null Beeld Reporters / Splash
Beeld Reporters / Splash

film★★☆☆☆

‘Le dernier mercenaire’ monteert de flitsende energie van JCVD helaas kapot

Wie kleeft daar in de openingsscène van ‘Le dernier mercenaire’ in een tochtig gebouw in Ulaanbaatar – wat heeft de hoofdstad van Mongolië toch een schitterende naam - als een vleermuis tegen het plafond, klaar om in de nek te vallen van twee zwaarbewapende booswichten die geen flauw idee hebben van het gevaar dat hen boven het hoofd hangt? ‘t Is gadverkickboxdamme Jean-Claude Van Damme, de enige Belg ter wereld die bij machte is om met één goedgemikte front kick een neushoorn neer te maaien. De volmaakt beheerste manier waarop JCVD hoog tegen dat plafond zijn epische split uitvoert bezorgde ons in één directe stoot een nostalgische brok in de keel, en dat zeggen we níet alleen omdat Van Damme ons jaren geleden tijdens een interview in Knokke (waar anders?) de eer verleende om Zijn Linkerschouder te betasten.

Men kan veel zeggen over Van Damme - bijvoorbeeld dat hij als actieheld in Hollywood nooit de status heeft bereikt van Bruce Willis, Arnold Schwarzenegger of Sylvester Stallone, of dat hij als vechtkunstenaar nog niet aan de voetpezen reikt van Bruce Lee of Jackie Chan, of dat hij als acteur nog niet eens in de schaduw zou mogen staan van Marlon Brando. Allemaal waar, maar daarnaast dient men óók te erkennen dat Van Damme in de jaren 70, 80 en 90 wel dégelijk iets betekende – eerst als karatekampioen in eigen land, daarna als actieheld in vintage knokfilms als ‘Kickboxer’, ‘Bloodsport’ en ‘Double Impact’; films die dankzij Van Damme en zijn originele combattechnieken (zijn epische split, zijn beruchte double kickings, zijn legendarische helicopter kick) terecht hun plekje in de filmgeschiedenis hebben verdiend, zelfs al bevindt dat plekje zich in de onderste rekken van de videotheek of in de diepste krochten van de streamingdiensten.

En nu heeft hij op z’n zestigste, na een carrière van enkele mooie pieken en vele diepe dalen (cokeverslavingen, echtscheidingen, depressies, commerciële flops), toch maar weer mooi de hoofdrol te pakken in een film op Netflix, iets wat van Chuck Norris, Dolph Lundgren of Steven Seagall voorlopig niet kan worden gezegd. Leuk detail: op het moment dat de bebaarde smoel van de tegen het plafond plakkende Van Damme voor het eerst in close up in beeld verschijnt, horen we enkele noten muziek die verdacht goed lijken – het woord plagiaat schoot ons te binnen - op het begin van het ‘Force Theme’ van John Williams uit ‘Star Wars’. ‘t Is alsof de makers willen suggereren dat Van Damme na decennia van doorgedreven wilskrachttrainingen tegenwoordig de zenboeddhistische status heeft bereikt van een ouder wordende Jedi-ridder: Obi-Wan Van Damme.

Van Damme speelt een huurling – zo één die doorheen een dikke muur het verschil kan ruiken tussen C-12 en C-54-explosieven – die naar Parijs terugkeert om zijn door de Staatsveiligheid belaagde zoon uit de nood te helpen. Klinkt goed, maar zodra Van Damme zich van dat plafond losmaakt, begint er jammer genoeg een film die meer weg heeft van een ijskoude douche dan van een opstoot van fun. De regisseur, ene David Charhon, kwam immers op het onzalige idee om Van Damme de hoofdrol te geven in een typische Franse klucht zoals ze in de jaren 70 werden gemaakt. Tijdens een auto-achtervolging zit de acteur die de zoon vertolkt de hele tijd met een irritant hoog stemmetje ‘Ik wil niet dóóóóóód!’ te gillen, na een botsing gaat de nummerplaat van het autootje in closeup ostentatief scheefhangen, en wanneer iemand in z’n onderbroek op een trottinette rakelings langs de drukke terrassen van Parijs zoeft, zien we hoe de obers geschrokken hun dienbladen omhoog smijten. Dat soort kolder. Eigenlijk is Van Damme de enige van de overdreven gesticulerende cast die zijn rol min of meer straight blijft spelen, zélfs wanneer hij zich vermomt als conciërge en in een blauwe stofjas en met ‘n pet op de kruin de vuilnisbakken gaat buitenzetten.

Actiehelden en comedy: wie terugdenkt aan de komedies met Arnold Schwarzenegger, wéét dat die combinatie gedoemd is om te mislukken. Maar de knokpartijen mogen er dan toch wezen, nee? Nee. En dát is misschien nog de grootste teleurstelling: omdat zijn moves tijdens de miserabel in beeld gebrachte knokscènes letterlijk kapot worden gemonteerd, valt er in ‘Le dernier mercenaire’ niets terug te vinden van de flitsende energie die Van Damme vroeger altijd in zijn duels wist te leggen. De hardnekkigste fans zullen ons nu wellicht een knietje willen geven, maar we moeten eerlijk blijven: de Van Damme uit ‘Le dernier mercenaire’ verhoudt zich tot de Van Damme uit ‘Bloodsport’ zoals de Las Vegas-Elvis tot de Elvis van ‘Hound Dog’. De ontgoocheling snijdt even diep als een leverstoot.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234