'DJANGO UNCHAINED' Beeld IMDB
'DJANGO UNCHAINED'Beeld IMDB

FILM★★★½☆

‘Django Unchained’ is een galafeest, maar het vuurwerk is donker en wrang

De begingeneriek: zeven slaven, onder wie de onfortuinlijke Django (Jamie Foxx), strompelen als aan elkaar geketende ganzen door de woestijn terwijl het epische, uit volle borst gezongen, uit de originele ‘Django’ (1966) geripte titelnummer van Luis Bacalov uit de luidsprekers schalt (‘Oooooh Djangoooooooo!’).

De eerste scène: twee boosaardige slavendrijvers worden tijdens een schitterende nachtelijke confrontatie in een geheimzinnig woud bijna letterlijk dóódgepraat door de als tandarts vermomde premiejager Dr. King Schultz (Christoph Waltz).

Pief, poef, paf, wow: de nieuwe van Quentin Tarantino is nog geen tien minuten bezig en dat zalige, om de drie jaar terugkerende, van ‘Kill Bill’ en ‘Inglourious Basterds’ gekende Tarantinogevoel laait al huizenhoog op – en je weet, tot in je diepste vezels, dat je alweer in een onversneden filmfeestje bent beland, in een heerlijk entertainende western die je weer eens doet beseffen wat voor een elektriserende en opwindende plek de donkere zaal kan zijn.

toch bijna: ‘Django Unchained’ is – ondanks het genot, de vreugde en de wakkerheid die we honderdzesenzestig minuten lang mochten ervaren – níét de allerbeste Tarantino die we gezien hebben.

Tarantino die een western maakt: het stond in de cactussen geschreven dat ons een gloeiend knalfuifje stond te wachten. Uitzinnig geweld, zwierige dialogen, vorstelijke deuntjes van Ennio Morricone, verrassende gastoptredens van goed geconserveerde hasbeens (Don Johnson! James Remar! Bruce Dern!): alle vertrouwde Tarantinisms zijn van de partij.

En humor! In één van de grappigste scènes die The Big T. ooit heeft geschreven staan enkele leden van de Ku Klux Klan te jammeren dat ze niks kunnen zien door de slecht geplaatste gaten die iemand in hun belachelijke maskers heeft geknipt: zelden zo hard gelachen.

En ook het filmische meesterschap van Tarantino blijft, zelfs na zeven films, opzien baren. Zijn shootouts, bloediger dan ooit, verschaffen je zoals steeds een soort visceraal ‘Wooooow!’-genoegen, maar het puikste shot is wat ons betreft een simpele maar welberaamde close-up van een hand die het schuim van een pint bier afroomt: alleen een meester als Tarantino denkt eraan om zijn film te verrijken met dit soort geweldige details.

En opnieuw laat Tarantino zich kennen als een fantastische acteurscoach: Foxx acteert met ingetogen kracht, Waltz walst als een melancholische koning door het verhaal, en Leonardo DiCaprio is angstaanjagend goed als de sadistische plantagekeizer Calvin Candie (let op het tikken van de wandklok tijdens de nu al legendarische doodskopmonoloog!).

De koudste rillingen kregen we evenwel van de priemende ogen van Samuel L. Jackson, die in ‘Django Unchained’ de gedurfde (om maar niet te zeggen: taboedoorbrekende) rol speelt van een huisneger bij wie de perverse meester-slaafpsychologie er zó diep zit ingebeiteld, dat hij er niet voor terugdeinst om zijn eigen broeders finaal de grond in te trappen. Wat een acteur.

O ja: enkele Amerikaanse critici hebben Tarantino intussen aan het kruis genageld omdat hij de horror van de slavernij alleen maar zou gebruiken als een soort gimmick in zijn bijeengefantaseerde universum, net zoals hij deed met het nazisme in ‘Inglourious Basterds’.

Wij daarentegen meenden in ‘Django Unchained’ een oprechte woede, een ironievrije verontwaardiging en zelfs een zeker schuldgevoel te detecteren (Schultz: ‘I feel guilty, still’). Ja, ‘Django’ is een galafeest, maar het vuurwerk is donker en wrang.

Waarom dan toch niet de volle pot van vier sterren? Omdat de Tarantinisms waarover we het al eerder hadden stilaan een zegen én een vloek beginnen te vormen. Tarantino kán het eenvoudigweg niet laten om Tarantino uit te hangen; hij kàn het niet laten om zijn liefde voor de exploitationcinema uit de jaren zeventig bot te vieren; maar het gevolg is wél dat hij creatief langzaam aan op een dood punt dreigt te belanden.

‘I couldn’t resist it’, horen we Doc Schultz zeggen vlak nadat hij het vuur heeft geopend, maar eigenlijk is het Tarantino die spreekt. De cineast heeft het deze keer soms ook moeilijk om het momentum vast te houden, en de lang uitgesponnen monologen van Christoph Waltz halen af en toe de vaart uit het verhaal.

Zou het kunnen dat de plotse dood van Sally Menke, zijn trouwe monteuse, Tarantino letterlijk en figuurlijk uit zijn ritme heeft gegooid? ‘Django Unchained’ had in ieder geval de magische touch van Menke kunnen gebruiken.

De vraag rijst ook: wat nu, Quentin? Ga je écht ‘Inglourious Basterds II’ maken? Ga je volharden, of ga je je herbronnen? Ga je ons stilaan beginnen te vervelen, of ga je ons nog één keer verbijsteren? Wij gokken – gezien ‘s mans weergaloze talent - op het laatste.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234