null Beeld

100 beste films

#77: 'Casablanca' (Michael Curtiz, 1942)

Humo's filmjournalist Erik Stockman presenteert: de 100 beste films aller tijden! Of liever: een hoogstpersoonlijke, dwarse hitparade van films die, althans volgens (es), de blikkerende tand des tijds hebben doorstaan. Een onconventioneel rariteitenkabinet waarvan de deuren telkens op woensdag, vrijdag en zondag wijdopen zwaaien. Vandaag: 'Casablanca' van Michael Curtiz. Licht, camera, actie!

Erik Stockman

Om maar eens een open deur – die van Rick’s Café Américain, met name – in te trappen: het is echt geen toeval dat ‘Casablanca’ de status van klassieker heeft. De outfits en de decors mogen dan gedateerd ogen, de dialogen, de charismatische onderlip van Humphrey Bogart, het aura van Ingrid Bergman, en de chemie tussen die twee zijn onverwoestbaar, verrukkelijk en tijdloos; time goes by, maar ‘Casablanca’ blijft tot in de eeuwigheid fantastisch.

Bijna de hele film speelt zich af op één enkele locatie: Rick’s Café Américain, vlak bij de luchthaven van Casablanca. Omdat die stad in 1942 nog niet door de nazi’s is bezet, vormt Casablanca de laatste halteplaats voor mensen die Europa en de oorlog trachten te ontvluchten. ‘De gelukkigen,’ zo horen we een voiceoverstem declameren, ‘krijgen een visum voor de Nieuwe Wereld. De anderen wachten... en wachten... en wachten... en wachten... en wachten...’

Geef toe: zulke poëtische voiceovers hoor je vandaag niet meer. En Rick’s Café, waar de obers nog strikjes dragen, is de pleisterplek waar al die anderen hun wachttijd komen verbijten: in de opkringelende sigarettenrook krioelt het van de smokkelaars, dieven, schavuiten, onderkruipers, verraders, Duitse en Franse officieren, vluchtelingen en moordenaars; hier worden diamanten verhandeld, vluchtroutes opgesteld en duistere plannen bekokstoofd; hier wordt zwaar gepokerd, gepaft en gezopen – bij voorkeur Veuve Clicquot uit het jaar 1926. Ach, hoe wij ervan dromen om in Rick’s Café eens van een champagnecocktail te kunnen nippen of een waterpijp te kunnen roken!

Nu er op de trein naar Casablanca twee Duitse koeriers zijn vermoord, neemt de zenuwachtigheid in de stad toe, maar Rick (Bogart), de mysterieuze eigenaar van het café, blijft zoals immer de vleesgeworden neutraliteit – ziehier een man die voor niemand zijn nek uitsteekt, ook al wordt snel duidelijk dat hij niets van de nazi’s moet hebben (tegen een Duitse majoor: ‘Er zijn buurten in New York waar u zich beter niet laat zien’). De komst van een oude vlam, Ilsa (Bergman) – ‘Of all the gin joints in all the towns in all the world, she walks into mine’ – brengt evenwel scheurtjes aan in zijn cynische pantser: in dit soort films, en in het leven in het algemeen, betekenen vrouwen altijd trouble.

‘De wereld stort in en wij worden verliefd.’ ‘Gaat het niet altijd zo?’: de dialogen in ‘Casablanca’ spetteren als Bengaals vuurwerk – een mirakel eigenlijk als je weet dat een team van scenaristen het script nog tijdens de opnamen constant zat te herschrijven. De romantiek laait bijwijlen even hoog op als vernietigingsvuren: dit is nog het soort cinema waarin de inkt van een hartverscheurende afscheidsbrief mag uitlopen in de regen.

De regie van Michael Curtiz is dan weer lekker efficiënt, knisperend, zonder franjes. En kijk eens goed naar de twee hoofdacteurs: geen kwaad woord over Tom Cruise, Brad Pitt, Angelina Jolie of Julia Roberts, maar Bogart en Bergman waren toch van een andere soort kosmische stof gemaakt – zij hadden stijl, gratie, attitude. Vooral Bogey is de Man, ook al was hij in realiteit een kop kleiner dan Bergman en diende hij in hun gemeenschappelijke scènes hoge plateauzolen te dragen. Hoe kijk je als je Droomvrouw, zij die je hart heeft verbrijzeld, onaangekondigd opnieuw je leven komt binnenstappen? Dan kijk je zo verdrietig en zo bars als Rick die in het halfduister boven een borrel hangt.

Maar ook Bergman is weergaloos: zie die trillende kin, die rollende traan wanneer ze opbiecht dat ze dacht dat hij uit haar leven was verdwenen; en hoe ze zich daarna onder het slaken van een beverig zuchtje – het mooiste beverige zuchtje uit de filmgeschiedenis – van hem afwendt: pure klasse. En dan die laatste blik die ze uitwisselen, op het vliegveld, in de nevel, zo gefilmd dat je in hart en ziel wéét dat het de laatste blik is: dit is tegelijk pure, pure romantiek, en échte, échte cinema. Here’s looking at you, Casablanca.


Bekijk de trailer van 'Casablanca':

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234