'Terug naar Rwanda' op Canvas

, door ()

68
rwanda 1200

Op 6 april 1994 begon in Rwanda een genocide die honderd dagen zou duren en aan 800.000 mensen het leven zou kosten. ‘Terug naar Rwanda’ volgt vijf weken lang enkele overlevenden die een kwarteeuw later de waanzin die ze toen ondergingen een plaats proberen te geven. In de eerste aflevering reisde Régine Bategure samen met haar tienerdochter Katia terug naar haar geboorteland. Régine logeerde in 1994 bij haar oom en tante vlak bij de hoofdstad Kigali, zodat ze er naar school kon gaan. Ze overleefde de volkerenmoord door zich voor dood op de grond te gooien toen een soldaat haar tante door het hoofd schoot, en zich daarna te verbergen onder de lijken van familieleden. Ze vluchtte naar België, stichtte haar eigen gezin en vernoemde haar oudste dochter naar haar lievelingsnicht, die voor haar ogen vermoord werd. Katia vond het 'triest en cool tegelijk' om die naam te mogen dragen.

De apotheose – als we dat woord mogen gebruiken – in elke aflevering is een confrontatie tussen de overlevende en enkele mensen die betrokken waren bij de genocide. In een Rwandese gevangenis schoof Régine aan tafel met twee mannen die in haar dorp haar broertjes en zusjes neergeknuppeld hadden, en ze daarna in een diepe beerput hadden gegooid. De kinderen leefden toen nog. De één bleef staalhard beweren dat hij alleen maar toevallig in de buurt was, de ander gaf pas na veel dralen toe dat hij nóg iemand anders had bevolen de kinderen te doden. Régine bleef bewonderenswaardig kalm, ook toen een van de twee haar vroeg of ze wat restte van haar familie in hun plaats om vergiffenis wilde vragen. De ontmoeting, zei ze achteraf, liet haar toe om een bladzijde om te slaan. Hoeveel bladzijdes ze nog te gaan heeft, vertelde ze er niet bij.

Dit artikel volledig gratis lezen?

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: