Les aventures de Rabbi JacobBeeld x

FILMRewatch

Mogen we nog lachen met ‘Les Aventures de Rabbi Jacob’?

De hetze rond de carnavalsstoet in Aalst roept ultraprangende vragen op. Bijvoorbeeld: mogen we anno 2020 nog lachen met ‘Les Aventures de Rabbi Jacob’, de klassieker waarin Louis de Funès in een zwart gewaad en met gigantische pijpenkrullen staat te dansen in de straten van Parijs? Onze Man onderwierp de klucht van Gérard Oury uit 1973 aan een rewatch.

Nu het antisemitisme overal opnieuw toeneemt, is het géén goed idee om in een carnavalsstoet joodse poppen op te voeren, zo zeggen sommigen. Maar in 1973, toen ‘Les Aventures de Rabbi Jacob’ in de bioscopen uitkwam, was de situatie in de wereld véél explosiever dan nu. Het Israëlisch-Palestijnse conflict laaide vervaarlijk hoog op; de Jom Kippoer-oorlog barstte los; Arabische terroristen kaapten het ene passagiersvliegtuig na het andere; het gruwelijke gijzelingsdrama op de Olympische Spelen in Müchen, in 2005 schitterend verfilmd door Steven Spielberg, lag nog kakelvers in het geheugen. Te midden van dat sissende kruitvat kwam Gérard Oury, de maker van het dolkomische ‘La Grande Vadrouille’, aanzetten met een klucht waarin Louis de Funès de helft van de tijd met een zwarte hoed en pijpenkrullen rondstuift. Het lef! De durf! De vermetelheid! En de Funès was niet eens afkomstig van Aalst! 

De mensen gingen in dichte drommen kijken en lachten zich massaal te pletter, maar kunnen we de avonturen van Rabbi Jacob anno 2020 nog wel grappig noemen? Nou! De hilarische scène waarin de industrieel Victor Pivert (de Funès blijft ook vandaag nog een fenomeen: elk spiertje in zijn oncontroleerbare smoel lijkt een eigen spastisch leven te leiden) in zijn eigen kauwgomfabriek in een kuip vol groene, plakkerige, vloeibare gom tuimelt, is nog maar het begin van een reeks kauwgomgrappen die ons deden schateren van het lachen. Maar de fun begint pas écht wanneer Pivert verandert in rabbi Jacob. Om een chaotisch, krankzinnig en compleet van de pot gerukt verhaal kort te maken: ten einde te kunnen ontsnappen aan enkele boosaardige Arabische verzetslui, vermomt Pivert zich in de toiletten van de luchthaven van Orly als rabbi. Het begin van een sliert misplaatste grappen en grollen? Integendeel! Wie ‘Les Aventures de Rabbi Jacob’ onbevangen bekijkt, zal merken dat Oury niet de spot zit te drijven met de joodse gemeenschap, maar met... de racisten onder ons! In de eerste helft, voor hij die zwarte hoed en die pijpenkrullen opzet, leren we Pivert immers kennen als een onversneden racist die zich voor het hoofd slaat wanneer hij ontdekt dat zijn chauffeur een jood is, die welhaast ontploft wanneer hij ziet hoe een blanke man in het huwelijk treedt met een zwart meisje, en die er zich luidkeels over beklaagt dat de Franse snelwegen vol buitenlanders zitten (‘Nou zitten we nog achter een Belg ook!’). Kortom: niet rabbi Jacob is hier het mikpunt van spot, maar Pivert zélf, de blanke racist. 

Het mooie aan ‘Les Aventures de Rabbi Jacob’ is dan ook dat we Pivert doorheen de gags van een onverdraagzame klootzak zien evolueren tot een sympathieke knar die zijn racistische houding als een stinkend slangenvel van zich afwerpt. En dit was zoals Oury, zelf van joodse komaf, het indertijd ook uitdrukkelijk bedoelde. Op het moment dat het conflict tussen de Israëli’s en de Palestijnen naar een kookpunt ging, beoogde hij een film te maken waarin niemand werd geschoffeerd of te kijk werd gezet, maar waarin net een vrolijk pleidooi zat vervat voor vrede, verdraagzaamheid en verbroedering. Het meest cruciale beeld van de hele film zit wat dat betreft dicht tegen het einde, wanneer Oury kort maar krachtig inzoomt op de warme handdruk tussen Slimane, de Arabier, en Salomon, de joodse chauffeur. In het huidige klimaat van polarisering en onbeschaamde haatpraat heeft dat ene beeld van die handdruk tussen twee tegenstanders zowaar iets gedurfds. Overigens blijkt uit diverse scènes dat Oury donders goed wist waar de grenzen van de spot liggen. Het moment waarop de jonge David tijdens zijn bar mitswa in de synagoge aan de Funès vraagt of hij hem wil zegenen, groeit bijvoorbeeld uit tot een verrassend serieus, mooi, en zelfs ontroerend tafereel. Alsof Oury besefte: ‘Ik heb het recht om iedereen voor paal te zetten, maar nú even niet.’ Heeft u trouwens gezien dat de Funès hier wél met een zwarte hoed en pijpenkrullen rondloopt, maar níet met een grote valse haakneus en níet met zakken vol geld aan zijn voeten? We zitten hier per slot van rekening in een vrolijke Franse komedie, en níet in een spotprent uit de nazistische haatpropaganda. 

Ha! Dus neen, géén omstreden carnavalstoestanden in ‘Les Aventures de Rabbi Jacob’. Hoewel: de volgende keer dat we in de Antwerpse joodse wijk rondwandelen, gaan we het misschien niet kunnen laten om net zoals de Funès eens kwajongensachtig aan een pijpenkrul te trekken. Gewoon om te weten of die pijpenkrullen net zoals in ‘Les Aventures de Rabbi Jacob’ effectief het geluid van een elastiekje maken. Mazzeltov!

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234