TELEVISIE★★★☆☆

‘Eurovision: Europe shine a light’ herinnerde ons aan wat we dit jaar allemaal moesten missen

In niet-pandemische omstandigheden laten we het Eurovisiesongfestival en alle randfestiviteiten waarvan het doorgaans vergezeld gaat met plezier aan ons voorbijgaan, maar omdat er in onze bubbel niks noemenswaardigs gepland stond en we onze gapende zateravond niet opnieuw met de zoveelste middelmatige Netflixreeks wilden verdoen, hadden we ons toch maar eens neergezet voor ‘Eurovision: Europe shine a light’, een Beaujolais van een modaal jaar bij de hand, en een zak confetti en een fleurige boa - op een zonnige ochtend vier uur voor aangeschoven bij de Action – voor wanneer de in sommige kringen geroemde Eurovisiesfeer ons zou bevangen. Die quarantaine doet rare dingen met een mens, ook ver van de rayons met wc-papier.

Omdat het Eurovisiefestival niet kon plaatsvinden – het zou een iets te feestelijke doorstart van de pandemie geweest zijn – en men de fans en artiesten die er al maandenlang naartoe hadden geleefd op wat hun avond moest worden toch iéts wilden bieden, en wellicht ook wel om rellen op straat te vermijden waarbij de social distancing in het gedrang kwam, had de European Broadcasting Union toch maar een vervangshow in elkaar gebokst. Het idee was de inzendingen van de 41 (!) deelnemende landen, sinds de laatste oorlog in de Balkan zijn er blijkbaar weer wat bijgekomen, voor te stellen middels een korte clip, vergezeld van een nog beknoptere videoboodschap. Omdat dit een jubileumeditie had moeten worden – de liedjeswedstrijd bestaat 65 jaar – werden de fragmenten doorsneden met gastoptredens van voormalige winnaars uit alle windstreken die een bijzondere versie van hun eigen of andermans Eurovisiehit ten gehore brachten. Dat betekende meestal dat ze het sober en akoestisch deden, en vooral ook zonder molenwiekende choreografie van enkele vrijwilligers uit de lokale dans- of fitnessclub, maar het zorgde zowaar ook voor mooie momenten: de Nederlandse zangeres Ilse DeLange, een naam in het genre, gaf in het statige decor van het Vredespaleis in Den Haag samen met Michael Schulte, ongetwijfeld ook ergens een naam, in iéts, een verrassende country twang aan ‘Ein bisschen Frieden’, het suikerzoete lied waarmee Nicole in 1982 won, en bijna pakkend was Gali Atari, in 1979 de zangeres van het winnende Milk & Honey, die door een lockdownleeg, maar sfeerrijk verlicht Jeruzalem het zelfs vandaag blijmakend opgewekte ‘Hallelujah’ vertolkte. Een verplicht nummer was dan weer Johnny Logan, de Ier die van het winnen van het songfestival ooit een bijberoep had gemaakt en zich, begeleid door een skypekoor van over de hele wereld door ‘What’s another year’ werkte. Logan had zich voor de gelegenheid in een niet ongevaarlijk strakke glitterbroek gewurmd waarmee je zelfs in sommige niet voor een exclusief heteroseksueel publiek bestemde discotheken beleefd zou worden geweigerd.

Voor de rest herinnerde ‘Eurovision: Europe shine a light’ eraan, alsof het de fans nog eens hard met de neus op de feiten wilde drukken, wat we dit jaar allemaal moesten missen. Tussen de verplichte parade dramatische ballads met eindeloos uitwaaierende refreinen, voornamelijk mannelijke falsetto’s (wie heeft er ooit bedacht dat een slecht nummer béter wordt als je het maar hoog genoeg zingt, en kan hij of zij eventueel berecht worden?), derderangs Justin Timberlakes en Ricky Martins, en een enkele act die ongetwijfeld furore had gemaakt op de Blankenbergse dijk in de gloriejaren van ‘Tien Om Te Zien’, toen iemand als Willy Sommers nog ongestoord voor presentator mocht doorgaan, blonk onmiskenbaar ook enige kwaliteit op: wie geen bewaar maakt tegen enige mediterrane pathos kon alleen maar een goed nummer herkennen in ‘Fai Rumore’ van Diodato, een song die in Italië, waar hij ‘s avonds vanop vele balkons opklonk, ook tot een soort officieuze coronahymne uitgroeide. Had Een Moment kunnen worden. Net als de passage van Daði og Gagnamagnið, een IJslands ensemble, denk aan een mix van Devo en Sparks aangevoerd door een langharige slungel die binnen de milliseconde onze onvoorwaardelijke sympathie had, dat niet alleen van een zeer gezond gevoel voor humor blijk gaf,, maar ook kon bogen op een zeer catchy song, ‘Think About Things’, en een zeer geslaagde act. Kop eraf als u er nog van hoort. Wij vermoeden hetzelfde van Little Big, een Russische grapgroep die naar eigen zeggen zowel door The Prodigy als Mozart muzikaal werd beïnvloed, en in hun thuisland kennelijk een grote naam: het wil dezer dagen niet per se iets zeggen, maar hun clips werden op YouTube samen al meer dan een miljard keer bekeken. En hun song ‘Uno’ had ook alles om een zomerse oorwurm met bijbehorend silly dansje te worden. Het zal voor een andere veel te hete zomer zijn. 

