Matthijs van Nieuwkerk emotioneel in de Wereld Draait Door.Beeld Varia

televisie

‘De Wereld Draait Door’ (laatste week, NPO 1): ‘Een welgemeende dankuwel’

Opvallend hoeveel mensen Matthijs van Nieuwkerk de voorbije weken aan het huilen poogden te krijgen, maar de gevierde presentator van het in dodenmarspas naar het definitieve afscheid schrijdende ‘De Wereld Draait Door’ brak niet. Ook nu, professionalisme vóór alles. Een lid van het DWDD-boekenpanel dankte hem – het innigste dat ze in tijden van social distancing kon verzinnen – met een diepe buiging voor alles wat hij voor het boekenvak had gedaan. Eeuwig ijskonijn van Nieuwkerk keek ernaar als naar een hond die een niet overdreven spectaculair nieuw kunstje opvoert. De ook bij ons bekende doordrammer Prem Radhakishun sméékte Matthijs om al-stu-bliéft toch door te gaan, omdat het programma troost bood, iets wat we volgens hem nu allemaal meer dan nodig hadden. Even vreesden we dat Prem luid jeremiërend aan ’s mans voeten zou neerstorten. Van Nieuwkerks ogen zochten de camera om snel op een ander onderwerp over te schakelen.

Huisdichter Nico Dijkshoorn deed ook een paar pogingen, maar hoe hij zich ook in zeer vrije verzen uitsloofde om de presentator met lof en mooie herinneringen te overladen en één keer in zijn tekst zelfs al op een huilbui vooruitliep, Matthijs – hoofd lichtjes gebogen, armen defensief en peinzend tegelijk gekruisd – gaf geen krimp. André Van Duin, bij ons bij velen wellicht nog vooral bekend als Dik Voormekaar, Flip Fluitketel of een andere komische incarnatie, probeerde het, nadat hij eerst pakkend over de dood van zijn vriend had getuigd, met een in eigen Nederlandse vertaling gebrachte versie van ‘La Bohème’ van Charles Aznavour, een van de lievelingsartiesten van van Nieuwkerk, en zeker diens favoriete chansonnier van Armeense afkomst. Terwijl alle kijkers een zakdoek volsnotterden, leek de presentator het te ondergaan als iemand die met lichte tegenzin op kantoor door enkele niet helemaal toonvaste collega’s een verjaardagslied krijgt toegezongen. Zelfs niet de minste glinstering in de ooghoeken.

Het enige moment dat de onzichtbare muur rond van Nieuwkerk even leek te bartsten, was in de voorlaatste uitzending, integraal gewijd aan Abdelhak ‘Appie’ Nouri, een jonge Ajax-speler die na een hartstilstand in een coma belandde. Het maakte in Amsterdam en ook daarbuiten drie jaar geleden veel emoties los. Omdat er een boek over de onfortuinlijke voetballer uit is, zaten verspreid over de studio enkele oude ploegmakkers, en ook Nouri’s broer en vader. Voor het eerst, alsof alle opgekropte emotie ineens naar buiten wilde, viel van Nieuwkerk stil. Tafelheer Humberto Tan, een omhoog- en even snel weer omlaaggevallen sportjournalist, sprong alert bij. Waarna het snel naar Ali B ging, een lokaal rapverschijnsel, en ook een vaste gast die het bij élke passage in DWDD wel op een grienen leek te zetten. Alsof alleen de aanblik van het decor een niet te stelpen ontroering bij hem losmaakte. De dweilen lagen gelukkig al klaar.

Of van Nieuwkerk de waterlanders in de allerlaatste aflevering de vrije loop liet of onder hartverscheurend gehuil op een draagberrie werd afgevoerd, weet u straks (ons geld staat op: zéér kleine kans), maar heel Nederland zal wél snikkend of op zijn minst met vochtige ogen aan de buis kleven. Of toch het meer dan een miljoen kijkers dat het programma na vijftien jaar nog steeds aan zich wist te binden. En zéker de vele mensen uit de cultuursector die in één klap hun efficiëntste en invloedrijkste platform kwijt zijn. Met ‘De Wereld Draait Door’ verdwijnt namelijk een instituut en, zoals her en der al werd geschreven, het belangrijkste Nederlandse tv-programma van het lopende millennium. En daar is niet eens een woord van overdreven. DWDD was van alles in één: een actuaprogramma, een muziekshow, een sportprogramma, een talkshow over cultuur en nog veel méér; bij elkaar gehouden, in goeie banen gedwongen, opgezweept en van een fors shot adrenaline en schwung voorzien door ringmeester van Nieuwkerk, ook al bezorgde hij je met zijn verbale mitraillette soms hartritmestoornissen, een presentator, interviewer en debatleider van toch wel uitzonderlijk allooi.

