null Beeld VTM
Beeld VTM

televisie★★½☆☆

Na ‘Later als ik groot ben’ op VTM weten we niet veel méér over Alexander, en ook niet over De Croo

In ‘Later als ik groot ben’ speelt Eric Goens met zijn praatgasten in de zandbak van hun kindertijd, om daar met zeef in de aanslag te zoeken naar pure klompjes nostalgie, en in het beste geval ontroering: de kinderkamer van ‘Het huis’ verbouwd tot nieuw programma. Plaats van gesprek is in dezen geen villa, maar een doordeweekse Vlaamse basisschool waar zachte tl-lampen hun stinkende best doen om gezelligheid te schijnen: in het geval van Alexander De Croo heet ze De Rijdtmeersen en ligt ze in Brakel.

Alexander De Croo is overlever van een stoet regeringsonderhandelingen en huidig premier van België, maar desondanks blijft zijn 45-jarige jongenskopje veelal ongehavend. Hij is een geschikte gast voor ‘Later als ik groot ben’, te meer omdat zijn vader destijds als niet onopgemerkt politicus zijn zoon opzadelde met een achternaam die naast enig aanzien vooral ook een volle zak verwachtingen met zich meebracht. In die tijd stelde hij zich liever voor als Alexander dan als De Croo.

Als zijn vader hem iets wilde meedelen, dan deed hij dat via het leger mensen in zijn dienst, die zijn ontelbare dictafoonmemo’s uittikten: een zetje van papa, die op gezette tijden liet weten als student een primus inter pares te zijn geweest en er voor zijn kinderen gelijkaardige verwachtingen op na te houden, kreeg bijna altijd de vorm van een stuk papier met de kop ‘nota aan Alexander’. Alexander lijkt eraan terug te denken met het soort licht hoofdschuddende affectie die je bewaart voor je dierbaarsten.

Meester Moelart, de Che Guevarra van Brakel die zedenleer gaf, schopte de kleine De Croo een geweten, botste met diens ouders als het in de jaren 80 over de plaatsing van kernraketten ging, en zag de jongen als een dromerige, verlegen introvert. Dat Alexander dat nog steeds is - en een politicus bovendien - verklaart waarom veel van zijn getuigenissen weinig opzienbarend waren: ze beperkten zich tot een bevestiging van wat andere, interessantere interviewees, zoals zuslief Ariane, over hem zeiden. Van wat hij zelf vertelde, herinner ik me vooral dat zijn moeder ooit een casseroledeksel gebruikte als schild om een barbariegans van haar kuikens te beroven.

Alexander had een metalen lat die veel lawaai maakte wanneer ze tegen de grond kletterde, waardoor het voor zijn klasgenoten een sport werd om ze van nabijgelegen lessenaars een tikje te geven. Het is moeilijk uit zulke, niet door enige inhoud verzwaarde anekdotiek conclusies te trekken over het verdere verloop van Alexanders carrière. En ik kreeg ook maar weinig mee over wat hij toen voélde, wat hem afwisselend stuwde en afremde: je moest het stellen met het beeld van een onconventionele maar verder rustige schooltijd, zonder omwentelingen die nu nog voor deining zouden kunnen zorgen.

Ik had graag Herman De Croo horen vertellen - desnoods had hij ‘t in een uitgeschreven memo kunnen uitleggen - wat hij aan zijn zoon wilde meegeven, en hoe hij op gezette tijden over hem dacht. Maar hij was de schaduw die aldoor bòven de tl-buizen hing. Daaronder bleef het voor mij zo gezellig dat ik niet veel méér weet; niet over Alexander en niet over De Croo.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234