Ons land had dan weer hoge ogen kunnen gooien met ‘Release Me’, een donkere sleper over de dit jaar overleden vader van Alex Callier, en dus nogal een gewaagde keuze. Maar Callier, het mag weleens gezegd, blijft toch een songschrijver van weredformaat. En ook al zal Geike voor ons voor eeuwig de zangeres van Hooverphonic blijven, met Luka Cruysberghs hebben ze opnieuw een keel van grote klasse aangetrokken. 

Hooverphonic was trouwens niet de enige act die een wat minder luchtige toon aansloeg: de Bulgaarse Victoria, van wie we in een introductiefilmpje leerden dat ze op een appartement woont met haar vier honden en een konijn, zong in ‘Tears getting sober’ over  angstgevoelens en depressie en slaagde er wonderbaarlijk genoeg in niet als een Balkanafkooksel van Billie Eilish te klinken. Ene Sandro uit Cyprus had het in ‘Running’ dan weer over neerslachtige buien waarvan hij op zo muzikaal mogelijke wijze poogde weg te rennen en Netta, de exuberante Israelische winnares van 2018, ging vanop haar bed, begeleid door iets draailierachtigs, ook met een droefgeestige ballad de ernstige toer op.

Het Eurovisiesongfestival is duidelijk meer dan een lichtgewicht variétéshow met veel pluimen en decorum, als het dat al ooit is geweest, maar de bedenkelijke, excentrieke of al dan niet bewust koldereske acts – voor een deel van de fans de grootste aantrekkingskracht van de jaarlijkse marathon – waren ook dit jaar ruim vertegenwoordigd. Wat hadden wij bijvoorbeeld graag Go_A in vol ornaat aan het werk gezien, een stel Oekraïense metalmuzikanten die zich om niet meegedeelde redenen tot fluit, trekzak en ander folky instrumentarium hadden bekeerd. Of de Azerbeidzjaanse zangeres Efendi, die voor haar nummer ‘Cleopatra’ in een soort ‘Mad Max’-achtige clip figureerde. Minstens zo spectaculair beloofde het optreden te worden van Athena Manoukian, een dame uit Armenië die voor wat beelden van de uitslaande bosbranden in Australië leken het beste van zichzelf stond te geven. ‘Ariana Grande met minder budget; de koningin van dancing Vampirella die net Beyoncé heeft leeggezogen en een nieuw slachtoffer zoekt,’ omschreef Peter Van de Veire haar treffend in zijn meer dan eens zeer geestige voice-over. De juiste toon vinden bij dit programma is niet zo simpel, maar Van de Veire zit er wel pal op.

Humor, zij het van het onbedoelde type, zat hier en daar ook in de videoboodschappen waarmee de deelnemers zich tot de Eurovisiehongerige wereld richtten. Benny Cristo, het had de naam van een Vlaamse charmezanger kunnen zijn, Europees kampioen jiu-jitsu en tevens de inzending van Tsjechië, gaf ons het volgende enigszins cryptische advies: ‘Mijn boodschap is die van in het vliegtuig: als je anderen wilt helpen: help dan eerst jezelf.’ We kunnen maar hopen dat Benny Cristo zélf wist wat hij daar precies mee bedoelde. En dat we nooit op hetzelfde vliegtuig terechtkomen. Andere spoorden ons dan weer aan vooral de moed erin te houden, te ‘blijven dromen’ en te vertrouwen op de verbindende kracht van muziek, zelfs die van zingende jiujitsuka’s als Benny Cristo, of probeerden ons ervan te overtuigen dat het allemaal wel goed zou komen, als we er maar hard genoeg in geloofden. Wat moét je ook zeggen aan tientallen miljoenen kijkers in 45 landen? Verder was wel leuk om Raymond, de tremologitaar van Hooverphonic, eens iets in zijn beste Engels te horen brabbelen, al kan het ook Georgisch of Wit-Russisch geweest zijn.

Het hoogtepunt van de twee uur durende show, zo benadrukte het presentatietrio iets te vaak, moest een door alle deelnemers gezongen versie van ‘Love Shine A light’ van Katrina & The Waves, de winnaars van 1997, worden, maar dat viel na alle opgepompte verwachtingen wat tegen. Hooverphonic liet overigens – als enige groep in het deelnemersveld – verstek gaan. Omdat Callier het altijd al een ‘kutnummer’ had gevonden, weigerde hij om mee te doen, wat wij toch maar kleintjes vonden. In de geest van het evenement had het geen kwaad gekund even de principiële bezwaren opzij te schuiven. De échte apotheose zat trouwens veel vroeger in de uitzending: een glorieuze versie van ‘Love Shine A Light’ door de muzikanten van het Rotterdams Philharmonisch Orkest, allemaal vanuit hun huiskamer maar wel opgekleed, begeleid door beelden van bekende monumenten in de deelnemende landen die plots in feeëriek licht werden gestoken. Even klonk ‘Love Shine A Light’ als een alternatief ‘Ode an die Freude’, kutnummer of niet. 

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234