‘Emily in Paris’Beeld Netflix

Televisie☆☆☆☆☆

‘Emily in Paris’ op Netflix: tien ellendige afleveringen vol pijnlijke grappen

Met uitzondering misschien van de filmpjes met Donald Trump na zijn ontslag uit het ziekenhuis heeft er de afgelopen week niets zoveel haat en hoongelach over zich heen gekregen als ‘Emily in Paris’, de nieuwe lichtvoetige dramareeks van de bedenker van ‘Sex & The City’. Helaas terecht.

De baas van Emily Cooper staat op het punt om naar Parijs te vliegen en de marketingafdeling van een lokaal reclamebureau over te nemen als ze onverwacht zwanger blijkt te zijn. Aangezien, zoals iedereen weet, de Franse hoofdstad kampt met een nijpend gebrek aan goede gynaecologen, geeft ze Emily - gespeeld door Lily Collins, dochter van Phil, bedenker van de beroemdste drumbreak aller tijden - de opdracht om haar plaats in te nemen. Haar nieuwe collega’s ontvangen de jongedame met nauwelijks verholen misprijzen en vijandigheid, en niet alleen omdat ze geen woord Frans praat. De Fransozen zijn ook bang dat de vinnige Amerikaanse een eind wil maken aan hun fijne werkritme, waarin ze de vrijheid hebben om laat aan te komen op bureau, vroeg en lang te gaan lunchen, en mooi op tijd te vertrekken zodat ze op weg naar huis eerst nog even kunnen passeren bij hun maîtresse.

Het beeld van de Fransen dat in ‘Emily in Paris’ wordt opgehangen, heeft om begrijpelijke redenen de toorn van kijkers en critici in het land gewekt. Volgens de scenaristen zijn onze zuiderburen lui en gemeen - al kunnen ze wel zo goed als allemaal Engels en zijn ze vriendelijk genoeg om de taal te spreken in het bijzijn van Emily - en ook onbetrouwbaar, seksistisch en zo verslaafd aan roken dat ze zelfs voor de ingang van de fitness blijven paffen. Positief dan weer is dat Parijs er op elk moment van de dag uitziet als een ansichtkaart, de croissants en ‘pains aux chocolat’ nergens beter smaken en de inwoners zo graag en zo veel drinken dat er zoiets als ‘ontbijtwijn’ bestaat. Kortom, er is geen enkel cliché over Frankrijk dat niet de revue passeert, behalve dan - neen, dat trauma is nog stééds niet verwerkt - dat het lafaards zijn op een voetbalveld.

Aan de andere kant komen ook de Amerikanen, verpersoonlijkt door Emily Cooper, er bekaaid vanaf. Ze zijn luidruchtig - ‘Waarom roep je zo?’, vraagt een Fransman tijdens de eerste vergadering aan Emily -, oppervlakkig en hebben nauwelijks interesse in andere culturen, behalve dan als het over iets gaat waar je makkelijk een ‘caption’ op Instagram bij kunt verzinnen. Eigenlijk lijkt het alsof een Amerikaanse scenarist elk vooroordeel over de Fransen heeft genoteerd, en daarna een Franse schrijver de gemiddelde Amerikaan mocht typeren. De tonnen clichés over Frankrijk in ‘Emily in Paris’ zijn dan ook minder een teken van vijandigheid tegenover het land, maar een symbool van de gemakzucht en het gebrek aan inspiratie die als een donkere wolk over het hele, tien ellendige afleveringen lange eerste seizoen hangen.

Het belangrijke werk waarvoor Emily de halve wereld rond moest vliegen, beperkt zich in de realiteit  tot het bedenken van reclamecampagnes voor een of ander luxemerk op sociale media - al is dat hier een synoniem voor Instagram -, zodat ze ruim genoeg tijd overhoudt om verzeild te raken in een soort ménage à trois met de knappe kok die onder haar woont. De toon is even luchtig als een meringue, maar telkens als ‘Emily in Paris’ amusant of onderhoudend dreigt te worden, passeert er een scène waarbij je tenen van plaatsvervangende schaamte in een krul schieten - dieptepunt: de discussie over de verschillende kijk van Fransen en Amerikanen op #MeToo - of gaat een grap zo hard de mist in dat je hem zelfs van op een vuurtoren in Bretagne niet meer kunt zien. In één aflevering komen de meeste mopjes, of wat daarvoor door moet gaan, voort uit het feit dat het Franse woord voor ‘haan’ en het Engelse woord voor ‘penis’ hetzelfde klinken: toch de minst verfijnde vorm van humor sinds die keer dat iemand me toonde hoe je op een rekenmachine ‘boobs’ kunt schrijven.

Laat ik als besluit maar, net als in de reeks, even Edith Piaf aanhalen: Je ne regrette rien, behalve dan dat ik ‘Emily in Paris’ heb uitgezeten.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234