DWDD wist, mede dankzij zijn boegbeeld, de perfecte middenweg te vinden tussen de strakke opbouw die dit soort gevarieerde en proppensvolle programma nodig heeft en de spontaniteit en verrassing van live-tv. Gasten die enthousiast bleken te kunnen vertellen, werd on the spot een vaste rubriek aangeboden, muzikanten die alleen maar voor een gesprekje kwamen, kregen– ‘Spelen!’ - een gitaar, mondharmonica of vingercimbalen in de handen gedrukt en er mocht al eens geïmproviseerd worden. Die combinatie van een ultrastrakke regie (gesprekken mochten geen milliseconde te lang duren) en lichte anarchie maakte het nog net dat ene tikje spannender. Als alles perfect in elkaar klikte, resulteerde het in een swingend, snedig, informatief, grappig en vooral ook onheus entertainend programma, en niet zelden het wervelendste dat er op televisie te zien viel. En ook al lukte het onvermijdelijk niet altijd, onder de oppervlakte voelde je altijd de wil, de brandende ambitie en de hartstocht om elke keer weer keihard te knallen. Van hoeveel tv-programma’s kan je dat nog zeggen?

Alle middelen en verhoudingen in acht genomen, DWDD verhield zich tot – zaliger gedachtenis – pakweg ‘Van Gils en gasten’ als een opwindende rockshow tot een reumatisch voorbijsjokkende en naar een streekbier snakkende dorpsfanfare. ‘De Laatste Show’ kwam in zijn beste momenten, voor zover we ons die nog kunnen herinneren, misschien in de buurt, maar ook niet meer dan dat.

Zelfs met het onafwendbare einde in zicht (van Nieuwkerk kondigde half februari al aan dat het programma zou stoppen) en in de huidige onvoorziene ondankbare omstandigheden bleef DWDD geïnspireerd uit de hoek komen: Bekende Nederlanders werden gevraagd tv-programma’s te selecteren voor het laat op de avond uitgezonden ‘Troost TV’, het studiopodium – waar zowel Queens Of Stone Age als Gerard Joling welkom waren, zij het gelukkig niet sàmen – werd als hart onder de riem voor het momenteel werkloze leger muzikanten omgedoopt tot ‘Podium van de Gedeelde Smart’, en er werd discreet en niet meer dan strikt noodzakelijk op de rijke geschiedenis van het programma teruggeblikt. Bij het zien van al die oude beelden begon je, alle grote en kleine ergernissen ten spijt, het programma meteen al te missen.

En, jazeker, de laatste jaren was, kan ook niet anders na vijftien seizoenen, de snee er soms wat af en begonnen, zelfs voor occasionele kijkers zoals wij, de tics van van Nieuwkerk – die rare half ineengedoken houding, die enthousiaste ‘Aan tafel!’, het soms naar het dweperige neigende toontje, en hoe vaak per minuut kan je ‘jongens!’ roepen? – weleens op de zenuwen te werken en de praatjes van het vaste kringetje gasten uit enkele straten in de grachtengordel kenden we op den duur wel, maar telkens keerde je vroeg of laat weer naar het programma naar terug: voor de analyses van de internationale politiek, voor Willy in ‘Lucky TV’, voor De Jakhalzen, voor het boekenpanel, voor de mooie en soms gedurfde thema-uitzendingen, voor aanstekelijk enthousiaste professoren als Herman Pleij, Robbert Dijkgraaf of Erik Scherder, voor huiszanger Henny Vrienten, voor stunts als de integraal live in de studio nagespeelde Live Aid-show van Queen, voor aparte duetten en artiesten die – altijd blij dat ze nog eens op bezoek kwamen - bijzondere versies van eigen en andermans nummers brachten, voor het op prettige (en in Nederland destijds zelfs ongehoorde) wijze door elkaar lopen en waar mogelijk combineren van hoge en lage cultuur, van elitair en populair, van werelden, genres en mensen die eigenlijk om geen enkele reden van elkaar gescheiden hoeven te zijn. Voor zoals, deze week nog, een live-uitvoering, door enkele klassebakken van het Concertgebouw Chamber Orchestra, ‘Erbarme dich, mein Gott’, een van de mooiste dingen die ooit aan een mensenziel zijn ontsnapt.

Het is DWDD helaas niet vergund geweest om met een knal van jewelste, begeleid door een passend glorieus spetterend vuurwerk, van de buis te verdwijnen en tv-geschiedenis te worden. Het programma is, bijna geruisloos, als een nachtkaars voor een open raam uitgegaan, maar de stilte die erop volgt, ook in veel huiskamers aan deze kant van de met containers afgesloten grens, is even oorverdovend.

 Verder: ook van hieruit, een welgemeende dankuwel!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234