'The White Helmets': witte ridders in Syrië

, door (kt)

5
white helmets vrijbeeld

De Amerikaanse documaker Orlando von Einsiedel, bekend van het eveneens op Netflix te streamen ‘Virunga’ en van ‘Skate-istan: To Live and Skate Kabul’, reisde begin dit jaar naar Aleppo, de grootste stad in Syrië. Daar nestelde hij zich een paar weken in het zog van de withelmen van de Syrian Civil Defense, een organisatie van vrijwilligers die dode en gewonde burgers vanonder het puin halen, na bombardementen van, zo schijnt, het Syrische regeringsleger en hun Russische bondgenoten. Vóór de burgeroorlog waren de zowat 3.000 leden van de SCD bouwvakkers, kleermakers of leraars; vandaag staan ze op de uitkijk op het dakterras van één van hun 115 hoofdkwartieren. Tot gevechtsvliegtuigen of helikopters over de stad scheren en hun verwoestende lading droppen – vaak zijn dat barrel bombs, primitief moordtuig, al dan niet met een chemische lading als extraatje. Nog voor de zwarte rookpluimen tot in de hemel kringelen, duiken de withelmen in hun voertuigen om richting onheil te suizen. Ter plekke treffen ze steevast taferelen die aan de Apocalyps doen denken: in bloed en betonstof gehulde bewoners die verdwaasd uit half ingestorte flatgebouwen kruipen, tierende buren die met blote handen in het puin graaien. En kinderen als Omran Daqneesh, de kleuter die half augustus uit een door bommen verwoest huis werd gered, en voor het oog van een lokale camerajournalist vertwijfeld zijn bebloede handjes afveegde aan een ambulancestoel. Of baby’s als Mahmoud, die na zestien uur springlevend vanonder het puin werd gepeuterd. ‘Mirakelbaby’ noemen de helden van Aleppo ’m in ‘The White Helmets’, terwijl ze hun vreugdetranen verbijten.

Von Einsiedel vertelde dat hij een tijdje op het pad van de rauwe journalistiek had gefietst, maar dat hij tegenwoordig veeleer op zoek was naar ‘inspirerende en hoopvolle verhalen’, opgetekend op plaatsen waar je die niet meteen zou verwachten. ‘The White Helmets’ voldoet in alle opzichten aan die criteria: het is een ode aan de mannen die het als een eer beschouwen medeburgers in nood te hulp te schieten, ook al weten ze dat de dood op hun schouder meelift. Sinds z’n oprichting in maart 2013 heeft het SCD naar eigen zeggen 40.000 Syrische broeders en zusters gered, maar daar hebben ze wél een hoge prijs voor betaald: 130 namen van withelmen werden toegevoegd aan de lijst met martelaren. Tijdens het bergen van verhakkelde lichamen slaan vaak nog meer bommen in, en de redders worden bewust in het vizier genomen door de troepen van Assad. Toch blijft iedereen vastberaden op post, want je weet maar nooit of er bij de volgende reddingsoperatie een baby Mahmoud onder het puin ligt. ‘Wat heeft het leven voor zin zonder hoop?’ mijmert één van hen hardop.

Dit artikel volledig gratis lezen?

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: