'Deadwood: The Movie': een bonte parade van hoeren, goudzoekers, speculanten en kwakzalvers

, door ()

25
vrijbeeld

Om iemand in de rug te schieten had je vanaf 1889 geen revolver meer nodig, het kon ook strikt legaal, via vers geboren wetgeving die nog stonk naar gekonkelfoes. Beschaving was een relatief gegeven: er werd ’s nachts al eens een keel overgesneden, om galant te voorkomen dat de dames gewekt zouden worden door een geweerschot.

Ook in deze film – de kers op de succulente taart die de vorige series waren – defileert weer een bonte parade van hoeren, goudzoekers, speculanten en kwakzalvers. 'Deadwood – The Movie' bevat een dozijn flashbacks, zodat wie de drie seizoenen van de reeks gemist heeft het verhaal kan volgen, al leggen die meteen ook de achilleshiel van dit postscript bloot: in 36 afleveringen kun je elke door whisky, bloed en zweet gelooide smoel van veel meer rimpels en littekens voorzien, en een smeuïge anekdote voorzien voor elk van die littekens. Hier, in slechts anderhalf uur tijd, moet het vooruit gaan, en met zo’n rijke voorraad aan kleurrijke personages is dat zonde.

De onbetaalbare Al Swearengen leeft nog, zij het amper: alles aan hem is dood, op zijn laagste impulsen na. Al is een onweerstaanbare charismatische asshole zoals Tony Soprano er één was, je blijft voor hem supporteren, ook al is hij uiteindelijk slechts een halve haar beter dan zijn talrijke vijanden. Verder schitteren de onkreukbare Marshall Seth Lubbock, de opportunist George Hearst, de even heroïsche als pathetische Calamity Jane, de eeuwig hoogzwangere hoer Trixie, de fatalistische Doc Cochran die patiënten tijdelijk mag oplappen voor ze opnieuw aan flarden worden geschoten…

Ze zijn er weer allemaal bij en het duurt niet lang of de kogels én de cocksuckers vliegen je om de oren. Een piano speelt vrolijke honkytonk, maar je wéét gewoon dat een begrafenismars twee noten verder kan starten. Maar het belangrijkste personage, en misschien wel de meest verraderlijke cocksucker van allemaal, is de vooruitgang. De onstuitbare, meedogenloze, opportunistische, nietsontziende vooruitgang, die in deze ‘Deadwood’ de kersverse staat South Dakota uit het moeras beweert te trekken. Levensles? Je kunt het Wilde Westen temmen, maar niet de duivel in je ziel.

Tot slot nog even hulde aan David Milch, die niet enkel de briljante dialogen voor ‘Deadwood’ creëerde maar veel eerder het ook al puike ‘Hill Street Blues’ en ‘NYPD Blue’ schreef. Milch lijdt nu aan alzheimer, een wrede ziekte voor een creatief brein van de hoogste orde. Hij kreeg ooit een hartaanval middenin een discussie over quality control met een verwende steracteur. What a guy.

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: