volkomen aan zichzelf te danken. Met elk nieuw nummer toonde Bang Bang Romeo namelijk dat ‘pathos’ niet alleen een uitstekende naam is voor een Grieks restaurant, maar dat je het ook prima als podiumtrucje kan inzetten. (tr)

Georgia (★★★)

De Britse Georgia heeft adelbrieven te over: de dochter van Leftfield-helft Neil Barnes speelde lang voor de damesploeg van Arsenal, drumde bij Kate Tempest en rekent Wayne Coyne van The Flaming Lips, met wie ze recent in de studio dook, onder haar fans. Bij haar aantreden in The Slope werd ze door Equal Idiots-frontman Thibault Christiaensen vernietigend voorgesteld als ‘een sympathieke’, maar haar muziek was echt niet kwaad: een kekke mix van electropop, clubmuziek en kwistig rondgestrooide zonnestralen. Ze stond alleen op podium, maar had présence voor drie; drumde zich de pleuris, maar bleef bij stem; en had een cowboyhemd aan, maar speelde wel grime, dub én ragga (‘Ray Guns’). Die Studio Brussel-single (‘Started Out’) was mooi meegenomen. De processierups deed de wei daarnet al half leeglopen - een slimme voorbereiding op Bastille straks - maar aan Georgia, een te onthouden naam, lag het niet. (vvp)

Dj KidCutUp

In afwachting van headliner P!nk knipte haar sidekick alvast de beste stukken uit de popgeschiedenis en lijmde ze aan elkaar tot een onweerstaanbaar dansbare collage. Concreet? Dj KidCutUp plukte de meest catchy fragmenten uit pakweg ‘Dynamite’ van Taio Cruz en ‘I Love It’ van Icona Pop of ‘Back in Black’ van AC/DC en ‘Billie Jean’ van Michael Jackson (langere lijst op aanvraag te verkrijgen), en verzachtte zo een half uur lang de zere ruggen en verbrande schouders van de wachtende fans. Dat je dit soort knip-en-plakwerk al land ook op elke studentenfuif kunt horen, daar maalde niemand om. Een feestje is een feestje. (pc)

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?