Recensie halve finale Frankrijk - België: 'Winnaars zijn niet altijd winnaars'

© Getty

, door (jha)

1020

Lees alles over het WK 2018 »

Kunnen we iets afspreken? Dat Frankrijk het beton gieten tot kunst verhief, is géén compliment. Het is namelijk geen kunst. ‘Beton bestellen en laten storten voor funderingen en kelders was nog nooit zo makkelijk’, lees ik op een willekeurige website zoals er in Frankrijk vast ook zijn, waar de Franse bondscoach Didier Deschamps in zijn vrije tijd vermoedelijk wel eens naartoe surft. ‘Een sterk concept uitgevoerd door fantastische spelers’, las ik gisteravond laat ook ergens, maar dat moet van een kenner geweest zijn, want ik zag het niet.

Wat ik wel zag, was iemand die heel hard zijn best deed Neymar te zijn. Kylian Mbappé mag dan geen onaardige speler zijn, fairplay lijkt voor deze aanstormende wereldster net als voor zijn Braziliaanse ploegmaat bij PSG iets te zijn wat aan een rolletje WC-papier hangt. ‘Hoort erbij’, hoorde ik enkele cynici dan weer opmerken, ook hier te lande, maar ook dat – cynisch zijn – schijnt een vak te zijn, waar ik helaas niet voor heb gestudeerd. Mbappés gele kaart op het eind was het absolute dieptepunt van een ‘concept’ waarvan de schoonheid me ontging. Thibaut Courtois vatte deze zinderende halve finale nog het best samen: ‘Je speelt tegen een antivoetbalploeg, wat kun je meer zeggen?’

Wel – en nu wordt het even ernstig – dat niet Frankrijk, maar België wereldwijd de harten van de kijkers veroverde. Dat België meer dan Frankrijk zal worden herinnerd om wat het in Rusland liet zien. Niet alleen gisteren, maar gedurende het hele toernooi. ‘Opnieuw imponeren de Belgen, de absolute smaakmaker van dit WK’, zei NOS-verslaggever Jeroen Grueter na 23 minuten, het moment waarop Toby Alderweireld uit de draai de Franse doelman Hugo Lloris tot een machtige redding dwong, of België en niet Frankrijk stond in de finale.

Het was de derde Belgische doelkans al. De eerste twee kwamen van de voeten – eerst links, dan rechts – van Eden Hazard, de Belgische uitblinker gisteren. Zo gracieus, zo waardig en zoveel authentieker dan die Mbappé. Zelfs toen hij foutief werd afgestopt door Olivier Giroud, de diepste Franse spits, die zich de laatste 40 (!) minuten beperkte tot ballen lukraak wegtrappen en Hazard onder de zoden stoppen, gaf hij geen krimp. De logische vrije trap op een fraaie plek zo kort bij het Franse doel, kwam er niet: de slappe scheids zag de overtreding niet.

Na die derde doelkans raakten de Rode Duivels niet meer door het Franse beton. Moussa Dembélé, die de geschorste Thomas Meunier verving, grossierde in balverlies, terwijl zijn balvastheid net de reden was waarom Roberto Martínez hem in de ploeg dropte. Nacer Chadli kreeg geen voorzet voor doel, waardoor Marouane Fellaini pas werd bereikt toen invaller Dries Mertens de ballen daar wél kreeg. Romelu Lukaku zat in de zak van de Franse doelpuntenmaker Samuel Umtiti, en zag pas op slag van rust zijn eerste bal toen Umtiti even mistastte. Hij was te verrast om er iets goeds mee te doen.

Het moment

De vervanging van Dembélé door Mertens, kort na het Franse doelpunt. Martínez zette Mertens op de plek van Kevin De Bruyne en schoof diezelfde De Bruyne weer een rij naar achter. Naast Axel Witsel, daar waar hij tot de kwartfinale tegen Brazilië al speelde. Een positie waarvan menig kenner vindt dat ze zijn kwaliteiten tekort doet, terwijl het net de cruciale ingreep was waarmee Martínez erin was geslaagd Hazard en De Bruyne in één elftal te laten renderen. Waarom hij er gisteren van afstapte, is een raadsel dat hij later maar eens moet ontsluieren. Tegen de Fransen werd in ieder geval duidelijk dat deze De Bruyne onmisbaar is voor de Belgische opbouw van achteruit. Hij en niemand anders is de dirigent van dit elftal, Hazard de solist.

Het is hier eerder al geschreven: dé grootste verdienste van Martínez is misschien wel dat hij De Bruyne overtuigde van zijn ideeën, en België een identiteit schonk waarmee het harten veroverde en nog zal veroveren. Omdat een beetje historisch besef nooit kwaad kan: een beetje zoals het eeuwenlang om zijn saaie shirts en nog saaiere voetbal gehate Duitsland deed in 2006. Het strandde in de halve finales, maar tot op vandaag blijft die mooie zomer die van Jürgen Klinsmann en zijn plots zwierig voetballende Mannschaft, en niet dat van de latere winnaar Italië. Laat deze wereldbeker dus maar aan Deschamps en zijn betongieters, de zomer van 2018 is die van de Rode Duivels. De winnaar is niet altijd de winnaar.

De Quote

‘De ploeg die wereldkampioen wordt, zal waarschijnlijk geen betere ploeg zijn dan wij.’ – Vincent Kompany

De Tweet

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: