'Vive le vélo' op Eén zal stikgezellig zijn of het zal niet zijn

, door ()

28
1200

Soms, halfweg een voice-over, kringelt hij zelfs even richting euforie - joie de vivre zelfs: een welzijnssymptoom dat je niet meteen associeert met journalistiek, qua aanzien toch nog altijd ergens tussen putjes scheppen en schoenen blinken, maar dat vorige week verklaard werd toen bleek dat deze editie van ‘Vive le vélo’ alle veertien voorgaande overschaduwde in kijkersaantallen. De aflevering van maandag over de zegepralende Wout van Aert haalde zo een kwart miljoen kijkers meer dan de eigenlijke tour de forceFaut le faire, en dan is het voorraadje Franse clichés wel uitgeput.

Die alleenheerschappij zat Vannieuwkerke even lekker als een filet pur in een koersbroek, en dus nam hij elke avond uitgebreid de tijd om ter zake te komen. Een aanzienlijk deel van zijn aanloop ging op aan de introductie van de gasten. Toen Staf Scheirlinckx maandag aanschoof in het zuiderse Senouillac, kreeg die oude beelden voorgeschoteld van een Tour-rit waarin hij rakelings langs de overwinning zou scheren. ‘Hier reken je te veel op anderen om dat gat dicht te rijden’, duidde Vannieuwkerke met terugwerkende kracht. Scheirlinckx, die desondanks niet op een nabije fiets sprong om dat recht te zetten, kon alleen maar beamen. De goede luim die Vannieuwkerke uitdroeg vertaalde zich mettertijd zelfs in een opzienbarende staat van genade, wat je doorgaans ook al niet zou rijmen met journalistiek. Toen Stijn Steels, neef van, zijn oom ter sprake bracht, rondde Vannieuwkerke af met ‘goeie coureur, mooie mens’. Wilfried Nelissen, herinnerd om zijn duik richting asfalt te Armentières een kwarteeuw geleden, was ‘een fantastisch toffe gast’. Toen donderdag Stig Broeckx te gast was, was je uiteraard bereid één en ander door de vingers te zien. Je hebt niet elke dag Lazarus aan je tafel. Maar dat Stig een uiterst toffe peer was kon je zelf ook wel zien zonder dat Vannieuwkerke en Eric Goens het elkaar voortdurend influisterden over de tafel heen. Datzelfde genadige licht viel ook collega’s te beurt: toen Sammy Neyrinck zich aandiende, klonk het: ‘Je kent Sammy, altijd recht op doel af’. Misschien was het de wijn. ‘Vive le vélo’ zal stikgezellig zijn, of het zal niet zijn.

Het gerucht dat ‘Vive le vélo’ enkel zou gaan over fietsen en zij die ze berijden, is trouwens een dwaling. Omdat de folklore wil dat Frankrijk, naast uitgelezen decor voor dokkerende rijwielen, tevens vakantieland bij uitstek is, transformeert ‘Vive le vélo’ ook geregeld in een verdienstelijk toeristisch magazine. Zo schoof tijdens één nabeschouwing een fraaie brug in beeld, waarop Karl wist te vermelden dat die nog ontworpen was door Gustave Eiffel. ‘En vanwaar kennen we die nog?’ Zowaar, het was de Eiffeltoren. In diezelfde sfeer kreeg je ook reportages te zien waarin je kon opsteken dat Caussade ooit bekend stond om z’n hoeden, of dat Lautrec vroeger draaischijf was van de pastelplant. Informatie die je vaak aangewaaid kwam op een deuntje dat erg z’n best deed om zomers te zijn: in Parijs wordt het je doorgaans opgedrongen door een met accordeon behangen linkmichel met rouwranden.

Wel helemaal op de bal gespeeld was de tafeldiscussie over ketonen die zich die week aandiende: prestatieverbeterend maar niet verboden, waardoor ze natuurlijk gretig aftrek vinden bij renners die er evenwel niet mee te koop lopen. Het spul werd geduid door Marijn de Vries, Nederlands ex-renster die in ‘Vive le vélo’ bijdragen leverde waarmee je ook iets was als je niet van nature klikpedalen genegen bent. Op dinsdag, rustdag in de Tour en dus verstoken van een rit om te analyseren, hield ze de sfeer erin door één van de muggen op te snuiven die zich in zwerm hadden verzameld rond de studiolampen. ‘Dat is gezond’, zei ze, wat vooralsnog meer is dan je met zekerheid kan zeggen van ketonen. Ter afscheid werd ze bedankt door Vannieuwkerke, die erop wees dat hij ‘heel goede reacties gekregen had’ op haar aantreden. In ‘Vive le vélo’ wordt veel belang gehecht aan reacties: meteen erna liet Karl met fierheid vallen dat ook Garry Hagger zijn goedkeuring had laten blijken. Ter gelegenheid werd de aflevering afgesloten met Haggers ‘Het mooiste moment’, door hem ooit buitgemaakt op René Froger - belabberd coureur, mooie mens. Ironie, een gif dat wegsmelt in het licht van genade, vermoedde je er niet achter.

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: