null Beeld Netflix
Beeld Netflix

televisie★★½☆☆

‘Dahmer’ vertrouwde er niet op dat de trauma’s van de families boeiend genoeg zouden zijn en strooit dan maar brokjes horror

Het zijn lastige tijden voor wie Jeffrey heet: Amazon-chef Bezos staat de laatste tijd vooral bekend als slechtste baas ter wereld, het misbruikschandaal rond Epstein blijft ook maar in het nieuws komen en over seriemoordenaar Dahmer - die tussen 1978 en 1991 zeventien jongens en mannen op gruwelijke wijze om het leven bracht - verschijnen nu op korte tijd twee reeksen.

Stefaan Werbrouck

Binnen een tiental dagen brengt Netflix het derde seizoen van true crime-serie ‘Conversations with a killer’ uit, waarin deze keer - in navolging van Ted Bundy en John Wayne Gacy - Jeffrey Dahmer uitgebreid zal vertellen over de vreselijke misdaden die hij heeft gepleegd, op basis van nooit eerder gepubliceerde interviews die de seriemoordenaar gaf aan zijn advocaten. En nu al is op de streamingdienst ‘Dahmer - Monster: The Jeffrey Dahmer Story’ - dat is de volledige titel, ja - te zien, een tiendelige miniserie over het leven van de psychopaat, van zijn ongelukkige jeugd als kind van gescheiden ouders tot zijn gewelddadige dood in de gevangenis, waar een medegevangene in 1994 het recht in eigen handen nam.

Dat Dahmer ruim een kwarteeuw later nog steeds zo in de belangstelling staat, zegt veel over onze gezamenlijke obsessie met het wreedste waartoe mensen in staat zijn en over hoe die obsessie voor Netflix een belangrijk verdienmodel is geworden. Sinds de streamingdienst met ‘How to make a Murderer’ op de goudader stootte, wordt de true crime-productie steeds groter: er gaat nu nauwelijks nog een week voorbij zonder dat er een nieuwe reeks of film uitkomt. De meeste daarvan lijken gemaakt om onze honger naar sensatie en gruwel te stillen en geven veel meer aandacht aan de psychopaat dan aan de levens die hij - het zijn over het algemeen mannen - verwoest heeft. En op dat vlak is Dahmer een dankbaar onderwerp, want hij is een van de wreedste seriemoordenaars uit de Amerikaanse geschiedenis. Niet zozeer wat betreft aantal moorden - Bundy en Gacy brachten bijvoorbeeld allebei dubbel zoveel mensen om het leven - maar om hoe hij te werk ging: hij drogeerde zijn slachtoffers - jonge mannen maar ook enkele kinderen -, gebruikt hen enkele dagen lang als ‘sekszombies’, versneed hun lichamen en at delen van hen ook op.

‘Dahmer’, dat uit de koker van Ryan Murphy (‘American Crime Story’, ‘Ratched’) komt, belooft wel om het verhaal meer vanuit het standpunt van de slachtoffers te vertellen maar slaagt daar - zoals die vreemde volledige titel ook al laat vermoeden - slechts matig in. Na een beklemmende openingsaflevering waarin te zien is hoe Dahmers laatste prooi aan hem weet te ontsnappen en de politie kan verwittigen, keren we terug naar de jeugd van de psychopaat en leren we in flarden hoe het kind een monster is geworden. Flashbacks over de traumatiserende scheiding van zijn ouders, zijn groeiende gevoel als tiener nergens bij te horen of zijn fascinatie voor het dissecteren van ‘roadkill’ worden afgewisseld met scènes waarin zijn eerste moorden worden gereconstrueerd. Het resultaat is een verontrustend portret van ‘the serial killer as a young man’, waarin van alle personages Dahmer veruit het vaakst in beeld komt en ook het meeste diepgang krijgt.

Pas ongeveer halverwege verschuift het zwaartepunt, in enkele afleveringen die moeiteloos boven de rest uitsteken. ‘Silenced’, aflevering zes, brengt het hartverscheurende verhaal van Tony Hughes, die als baby doof werd als gevolg van een antibioticakuur en op zijn 31ste in de handen van Dahmer viel. De aflevering daarna, ‘Cassandra’, draait zo goed als volledig rond Glenda Cleveland, de buurvrouw van Dahmer die doorhad dat de man met verontrustende dingen bezig was en tevergeefs de politie verwittigde. Die afleveringen duiken ook dieper in een minder bekende maar erg interessante kant van de Dahmer-zaak: hoe het racisme in het politiekorps ervoor zorgde dat hij zo lang met zijn misdaden weg kon komen. Dahmers slachtoffers waren bijna allemaal gekleurd: niet omdat hij zelf racistische motieven had, maar omdat hij goed besefte dat agenten als het erop aankomt ‘eerder een witte man met strafblad zullen geloven dan een zwarte zonder strafblad’. Die laatste observatie komt niet van de seriemoordenaar zelf maar van een kerel die lang voor Dahmers uiteindelijke arrestatie ook uit zijn flat kon ontsnappen en, net als de zwarte Glenda, de politie tot actie probeerde te bewegen.

Zelfs in de beste afleveringen slagen de makers er echter niet in de sensatie te vermijden. In het slot van ‘Silenced’ bakt Dahmer een stukje van Tony’s lichaam en begint hij dat op te eten, het ‘hoogtepunt’ van de aflevering rond Glenda is een lang uitgesponnen scène waarin de buurman zich bij haar komt excuseren voor de vreemde geuren die uit zijn appartement komen en haar een zelfgemaakt broodje aanbiedt gevuld met - zo wordt gesuggereerd - mensenvlees. Het is symbolisch voor deze reeks: men vertrouwde er blijkbaar niet op dat het verhaal over de raciale spanningen, de blunders van de politie of de trauma’s van de families boeiend genoeg zou zijn voor het Netflix-publiek en vond het daarom nodig om brokjes horror rond te blijven strooien. Bovendien draait richting het einde alles opnieuw rond Dahmer zelf, over hoe die zich in de gevangenis liet dopen om gered te worden door God en voor de buitenwereld steeds meer uitgroeide tot een soort cultfiguur. De littekens bij de nabestaanden komen minder aan bod: zij voeren vooral een strijd tegen alle pogingen om munt te slaan uit de fascinatie voor de seriemoordenaar, een gevecht dat ze, zoals ook ‘Dahmer’ bewijst, verloren.

Slecht kun je deze miniserie niet noemen. Ze is, zoals elke reeks die Murphy al voor Netflix heeft gemaakt, soms langdradig en onevenwichtig maar ze biedt wel een goed overzicht van alles wat er rond de zaak is gebeurd: inclusief enkele dingen waar je mond van open vallen, zoals het tragische lot van Konerak Sinthasomphone, een 14-jarige zoon van immigranten die uit Dahmers handen wist te ontsnappen maar door twee politieagenten opnieuw aan zijn deur werd afgeleverd. Er wordt ook uitstekend in geacteerd - door Evan Peters, die een geloofwaardige Dahmer neerzet, maar vooral door Niecy Nash (Glenda) en Richard Jenkins als Dahmers vader - en visueel is het vaak zelfs indrukwekkend. Maar uiteindelijk is dat allemaal vooral een bewijs dat ‘Dahmer’ een veel betere serie had kunnen zijn, als de makers de platgetreden true crime-paden hadden durven te ontwijken.

Lees ook

In ‘Een nacht in het museum’ ★★★★☆ gaapten we een uur lang naar een ‘sexy madonna’ met een huid zo wit als de vloer van het KMSKA vóór de opening

‘Op vrijdag pendel ik snel naar huis, om toch maar iets te kunnen eten’: wanneer door de energiefactuur studeren onbetaalbaar wordt

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234